Column: Vakbeweging moet president onder druk zetten
11 Jun, 00:59
foto


Bla, blaa, blaaa, blaaaa. Aan het woord zijn de vakbondsleiders die al maanden - of zelfs langer dan een jaar - bezig zijn om te komen tot een aanvaardbare kostprijs voor stroom. Het gaat niet alleen om Ravaksur die praat, maar ook onder andere de FOLS, Bond van Leraren, de Alliantie voor Leerkrachten in Suriname, de Politiebond en andere veiligheidsbonden die steeds bijeenkomen met de regering onder leiding van president Chan Santokhi. Er wordt te lang en teveel gepraat, maar blijkbaar merken de vakbondsleiders dat niet, want er zijn tijdens het overleg genoeg hapjes en drankjes om de knorrende magen van de achterban niet te horen.

Na elke bespreking blijkt dat de technici niet eruit komen. Uit de pak kaarten worden van de zijde van de overheid alleen, de 2, 3, 4, 7 en 9 eruit gehaald, maar de dame, koning en de aas worden achtergehouden. Telkens komt men niet verder dan weer doorpraten. Maar terwijl het gras groeit, sterft het paard, want intussen worden de stroomrekeningen verhoogd en de juiste voorlichting over de subsidie die wordt gegeven op de verhoging, blijft weg. Deze maand zou de EBS uitleggen hoe de prijs is opgebouwd.

Naast de stroomprijs, is Ravaksur plus ook bezig met de gesprekken over salarisverhoging. Hoe moeten beroepsgroepen die behoorden tot de middenklasse - zoals leerkrachten en verpleegkundigen - leven met nog geen SRD 10.000 per maand? Daarmee moeten ze stroom, water, internet, brandstof, eventueel huishuur en andere kosten betalen. Deze situatie kan niet verder. Er is te veel ingeleverd en het is tijd om terug te geven aan mensen van wie te veel offers zijn gevraagd. Als dat niet gebeurt, zal de boot van de president blijven ronddobberen in de skwala.

De vakbondsleiders laten maar alles als makke lammetjes gelaten over zich heenkomen, want de regering legt uit dat het IMF voorwaarden stelt om de financiële ondersteuning te geven. Als de vakbeweging te veel vraagt, gaat IMF boos worden en geen geld geven. Over de salarisverhoging moet de regering overeenstemming bereiken met het IMF. De regering doet haar deel goed om uit te leggen wat de ruimte is, maar de vakbondsmensen moeten hun eigen rol blijven vervullen. Ze zijn geen regering, maar vakbondsleiders en dienen op te komen voor de belangen van hun uitgemergelde achterban.

De salarisverhoging moet per juli ingaan. Er is nog een kleine maand om alles in orde te maken. Het is de hoogste tijd om de president, die nu lekker in Nassau, Bahama's zit en de frisse zeelucht inademt, onder druk te zetten. Er moeten harde eisen op tafel gelegd worden om het lot van de werkers te verbeteren. Het moet aan de president worden overgelaten hoe hij zijn tori met IMF wil regelen om de 11 maanden die resteren rustig te kunnen uitzingen. Alleen druk vanuit de vakbeweging gaat maken dat de president naar het IMF gaat rennen voor hulp. Het is nu de tijd om te handelen, anders moeten de vakbondsleiders liever de plaat poetsen.

Nita Ramcharan

Advertenties