BEP-fractieleider Ronny Asabina
De omzetgrens van SRD 1 miljoen voor de btw werkt volgens BEP-fractieleider Ronny Asabina belastingontwijking en mogelijke corruptie in de hand en moet worden afgeschaft. Hij stelt dat ondernemingen hun omzet onder de drempel kunnen houden of administratief zo kunnen presenteren om buiten de btw-heffing te blijven. Dat de Belastingdienst mogelijk onvoldoende personeel heeft om een groter aantal bedrijven te controleren, vindt hij geen reden om de grens in stand te houden.

Asabina kaartte de kwestie aan tijdens de behandeling van de Algemene Wet Belastingen in De Nationale Assemblee. Volgens hem moet de hervorming van het belastingstelsel ook worden aangegrepen om bestaande regelingen te beoordelen die in de praktijk mogelijkheden voor misbruik creëren. Hij richtte zich daarbij nadrukkelijk op de btw. Ondernemingen die onder de wettelijk vastgestelde omzetgrens blijven, vallen niet onder dezelfde btw-verplichtingen als ondernemingen die de grens overschrijden.

Volgens Asabina wordt daarvan misbruik gemaakt. Hij verwees specifiek naar supermarkten en betwijfelde of een groot aantal ondernemingen daadwerkelijk jaarlijks onder een omzet van SRD 1 miljoen blijft. De BEP-fractieleider stelde dat de huidige regeling ondernemers de mogelijkheid geeft hun omzet zodanig voor te stellen dat zij onder de grens blijven. Hij wil daarom dat de regering onderzoekt of de drempel volledig kan worden afgeschaft.

"Die drempel creëert een voedingsbodem voor corruptie", stelde Asabina. Volgens hem moet juist worden voorkomen dat verschillen in fiscale behandeling mogelijkheden scheppen voor manipulatie.

Personeelstekort geen argument
Asabina zei te hebben begrepen dat binnen de Belastingdienst eerder juist is gedacht aan verhoging van de omzetgrens. Een argument daarvoor zou zijn dat bij het wegvallen van de drempel veel meer ondernemingen onder de btw-verplichtingen komen te vallen en daardoor ook meer controlecapaciteit nodig is. Dat argument wees hij van de hand.

Als uitbreiding van de controle betekent dat de Staat meer belastingambtenaren moet inzetten, moet daarin volgens hem worden geïnvesteerd. Een gebrek aan controlecapaciteit mag naar zijn mening geen reden zijn om een regeling te handhaven die mogelijkheden voor misbruik biedt. De BEP-fractieleider wil van de regering daarom weten of zij van plan is de huidige grens van SRD 1 miljoen te handhaven, te verhogen of juist af te schaffen.

Meer controle door digitalisering
Zijn kritiek op de btw-drempel maakt deel uit van een breder pleidooi voor versterking van de Belastingdienst. Asabina vindt dat digitalisering veel intensiever moet worden gebruikt om belastingplichtigen en geldstromen te volgen. Suriname is inmiddels begonnen met online aangifte en betaling van btw, loonbelasting en inkomstenbelasting. Asabina wil weten wat die digitalisering concreet heeft opgeleverd: hoeveel belastingplichtigen online aangifte doen en of de digitale systemen ook tot hogere of efficiëntere belastinginning hebben geleid.

Hij pleitte daarnaast voor betere informatie-uitwisseling tussen overheidsinstanties en de Belastingdienst. Volgens hem moet het mogelijk zijn gegevens uit verschillende bestanden aan elkaar te koppelen om belastingontduiking sneller te ontdekken.

Asabina benadrukte dat zijn pleidooi voor strengere controle niet betekent dat burgers en bedrijven simpelweg meer belasting moeten betalen. De lasten moeten volgens hem vooral eerlijker worden verdeeld en de pakkans voor degenen die hun verplichtingen ontlopen moet omhoog.

De Algemene Wet Belastingen kan daar volgens de BEP-fractieleider aan bijdragen door de Belastingdienst meer mogelijkheden te geven voor toezicht, informatievergaring en handhaving. Daarvoor moet de fiscus volgens hem echter ook beschikken over voldoende personeel, digitale middelen en controlecapaciteit. De behandeling van de ontwerpwet wordt de komende week voortgezet.