Projekta debat: Schuldenlast verlichten door internationale verbondenheid
13 Jun, 16:37
foto
Jwala Rambarran van het het CPDC opende de discussie met een analyse over Surinames inspanningen voor herstructureren schuldenlast. Links Shardha Ganga, directeur Projekta. (Foto's: Projekta)


Suriname is één van de ruim 50 ontwikkelingslanden en opkomende economieën die worstelen met een schuldencrisis. Door internationale samenwerking kan de schuldenlast van de landen worden verlicht. Over dit onderwerp heeft Projekta dinsdag een paneldiscussie gehouden in het Courtyard by Marriott in samenwerking met PAS, CPDC en Debt Justice UK. Het thema van de avond was ‘The global implications of Surinames sovereign debt management’. De paneldiscussie trok een breed publiek, onder wie beleidsmakers, parlementariërs, academici, vertegenwoordigers van maatschappelijke organisaties en studenten.Projekta directeur Sharda Ganga kijkt terug op een geslaagde avond.
Surinames Sovereign Debt Management: Too Little, Too Late?

Jwala Rambarran van Caribbean Policy Development Centre (CPDC) opende de discussie met een gedetailleerde analyse van Surinames inspanningen om zijn schuldenlast te herstructureren, en de interne en externe factoren die dat proces bijzonder uitdagend maakten. Zo komt Suriname als midden-inkomensland niet in aanmerking voor vele soorten financiering en goedkope leningen.
Rambarran, met meer dan 25 jaar ervaring op het gebied van internationale financiën en duurzame ontwikkeling, benadrukte de complexiteit van de onderhandelingen en de noodzaak van structurele hervormingen in het mondiale financiële systeem. 

De presentatie van Rambarran had als titel 'Suriname Sovereign Debt Crisis, zinken of zwemmen in de mondiale financiële architectuur'. Hij merkte op dat de verwachting van het IMF is dat Suriname binnen tien jaar een situatie zal bereiken waarbij we wel gewoon aan onze schuldverplichtingen kunnen voldoen zonder dat daarvoor schuldverlichting nodig is of dat betalingsachterstanden zich opstapelen (debt sustainability), maar dat er wel een buitengewoon moeilijke schuldenreis voor de boeg ligt. Suriname staat niet alleen hierin: meer dan 50 ontwikkelingslanden en opkomende economieën dreigen in problemen te geraken, of zijn het al. Wereldwijd is het besef ontstaan dat om hieruit te geraken, er een ombuiging moet komen in de internationale financiële architectuur. Uit dit besef zijn diverse initiatieven ontstaan, zoals de Bridgetown Initiative, de V20 (Vulnerable Group of 20), en de Antigua & Barbuda Agenda voor SIDS (kleine eilandstaten). Suriname kan deze drie initiatieven omarmen om samen met andere kwetsbare landen te vechten voor een rechtvaardiger internationaal financieel systeem

Daarnaast zijn er ook andere mogelijkheden voor Suriname, zoals het opnemen van schuldpauzeclausules in toekomstige leningscontracten, zodat aflossingen gepauzeerd kunnen worden bij buitengewone omstandigheden zoals rampen of epidemieën; aansluiting bij de Caribbean Catastrophe Risk Insurance Facility (CCRIF), zodat de schade veroorzaakt door b.v. overstromingen hieruit gedekt kan worden in plaats van uit leningen; en onderzoek naar de wenselijkheid en haalbaarheid van schuldverlichting in ruil voor klimaatbehoud (zoals het behoud van het Amazone regenwoud) Hierbij is een breed maatschappelijk dialoog een essentiële voorwaarde. Tenslotte is het zeer belangrijk dat Suriname zich ook aansluit bij het ‘Debt Sustainability Support Initiative”, zodat zij in de toekomst toegang heeft tot technische expertise.

Inleider Jerome Phelps van Debt Justice UK.

The global debt crisis – a failing international response
Jerome Phelps van Debt Justice UK vervolgde met een presentatie over de wereldwijde schuldencrisis en de inadequaatheid van de internationale reactie daarop. Phelps, sinds 2021 hoofd advocacy bij Debt Justice UK, bracht zijn expertise naar voren door de uitdagingen en mogelijke oplossingen voor landen in het mondiale zuiden te belichten. De presentatie van Jerome Phelps was getiteld: 'De mondiale schuldencrisis - een falende internationale respons'. Hij belichtte het koloniaal verleden van schulden, en de bewegingen op het internationaal vlak, waarbij particuliere schuldeisers langzamerhand de schulden van landen overnamen, deze tegen forse winsten aan elkaar doorverkochten, en totaal buiten schot bleven bij internationale acties voor kwijtschelding, schuldverlichting en aflossingspauzes. 

Deze (en andere) schuldeisers lenen vaak aan corrupte regimes, onttrekken zich van verantwoordelijkheid en controle of gelden besteed zijn aan het doel waarvoor er is geleend. Eerdere initiatieven voor wereldwijde hervormingen bleken nauwelijks zoden aan de dijk te leggen, en nog minder toegankelijk te zijn voor met name landen in het Caribisch gebied.

De manier waarop de schuldherschikking van Surinames particuliere schuldeisers heeft plaatsgevonden is een schoolvoorbeeld van wat er misgaat met het internationaal financieel systeem. Zo levert de uiteindelijke overeenkomst particuliere crediteuren 170 miljoen dollar meer winst op dan de originele deal, plus 30% van de olie-inkomsten tot 2050.
Daarom zijn Debt Justice UK en anderen deel van een internationale roep voor onder andere schuldkwijtschelding, schuldverlichting, het gebruiken van een multidimenstionale kwetsbaarheidsindex om landen in te delen (in plaats van alleen inkomen), eerlijke klimaatfinanciering en goed bestuur op nationaal en internationaal niveau. Zo zijn er initiatiefwetten ontworpen om in New York en in de UK (waar de meeste particuliere schuldeisers zijn ingeschreven) om te voorkomen dat deze schuldeisers te kwader trouw leningen sluiten.

Reacties en discussie

Na de presentaties volgden reacties van de economen Satcha Jabbar en Harry Dorinnie. Jabbar beschreef de maatschappelijke impact wanneer landen als Suriname zo weinig verdienen en zoveel moeten aflossen, dat zij moeten kiezen tussen het aflossen van schulden en essentiële diensten zoals onderwijs en gezondheidszorg. Ook haalde zij aan welke zware investeringen en vooral hoogtechnische expertise om uit deze situatie te geraken. Dorinnie, die mede namens de Centrale Bank sprak, haalde de noodzaak aan om na deze fase van zware bezuinigingen over te gaan naar een fase van hervorming van de publieke sector en versterken van de private sector.

Daarna volgde een levendige discussie met het publiek. De interactie was constructief, soms emotioneel en hevig, vooral vanwege de aanwezigheid van politici van verschillende partijen die zich soms aangesproken en beschuldigd voelden. Desondanks bood de discussie diepgaande inzichten in de huidige financiële uitdagingen en de weg naar duurzame oplossingen. Centraal stond hierbij het belang om aan te sluiten bij de wereldwijde initiatieven: "Suriname staat er niet alleen voor, er zijn wereldwijze netwerken en coalities waar wij ons bij kunnen aansluiten. Dit geldt niet alleen voor de staat, maar ook voor het maatschappelijk middenveld."
Advertenties

Tuesday 16 July
Monday 15 July
Sunday 14 July