Een reiziger met de paspoort klaar om zich aan te melden. (Foto's: Valerie Fris)
Het onderwijs in Suriname is niet voorbereid op de komst van Cubaanse kinderen die grotendeels zonder verblijfsdocumenten in Suriname wonen en thuis uitsluitend Spaans spreken. Sinds 2020 kwamen netto ruim 40 duizend Cubanen naar Suriname, maar door het ontbreken van registratie is onduidelijk hoeveel schoolgaande kinderen dit betreft. Zeker is dat onderwijs aan Spaanstalige kinderen “een uitdaging” vormt, onderstreept Merredith Hoogdorp, leerkracht op een basisschool en bestuurslid van de vakbond Wi Sa Strei.

door: Valerie Fris

“Een van de eerste uitdagingen is in welke klas zo’n kind wordt geplaatst”, zegt zij. Omdat de meeste ouders, en dus ook de kinderen, geen documenten kunnen overleggen, worden de kinderen “gewoon” in een klas geplaatst. Hoogdorp haalt het voorbeeld aan van een 15-jarige jongen die in de vijfde klas, oftewel het zevende leerjaar, is geplaatst, terwijl zijn klasgenoten allemaal 9 en 10 jaar oud zijn.

“Wat het voor ons leerkrachten heel frustrerend maakt, is dat Cubaanse kinderen over het algemeen weigeren om de Nederlandse taal te leren. Ik heb van alles gedaan om deze leerling enkele woorden aan te leren, maar hij bleef mij gewoon aanstaren”, beschrijft zij de situatie. Inmiddels is deze leerling al een keer blijven zitten, omdat hij alleen met het vak rekenen meedoet.

Op andere scholen wordt actief geprobeerd de Cubaanse leerlingen bij de lessen te betrekken. Volgens een leerkracht op een school voor Algemeen Vormend Onderwijs in Paramaribo-Noord vertalen leerkrachten daar de leerstof naar het Spaans en worden repetities eveneens in het Spaans opgesteld. Dat dit extra inspanning vergt, nemen de leerkrachten voor lief.

“Ik vind dat het ministerie van Onderwijs een andere aanpak moet hanteren”, zegt Hoogdorp. Volgens haar is het inkomen van leerkrachten “al niet voldoende” en worden zij niet betaald om extra inspanningen te leveren door leerstof te vertalen naar het Spaans of zelf Spaans te leren.

Mede als reactie hierop is recent de Educational Center – Reparador de Sueños School geopend, die mogelijkheden biedt voor basisonderwijs aan voornamelijk Spaanstalige kinderen. Volgens directeur Lyolexis Vázquez komt de grootste groep leerlingen uit Cuba en Venezuela. Ook uit de Dominicaanse Republiek, Colombia en Peru staan leerlingen ingeschreven.

Momenteel volgen bijna honderd kinderen in de leeftijd van 3 tot en met 13 jaar onderwijs op de school. De school is geaccrediteerd door het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur en er wordt voornamelijk lesgegeven in het Spaans.

“We verzorgen ook het vak Nederlands en geven eveneens lessen over de geschiedenis en geografie van Suriname”, zegt directeur Vázquez. “De behoefte aan deze school is ontstaan door het onderwijsvacuüm waarmee migrantenfamilies worden geconfronteerd. Omdat Nederlands de officiële onderwijstaal is, ondervinden Spaanstalige kinderen vaak barrières die hun leerproces belemmeren.”

Volgens de directeur biedt de stichting een taalkundige brug, waardoor kinderen hun academische vorming in hun moedertaal kunnen voortzetten en tegelijkertijd geleidelijk kunnen integreren in de Surinaamse samenleving.

Cultuurverschillen

Door de langzame integratie van Cubanen blijft de taalbarrière bestaan. Dat is één van de zaken waar veel Surinamers zich aan storen: veel Cubanen lijken de taal niet te willen leren. “Mi kon dya zeven jaar geleden nanga mi heri familie. Mi ma en pa, vrouw en pikin de na Suriname”, vertelt Jose, een jonge Cubaanse fruitverkoper aan de Tourtonnelaan. Zijn vlotheid in het Sranantongo en Nederlands is opvallend. Hij vormt een uitzondering, maar zeker niet de enige.

Een Cubaanse nagelstyliste in Paramaribo-Noord vertelt bijna in perfect Nederlands dat zij zich “schaamt voor haar landgenoten”. “Je komt in het huis van Surinamers en weigert hun taal te spreken. Dat kan echt niet”, zegt zij over haar landgenoten. Door onbegrip kunnen kleine cultuurverschillen uitvergroot worden. “Ze zijn gewend om na hun toiletbezoek het papier in een vuilnisbak te gooien, terwijl wij Surinamers het doorspoelen”, vertelt een Surinaamse onderneemster aan Starnieuws. Dat dit waarschijnlijk samenhangt met het ontbreken van goede riolering en waterspoeling in Cuba, wordt volgens haar vaak niet begrepen. Het leidt tot irritaties op de werkvloer.

Criminaliteit

Een inburgeringscursus is niet verplicht en Suriname staat als Caricom-land open voor burgers uit andere Caricom-landen. Een duidelijk overheidsbeleid ten aanzien van deze groep, of andere migrantengroepen, ontbreekt. Evenmin bestaat er een volledig overzicht van welke personen het land binnenkomen.

Ook over het aandeel van Cubanen in de criminaliteit bestaat onduidelijkheid. “Drie Cubaanse verdachten kort na gewapende roofoverval bij appartementencomplex aangehouden door RBTP” is één van de recente krantenkoppen. Maar ook: “Surinaamse politie zoekt Cubaanse moordverdachte El Flaco” en “Politie zoekt Cubaanse vrouwen en Surinaamse man in zaak mensenhandel”.

Over exacte cijfers van criminaliteit onder Cubanen beschikt het Korps Politie Suriname echter niet.

Zie ook deel 1

Deze publicatie is mede tot stand gekomen met steun van het Stimuleringsfonds Journalistiek Suriname.