Feestvierende Barcelona spelers en fans, zondag na de 2-0 overwinning in El Clásico, op aartsrivaal Real Madrid. (foto: Voetbal International)
FC Barcelona heeft zondag de Spaanse landstitel veroverd door aartsrivaal Real Madrid met 2-0 te verslaan in El Clásico. In een uitverkocht Camp Nou stelde de ploeg van trainer Hansi Flick het kampioenschap veilig met een dominante overwinning op de Madrilenen. 

De grote man van de avond was Marcus Rashford. De Engelse aanvaller opende al vroeg in de eerste helft de score met een schitterende vrije trap, waarmee hij de eerste Barcelona-speler werd sinds Lionel Messi in 2012 die rechtstreeks uit een vrije trap scoorde tegen Real Madrid in El Clásico. 

Kort daarna verdubbelde Ferran Torres de voorsprong na een vloeiende aanval, waarbij Dani Olmo de assist verzorgde. In de tweede helft werd niet meer gescoord, maar Barcelona hield de controle over de wedstrijd en gaf nauwelijks kansen weg. 

Met de overwinning verzekerde Barcelona zich van de 29ste Spaanse landstitel in de clubgeschiedenis. De Catalanen hadden vooraf aan een gelijkspel genoeg, maar maakten direct duidelijk dat zij het kampioenschap met een overwinning wilden binnenhalen. 

Barcelona bekroont daarmee een sterk seizoen onder Flick, waarin de ploeg een indrukwekkende reeks neerzette in La Liga. De club had voorafgaand aan El Clásico al tien competitiewedstrijden op rij gewonnen en bouwde een ruime voorsprong op Real Madrid op. 
Voor Real Madrid betekent de nederlaag een teleurstellend einde van de titelstrijd. De Madrilenen misten onder anderen Kylian Mbappé en Federico Valverde, die niet volledig fit waren. 

De kampioenswedstrijd kreeg bovendien een emotionele lading doordat Flick kort voor de wedstrijd zijn vader verloor. Na de 2-0 van Ferran Torres rende de aanvaller naar de zijlijn om zijn trainer te omhelzen. Ook de supporters brachten tijdens de wedstrijd eerbetoon aan hun coach.