Ingrijpende wijziging van de wettelijke regeling NV
29 Dec 2016, 10:14
foto


In het zojuist verschenen derde nummer van het Surinaams Juristen Blad (SJB 2016 nummer 3) heeft de Nederlandse rechtswetenschapper en kenner van het Surinaamse recht, Mr.Dr. C.A. Kraan, een uitvoerig en belangwekkend artikel geschreven onder de titel: Ingrijpende wijziging van de wettelijke regeling van de naamloze vennootschap. Zoals bekend, is op 18 augustus 2016 een wet in werking getreden waarbij het Surinaamse vennootschapsrecht op belangrijke punten is gewijzigd. Als motief voor de wijziging is in de preambule van de nieuwe wet aangegeven dat, in verband met de bevordering van het investerings- en ondernemingsklimaat in Suriname, de oprichting van vennootschappen dient te worden vereenvoudigd, de daarmee gepaard gaande kosten dienen te worden verlaagd, en de aansprakelijkheid van de bestuurders dient te worden verscherpt.

Kraan is van mening dat voor zover hij kon nagaan de wijzigingen en toevoegingen van het bestaande vennootschapsrecht voor het grootste deel ontleend zijn aan het Curaçaose Burgerlijk Wetboek (B.W.). Het Curaçaose vennootschapsrecht wijkt af van zowel het Surinaamse als het Nederlandse vennootschapsrecht. Dit, omdat het Curaçaose vennootschapsrecht bepalingen bevat met het oog op de veelal buitenlandse aandeelhouders van op het eiland gevestigde zgn. offshore vennootschappen. Kraan verbaast zich erover dat in de Memorie van Toelichting (MvT) met geen woord gerept wordt over Curaçaose afkomst van de wetswijziging.
Één van de belangrijkste wijzigingen is dat de naamloze vennootschap (N.V.) omschreven wordt als een rechtspersoon met één of meer op naam gestelde aandelen. Dit betekent dat toonder aandelen niet meer zijn toegestaan. De bestaande aandelen aan toonder moeten binnen 3 jaren omgezet worden in aandelen op naam. Gebeurt dat niet binnen deze periode, dan worden de aandelen van rechtswege geacht omgezet te zijn in aandelen op naam.

Ook de wijze van oprichting van een naamloze vennootschap is fundamenteel gewijzigd. Vroeger moest de oprichting geschieden door twee of meer personen, terwijl nu de oprichting slechts door één persoon mogelijk is. Verder is het zo dat de verplichting dat de N.V. bij notariële akte moet worden opgericht niet meer bestaat. Indien partijen gebruik maken van één der standaardmodellen vastgesteld door de minister van Handel en Industrie (HI), kan de akte door de oprichters zelf worden gemaakt. Terecht vraagt Kraan zich af of de niet-juridisch geschoolde oprichter ook in staat geacht moet worden te begrijpen wat de inhoud is van de model-akten. Hij is het daarom voorstander van dat er wel juridische begeleiding moet zijn bij de oprichting van een N.V. De verwachting van de notariële praktijk is dan ook dat ondanks het niet verplicht zijn van de notariële tussenkomst, toch gebruik gemaakt zal worden van de diensten van de notaris.
Het probleem van de hoge kosten is ook veel minder geworden, omdat de meeste notarissen een vast bedrag voor de oprichting van een N.V. berekenen, los van de hoogte van het kapitaal.

In dit verband kan ook worden vermeld dat het begrip ‘maatschappelijk kapitaal’ vervallen is en vervangen is door het begrip ‘nominaal kapitaal’. Dit wordt gevormd door de som van de nominale waarden van de uitgegeven aandelen.
De nieuwe wet zegt dat een aandeel een nominale waarde kan hebben, hetgeen betekent dat zulks niet verplicht is. Hierdoor is het mogelijk dat een N.V. kan bestaan zonder aandelen met een nominale waarde. De nieuwe wet geeft de mogelijkheid dat er verschillende soorten aandelen kunnen zijn bijv. aandelen zonder stemrecht.

Een andere belangrijke wijziging is dat de akte van oprichting kan bepalen dat de houders van aandelen persoonlijk aansprakelijk zijn voor bepaalde of alle schulden van de vennootschap. Kraan stelt dat de achtergrond voor deze bepaling niet duidelijk is, maar dat hij vermoedt dat dit verband houdt met de mogelijkheid van een N.V. om zaken te doen met partners die gewend zijn aan het Angelsaksische rechtssysteem. Hij meent dat bij een oprichter alleen dan de wens om een dergelijke aansprakelijkheid in de akte van oprichting op te nemen zal bestaan, indien dit gebruikelijk is in de Anglo Amerikaanse omgeving, waarin de N.V. zaken doet. Voor de N.V. die alleen zaken doet in Suriname zou dit minder voor de hand liggen. Kraan merkt op dat wanneer deze aansprakelijkheid wordt opgenomen, de N.V. enigszins op een vennootschap onder firma gaat lijken.

Een andere belangrijke wijziging is dat de akte van oprichting van een N.V. ook in een andere taal kan worden verleden dan het Nederlands. Dit is een verruiming en verbetering ten opzichte van de oude wet die bepaalde dat een akte alleen maar opgericht zou kunnen worden in de Nederlandse taal.
Het doet een beetje vreemd aan dat de akte van oprichting niet bij notariële akte behoeft te geschieden, maar dat voor de wijziging ervan wel een notariële akte vereist is, tenzij de Staat oprichter of mede-oprichter is.
Een andere belangrijke wijziging is dat de zgn. verklaring van geen bezwaar vervalt. Vóór de wetswijziging was het namelijk zo dat de naamloze vennootschap niet kon aanvangen voordat de President van de Republiek Suriname verklaard had dat hem van bezwaren tegen de oprichting niet was gebleken. Kraan merkt op dat vanaf 18 augustus 2016 er geen enkele (preventieve) controle meer bestaat op de oprichters, of de omvang van het kapitaal, of op het doel van de naamloze vennootschap. Ook aan de omvang van het kapitaal van een N.V. wordt bewust geen enkele eis meer gesteld.

Nieuw zijn ook de aandeelhoudersovereenkomst en vennootschappelijke overeenkomst. Volgens Kraan zijn ook beide begrippen ontleend aan het Curaçaose B.W. De aandeelhoudersovereenkomst houdt in dat de aandeelhouders hun onderlinge verhouding bij overeenkomst kunnen regelen. In een dergelijk overeenkomst kunnen bijvoorbeeld afspraken worden gemaakt over de benoeming van de bestuurders en de uitoefening van het stemrecht.
Voorts bestaat de mogelijkheid dat de N.V. kan toetreden tot een vennootschappelijke overeenkomst. Deze overeenkomst houdt in dat tussen de vennootschap en de aandeelhouders kan worden overeengekomen dat daarin bepalingen worden opgenomen die mogen afwijken van de wet en de akte van oprichting. Belangrijk is dat deze overeenkomst externe werking heeft dat wil zeggen dat het dezelfde kracht heeft als de akte van oprichting.

Voor het bestaan en te niet gaan van een vennootschappelijke overeenkomst moet opgave gedaan worden in het Handelsregister. Daarmee heeft de overeenkomst werking tegen derden. De inhoud van de overeenkomst wordt echter niet gepubliceerd. Hiervoor moet een derde die zaken wil doen met de vennootschap, de N.V. zelf daarover raadplegen.
Voorts wordt als belangrijke wijziging vermeld dat er volgens de nieuwe wet een algemeen bestuur en een uitvoerend bestuur kan zijn, indien de N.V. geen raad van commissaris heeft.

Het uitvoerend bestuur heeft dan de leiding over de dagelijkse gang van zaken en vertegenwoordigt de vennootschap in en buiten rechte. Het algemeen bestuur beslist over aangelegenheden die niet tot de dagelijkse gang van zaken behoren en houdt toezicht op het uitvoerend bestuur. Of iets wel of niet tot de dagelijkse gang van zaken behoort, wordt beslist door het algemeen bestuur.
Voor een gedetailleerde beschrijving van de wijzigingen wordt verwezen naar het artikel van Kraan. Vermeldenswaard is dat in het SJB 2016 nummer 3 een doorlopende tekst van het vennootschapsrecht (deel van het Surinaams Wetboek van Koophandel) is opgenomen, waarin alle wijzigingen zijn verwerkt. Dit is niet alleen van belang voor juristen en andere beroepsgroepen die in de praktijk te maken hebben met het vennootschapsrecht (bijv. accountants, fiscaaljuristen en financieringsinstellingen), maar ook voor leidinggevenden in bestaande naamloze vennootschappen. Opgemerkt dient te worden dat van overheidswege nog geen doorlopende nieuwe tekst is uitgegeven. Naar verluidt is een dergelijke tekst wel in voorbereiding (maar de ambtelijke molen maalt langzaam!).

Ten slotte wordt dezerzijds de suggestie gedaan om op korte termijn een seminar te organiseren over het nieuwe vennootschapsrecht. Hiervoor bestaat m.i. een grote behoefte, daar de doelgroep onvoldoende voorbereid is m.b.t. de hiervoor geschetste wijzigingen. Voor velen kwamen deze als een donderslag bij heldere hemel. Uit eigen ervaring is mij gebleken dat zelfs gerenommeerde advocaten en accountants er niets van wisten. Een seminar of wellicht een cursus over het nieuwe vennootschapsrecht lijkt daarom noodzakelijk. Hiervoor zouden in ieder geval uitgenodigd moeten worden als sprekers/docenten, Mr.Dr. C.A. Kraan en één van de vennootschapsrechtdeskundigen uit Curaçao.
Het initiatief hiervoor zou genomen kunnen worden door de Surinaamse Juristen Vereniging in samenwerking met de Vereniging van Notarissen en Kandidaat-notarissen, de Orde van Advocaten, de Vereniging van Accountants, de VSB en verenigingen van financieringsinstellingen.

Carlo Jadnanansing
Paramaribo, 28 december 2016.
Advertenties