De afgelopen jaren zijn burgers in grote delen van Suriname steeds vaker geconfronteerd met ernstige wateroverlast. Bij een korte regenbui lopen straten onder water, huizen raken beschadigd, gezinnen lijden financiële verliezen en het dagelijkse leven raakt ontwricht. Wat vroeger uitzonderlijk was, is vandaag bijna normaal geworden. Dat mag nooit normaal worden.
De vraag die velen zich stellen is eenvoudig: hoe kan het dat een land met zoveel natuurlijke waterwegen, zoveel regenervaring en zoveel beschikbare kennis nog steeds worstelt met basisontwatering?

Laat het duidelijk zijn: dit probleem is niet gisteren ontstaan. Deskundigen hebben al tientallen jaren gewaarschuwd voor de gevolgen van slechte ruimtelijke ordening, achterstallig onderhoud van trenzen en lozingen, verouderde infrastructuur en het ontbreken van een integraal waterbeheerbeleid. Er zijn zelfs in het verleden verschillende studies, plannen en aanbevelingen gepresenteerd. Met andere woorden: Suriname hoeft het wiel niet opnieuw uit te vinden.
Het probleem vandaag is niet een gebrek aan kennis, maar een gebrek aan structurele uitvoering, continuïteit en prioriteit.

Te vaak zien wij dat er pas actie wordt ondernomen nadat burgers al getroffen zijn. Dan worden op haastige wijze enkele trenzen schoongemaakt, pompen tijdelijk ingezet en noodmaatregelen getroffen. Maar zodra het water wegtrekt, verdwijnt ook de urgentie. Zo blijven wij als samenleving gevangen in een cyclus van tijdelijke oplossingen voor een permanent probleem.
Waterbeheer mag geen seizoensonderwerp zijn. Het moet een nationale prioriteit worden.

Elke regering, ongeacht politieke kleur, zou verplicht moeten zijn om structureel te investeren in:
- rehabilitatie van hoofdtrenzen en lozingen;
- moderne pompgemalen;
- duurzame drainage-infrastructuur;
- periodiek onderhoud;
- wateropvangsystemen en betere ruimtelijke ordening.

Daarnaast moet er serieus gekeken worden naar moderne technologie. In andere landen worden digitale watermonitoringssystemen, automatische pompen en geïntegreerde drainageplannen succesvol toegepast. Waarom zou Suriname achterblijven?

De realiteit is dat slechte ontwatering niet alleen een technisch probleem is. Het heeft directe gevolgen voor volksgezondheid, economie, verkeer, onderwijs en veiligheid. Ondernemers lijden schade, kinderen kunnen moeilijk naar school en burgers verliezen steeds meer vertrouwen in de capaciteit van de overheid om basisproblemen op te lossen.

Ook de samenleving draagt verantwoordelijkheid. Het dumpen van vuil in trenzen en kanalen verergert de situatie aanzienlijk. Nationale bewustwording en burgerdiscipline moeten daarom hand in hand gaan met overheidsbeleid.

Als gewezen parlementariër spreek ik deze woorden niet vanuit politieke sensatie, maar vanuit bezorgdheid over de toekomst van ons land. Kritiek leveren zonder oplossingen aan te dragen heeft weinig waarde. Daarom is het tijd dat wij als natie de overstap maken van noodmaatregelen naar duurzaam beleid.

Suriname verdient een regering die niet alleen reageert op problemen, maar vooruit plant voor toekomstige generaties.

Wateroverlast mag geen jaarlijks terugkerende nationale frustratie blijven. Met visie, politieke wil en structurele investeringen kan dit probleem beheersbaar worden gemaakt.

De vraag is niet langer óf de oplossingen bestaan.
De vraag is: wanneer kiezen wij eindelijk voor uitvoering?

Gewezen DNA-lid Karto Evert