Minister Harish Monorath van Justitie & Politie
Het Korps Politie Suriname beschikt momenteel over slechts 43 buurtmanagers, terwijl er volgens minister van Justitie en Politie Harish Monorath direct behoefte is aan zestig. Door een tekort aan personeel zijn bovendien enkele buurtmanagers overgeplaatst naar andere afdelingen. Het programma wordt daarom momenteel opnieuw geëvalueerd.

De minister gaf deze toelichting vandaag in De Nationale Assemblee naar aanleiding van een vraag van Steven Reyme van A30 over de bereikbaarheid en het functioneren van buurtmanagers. Zij bracht onder de aandacht dat vooral seniorenburgers behoefte hebben aan meer contact met de politie in hun woonomgeving.

Reyme vertelde dat hij onlangs langdurig had gesproken met een seniorenburger die had geklaagd over de verminderde communicatie tussen buurtbewoners en buurtmanagers. Volgens hem waren buurtmanagers in het verleden veel zichtbaarder en onderhielden zij regelmatig contact met de samenleving. Zij pleitte ervoor deze communicatie nieuw leven in te blazen, zodat vooral ouderen die overdag alleen thuis zijn weten bij wie zij terechtkunnen wanneer zich problemen voordoen.

Minister Monorath erkende dat er een tekort is aan buurtmanagers. Volgens hem zijn van de benodigde zestig momenteel slechts 43 beschikbaar. Door de beperkte personele en financiële middelen zijn enkele buurtmanagers bovendien ingezet op andere afdelingen binnen het Korps Politie Suriname. Ook de bereikbaarheid van de buurtmanagers heeft volgens hem de nodige uitdagingen gekend.

Om die reden wordt het buurtmanagerprogramma momenteel opnieuw geëvalueerd. Daarnaast heeft de minister de basispolitie opgedragen zichtbaarder aanwezig te zijn in de buurten en het contact met de samenleving te versterken, ondanks de beperkte beschikbaarheid van voertuigen en andere middelen. Speciale aandacht moet daarbij uitgaan naar kwetsbare groepen, waaronder ouderen en jongeren.

De minister gaf aan dat de politie zich blijft inzetten om de relatie met de samenleving te verbeteren, maar benadrukte dat daarvoor ook voldoende capaciteit en middelen noodzakelijk zijn.