Dossier houtexport 3: Waarom het vonnis in houtdossier ernstige vragen oproept...
Uit het vonnis zelf blijkt dat de rechter op de hoogte was van het kernprobleem: het certificaat dekt de lading niet. Met andere woorden, het gaat niet om een interpretatieverschil of administratieve onvolkomenheid, maar om een objectief onjuist document. Desondanks is de Staat onder dwangsom van SRD 1 miljoen per uur verplicht dit certificaat af te geven.
Dat roept één centrale vraag op:
Waarom heeft de rechter, met volledige kennis van de feiten, toch gekozen voor het laten voortduren van een praktijk die hij wist dat onjuist was?
Fraude die niet plotseling is
De framing dat het optreden van minister Mike Noersalim van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) “plotseling” zou zijn, houdt geen stand. Al in augustus 2022 is door vorige leiding van LVV en de NPPO vastgesteld dat onder de handelsnaam Mora roundlogs structureel andere houtsoorten werden geëxporteerd naar India, in strijd met internationale fytosanitaire regels én de expliciete importvoorwaarden van India. Toch heeft de Staat steeds toegestaan dat de frauduleuze handeling doorging. In oktober 2025 wordt de houtsector meegedeeld dat deze praktijken niet meer zullen worden toegestaan, maar de exporten gingen door zonder dat het benodigde certificaat werd uitgegeven.
Uit interne correspondentie blijkt dat de technische autoriteit (NPPO) zich in augustus 2022 al verzette tegen het afgeven van certificaten voor foutieve ladingen. Een zes maanden durende “grace period”, voorgesteld door de toenmalige leiding van LVV, werd door internationale partners expliciet afgewezen. In een brief van de International Monitoring Team (IMT) wordt door consultant Jeffrey Jones dit ondubbelzinnig gesteld: frauduleuze certificering kent geen overgangsregeling.
Dat betekent dat de praktijk waar nu “nog één keer” ruimte voor wordt gemaakt, al meer dan drie jaar als fout en onhoudbaar bekend is.

Brief van 29 augustus 2022 aan directeur Landbouwkundig Onderzoek, Afzet en verwerking.
Wat de rechter had kúnnen doen – maar niet deed
Juridisch gezien had de rechter meerdere verdedigbare routes:
Handhaving laten prevaleren
De rechter had kunnen vaststellen dat internationale verplichtingen dwingend zijn en dat een nationaal bevel deze niet kan opheffen. In dat geval had hij de vordering tot afgifte van het certificaat kunnen afwijzen.
Schade verleggen naar de juiste plek
De rechter had kunnen oordelen dat eventuele economische schade voortvloeit uit jarenlang falend overheidsbeleid en dat exporteurs hun schade via een civiele procedure op de Staat kunnen verhalen, in plaats van via een foutief certificaat alsnog export mogelijk te maken.
Voorlopige bescherming zonder legalisering
Ook had hij kunnen kiezen voor opschorting van handhaving zonder de Staat te dwingen tot het afgeven van een document waarvan vaststaat dat het onjuist is.
Geen van deze opties is gekozen.
In plaats daarvan heeft de rechter gekozen voor een oplossing die de feitelijke onjuistheid van het certificaat accepteert, onder het argument van onomkeerbare economische schade.

De rechter erkent in zijn beoordeling dat verboden houtsoorten worden verscheept.
Waarom oordeel problematisch is
Met deze keuze verschuift de rechter de last van jarenlang falend bestuur niet naar de Staat, maar naar:
● de technische integriteit van de NPPO;
● de internationale reputatie van Suriname;
● en de relatie met India als importland.
Een fytosanitair certificaat is geen commercieel document, maar een juridisch-internationaal instrument. Het bewust afgeven van een certificaat dat de lading niet dekt, is geen pragmatisme, maar institutionele onwaarheid.
Het signaal dat hiermee wordt afgegeven is gevaarlijk:
● als een praktijk lang genoeg heeft bestaan, kan zij nog één keer worden voortgezet – zelfs wanneer vaststaat dat zij fout is.
India kijkt anders
Waar in Suriname wordt gesproken over “oplossingen” en “overgang”, kijkt India uitsluitend naar compliance. Voor India is dit geen economisch conflict, maar een kwestie van plantgezondheid, biodiversiteit en nationale wetgeving. De Indiase autoriteiten hebben herhaaldelijk duidelijk gemaakt dat:
● handelsnamen niet volstaan;
● alleen de juiste botanische naam is toegestaan;
● en afwijkingen niet worden geaccepteerd, ongeacht interne problemen in het exporterende land.
Een nationaal vonnis verandert daar niets aan.
Geen oplossing, maar uitstel
Het vonnis heeft het probleem niet opgelost, maar vooruitgeschoven. De export is grotendeels on hold, de voorraden stapelen zich op en de internationale druk neemt toe. De kern blijft ongemoeid: structurele non-compliance kan niet worden genormaliseerd door rechterlijk bevel. Exporteurs willen nog steeds doorgaan om hun opgebouwde voorraad onder dezelfde verwerpelijke voorwaarden te exporteren naar India.

De houtexporteurs willen spoedoverleg met LVV om hun voorraden toch nog in India te krijgen.
De vraag is daarom niet of de rechter kon beslissen zoals hij deed.
De vraag is of hij dat had mógen doen, gegeven de feiten die hij zelf vaststelde.
In een rechtsstaat mag recht nooit worden ingeruild voor gemak. Ook niet één keer.
LVV heeft onder protest het vonnis uitgevoerd maar intussen ook hoger beroep aangetekend tegen dit vonnis.
U kunt het vonnis van de rechter hier downloaden.
Lees ook:
● Tegenreactie: handhaving is geen verrassing, maar rechtszekerheid evenmin onderhandelbaar
● Dossier houtexport 1: Certificaat onder protest: LVV vecht rechterlijk bevel aan
● Dossier houtexport 2: Dossier houtexport 2: Niet plotseling, maar te laat
Documenten:
Vandaag
-
08:48
ExxonMobil noemt Venezuela 'niet investeerbaar'
-
06:51
Bouva: diplomatie moet tastbare resultaten opleveren voor Suriname
-
04:55
Zon, bewolking en regen
-
02:57
Het Venezolaanse leger heeft de sleutel tot de toekomst van het land in handen
-
00:58
Universiteitsinstituut Kinderrechten lanceert folder bescherming van kinderen
-
00:00
Dossier houtexport 3: Waarom het vonnis in houtdossier ernstige vragen oproept...
Gisteren
- PAHO waarschuwt voor gelijktijdige circulatie van griep en RSV in Amerika’s
- President en minister terug; kosten betaald door HIC
- Meerhoofdig bestuur: wanneer zelfbelang wordt verkocht als hervorming
- Ronald Venetiaan krijgt postuum de Power Person Award 2025
- 10 januari: erkenning vraagt daden, geen woorden
- Politiebericht over frontale aanrijding Martin Luther Kingweg
- VS en China balanceren om controle over Venezolaanse olie
- Gewapende criminelen slaan toe bij YAD-waterfabriek aan Indira Gandhiweg
- Schoten gelost bij woningoverval; twee slachtoffers gewond
- Etniciteit: een ware blokkade voor nationale ontwikkeling
- Auto-expert Pherai waarschuwt: Suriname nog niet klaar voor elektrische voertuigen
- Wisselvallig weer voorspeld
- ISOS bespreekt knelpunten en samenwerking rond speciale hulpvragen
- Chinese, Russische en Iraanse oorlogsschepen in Zuid-Afrika voor oefeningen
- Dossier houtexport 2: Niet plotseling, maar te laat
- Dossier houtexport 1: Certificaat onder protest: LVV vecht rechterlijk bevel aan
Eergisteren
- Tegenreactie: handhaving is geen verrassing, maar rechtszekerheid evenmin onderhandelbaar
- VS onderschept tanker Olina in Caribisch gebied
- Nieuwe ambassadeurs, oude reflexen; juiste moment om diplomatie te herijken
- Roversbende aangehouden na gezamenlijke actie politiediensten
- Dodelijke aanrijding op Martin Luther Kingweg
- Iran sluit internet tijdens groeiende protesten en onrust
- Rusland bekijkt waterproblematiek Djoelstraat ter plaatse
- Verdere behandeling strafzaak eigenaar Hook and Catch op 22 januari
- Nederland gaat voor zeldzame minderheidscoalitie
- EU zet na 25 jaar door voor recordhandelsakkoord met Zuid-Amerika
- VS richt zich op Venezolaanse olie als strategische troef
- Schrijfster Astrid Roemer overleden
- Drie jaar geëist tegen stiefvader voor jarenlang seksueel misbruik stiefdochter
- Zonnige perioden afgewisseld met regen
- Senaat beperkt Trumps militaire acties in Venezuela
- Column: Wanneer geld het recht gijzelt
- Internationale spanningen slaan door naar Caribisch gebied; Suriname kwetsbaar