Met meer dan 220 gedode journalisten in Gaza is het Israëlische leger wereldwijd de grootste moordenaar van journalisten. (Beeld: Al Jazeera)
De persvrijheid wereldwijd is gedaald naar het laagste niveau in een kwart eeuw, waarschuwt de toonaangevende ngo Reporters Without Borders (RSF). In hun jaarlijkse World Press Freedom Index, waarin 180 landen worden beoordeeld, blijkt dat persvrijheid steeds vaker wordt gecriminaliseerd en journalisten wereldwijd onder toenemende druk staan.

Voor het eerst sinds de start van de ranglijst in 2002 vallen meer dan de helft van de landen in de categorieën “moeilijk” of “zeer ernstig” wat betreft persvrijheid. RSF spreekt van een alarmerende trend waarin journalistiek wereldwijd steeds vaker als misdaad wordt gezien.

De top van de index wordt gedomineerd door Noord-Europese landen, met Noorwegen, Nederland en Estland op de eerste plaatsen. Frankrijk staat op plaats 25 met een “bevredigende” score. De Verenigde Staten staan op plaats 64, wat “problematisch” is en een daling van zeven plaatsen sinds het aantreden van president Donald Trump.

Suriname staat op plaats 34, gekenmerkt als een land met "relatief veel" persvrijheid, maar met duidelijke uitdagingen. Journalisten in Suriname ervaren regelmatig druk en intimidatie, vooral bij het kritisch rapporteren over de politiek en corruptie. Recente gevallen van juridische acties tegen media en journalisten die overheidsfunctionarissen kritisch belichten, illustreren de kwetsbaarheid van de pers in het land. Vorig jaar stond Suriname nog op de 32e plaats en het jaar daarvoor op 28. 

Trinidad en Tobago staat zelfs op de 19e plaats, wat het een van de landen met de beste persvrijheid in het Caribisch gebied maakt. Toch zijn er ook hier zorgen over politieke druk en economische belangen die invloed kunnen hebben op onafhankelijke berichtgeving en de veiligheid van journalisten.

Guyana, op plaats 73, kampt eveneens met problemen rond politieke beïnvloeding en beperkingen op de media. Er zijn meldingen van bedreigingen tegen onafhankelijke journalisten en pogingen om mediaorganisaties te censureren, vooral rond verkiezingstijd en politieke schandalen. Dit belemmert de vrije informatiestroom en het publiek debat.

Andere landen in het Caribisch gebied, zoals Barbados (plaats rond 40-50), scoren ook relatief goed, maar landen als Jamaica en Haïti kampen met ernstige problemen. In Haïti is de persvrijheid ernstig bedreigd door geweld tegen journalisten en het ontbreken van effectieve rechtsbescherming. Journalisten in Jamaica worden eveneens geconfronteerd met bedreigingen, vooral bij het verslaan van georganiseerde misdaad en corruptie.

Regionale en wereldwijde ontwikkelingen
RSF wijst op dramatische dalingen in landen als Argentinië (plaats 98, een val van 11 plekken) en El Salvador (plaats 143, een val van 105 plekken sinds 2014), waar politieke onrust en geweld tegen journalisten toenemen.

De ngo noemt Oost-Europa en het Midden-Oosten als de gevaarlijkste regio’s voor journalisten, met Rusland (plaats 172) en Iran (plaats 177) in de onderste tien. Ook Israël staat op de 116e plaats en wordt bekritiseerd vanwege aanvallen op journalisten in Gaza, de Westelijke Jordaanoever en Libanon.

Sinds oktober 2023 zijn meer dan 220 journalisten gedood in Gaza door het Israëlische leger, waaronder minstens 70 die tijdens hun werk werden getroffen, aldus RSF.

Criminalisering journalistiek

RSF benadrukt dat meer dan 60 procent van de landen (110 van de 180) journalisten op diverse manieren criminaliseert. Dit gebeurt onder meer via misbruik van noodwetgeving en beperkingen op de persvrijheid. Voorbeelden zijn India (plaats 157), Egypte (169), Georgië (135), Turkije (163) en Hongkong (140).

Anne Bocande, hoofdredacteur van RSF, wijt de wereldwijde teruggang in persvrijheid aan autoritaire regeringen, politieke incompetentie, economische belangen en onvoldoende regulering van online platformen.

Zij roept democratische overheden en burgers op om meer te doen om de criminalisering van journalisten te stoppen, met stevige garanties en betekenisvolle sancties. “De huidige beschermingsmechanismen zijn onvoldoende, het internationale recht wordt ondermijnd en straffeloosheid is wijdverbreid,” waarschuwde zij. “Niets doen is een vorm van instemming. De verspreiding van autoritarisme is niet onvermijdelijk.”