Nog veel onduidelijkheden bij erkenning grondenrechten
24 May, 02:54
foto
Assembleelid Ronny Aloema geeft aan dat er nog veel tegenstellingen zijn tussen de verschillende groepen over de grondenrechten.


Bij de voortzetting van de behandeling van de Wet Collectieve Rechten Inheemsen en Tribale Volken dinsdag is duidelijk naar voren gekomen dat er veel tegenstellingen bestaan tussen de overheid en de gemeenschappen. Hetzelfde is het geval tussen de verschillende gemeenschappen onderling. Asis Gajadien (VHP), voorzitter van de commissie van rapporteurs, vindt dat de wet terug moet naar de regering. Volgens hem moet een aantal zaken beter geregeld worden. Hij benadrukte dat hij zo niet voor deze wet zal kunnen stemmen. De regering moet met de groeperingen zitten en met amendementen komen. “Bepalingen in het concept staan haaks tegenover elkaar”, stelde hij.

Ronny Aloema (VHP/lid van de commissie van rapporteurs) voerde aan dat hij een miscommunicatie heeft geconstateerd tussen de marrons en Inheemsen, tussen de gemeenschappen en de overheid en binnen de gemeenschappen onderling. Zo willen gemeenschappen die werken in de kleinschalige goudsector liever dat zij vrij kunnen bewegen opzoek naar goud, anderen willen liever grondenrechten als onderpand voor carbon credit. Hij deelde mee dat als belangengroepen keiharde standpunten innemen dit vraagstuk zal uitmonden in een referendum of dat de wet in DNA zal stuiten.

Aloema vindt dat partijen tot een bevredigende oplossing moeten komen middels dialoog. Er moet daarnaast ook wederzijds respect en begrip zijn. “Inheemse en marron leiders zouden initiatieven moeten nemen om samen met de regering tot oplossingen proberen te komen. De rol van de media hierin is ook niet te onderschatten. Publiciteit draagt bij aan het bewustwordingsproces”, meent Aloema. Hij benadrukte ook dat de keus van gemeenschappen die vrijwillig in isolatie wensen te leven, gerespecteerd dient te worden. Bij de discussies is gebleken dat er nog steeds veel zorgen zijn over de natuurlijke hulpbronnen na het toekennen van de rechten aan de gemeenschappen.

Aloema merkte op dat terwijl Inheemse gemeenschappen en andere tribale volken vragen dat de regering de grondenrechten erkent, er sommige traditionele gezagsdragers zijn die zich schuldig maken aan het niet naleven daarvan door zich te lenen voor corruptiepraktijken. Hij merkte op dat regeringen jarenlang een loopje hebben genomen met het grondenrechtenvraagstuk en dat de Staat sinds 2005 vonnissen naast zich heeft neergelegd. “Sinds de kolonisatoren voet aan wal hebben gezet, hebben de Inheemsen en later de marrons geen rust meer gekend als het gaat om hun grondgebieden. Na vredesverdragen was er rust maar niet voor lang. De schendingen begonnen weer, maar nu door de staat die volgens haar grondwet moet zorgdragen voor welvaart, welzijn en rechtszekerheid voor de totale bevolking”, sprak Aloema. Hij haalde aan dat het doel van de grondenrechten niet het bevoordelen is van de inheemsen en marrons maar hen beschermen tegen de bedreigingen in hun voortbestaan door de houtkap en mijnbouw.

Ebu Jones (NDP) zei dat er steeds wordt gediscussieerd of mensen wel of niet de rechten moeten krijgen. Hij zei dat de mensen beschermd moeten worden. Zij moeten gehoord worden, maar daarnaast moet er juridisch ook ervoor gezorgd worden dat er een balans is tussen het toekennen van de rechten en de economische ontwikkeling van Suriname die afhankelijk is van de natuurlijke hulpbronnen die meer in die gebieden liggen.

Ronny Asabina, fractieleider BEP/ lid van de commissie van rapporteurs, merkte op dat grondbezit voor de Inheemsen en tribale volken meer dan rechten zijn. Grond is hun voedsel, religie, status, apotheek en supermarkt. Asabina vroeg zich af of het geen obstructie is als gezegd wordt dat er een referendum gehouden moet worden. “Is het de bedoeling dat we internationale vonnissen niet meer gaan accepteren als we zeggen dat we dit aan een referendum moeten onderwerpen? Moeten nazaten van slaven, immigranten en overige bepalen voor de nazaten van de oorspronkelijke bewoners hoe ze moeten leven?”, stelde Asabina. Hij gaf aan dat Inheemsen en marrons geen vrijheid hebben gekregen, maar zichzelf hebben vrijgevochten. Het erkennen van de grondenrechten is volgens hem geen genoegen dat gedaan wordt aan de Inheemsen aan de tribale volken, maar een verplichting die de overheid heeft.

Er zal volgens Asabina geen sprake zijn van duurzame ontwikkeling in Suriname als de grondenrechten niet erkend zijn en er geen decentralisatie is. Hij betoogde dat de wet heel belangrijk is en dat er geen maskers opgezet moeten worden. Hij riep iedereen op om aan te geven wat hun mening en visie is zodat het duidelijk wordt wie wat voorstaat. Asabina benadrukte dat hij voorstander is van de wet. Hij deelde mee dat er grond, goud en hout lobbyisten zijn die geen voorstander zijn van deze wet, omdat ze denken dat hun belangen geschaad zullen worden. Echter riep hij DNA op niet te wachten op de flankerende wetten, maar starten met het erkennen van de rechten. Rabin Parmessar, fractieleider van de NDP, wees wederom op de mankementen in de wet. Hij is van mening dat partijen onzeker zijn, omdat zaken niet goed zijn geregeld. Melvin Bouva (NDP) zei dat er geen tegenstanders zijn om de positie van de Inheemsen te verbeteren en de ontwikkeling van de doelgroepen ter hand te nemen. Echter is er een verschil in de inhoudelijke zaken en uitgangspunten. De randvoorwaarden moeten in de wet opgenomen worden.

Gajadien gaf een uiteenzetting van het traject vanaf de voorbereiding en de werkwijze. Hij deelde mee dat er gesprekken zijn gevoerd met alle belanghebbenden en dat de commissie is geweest bij verschillende gemeenschappen. Waar zij niet zijn geweest zijn de gemeenschappen naar hen toegekomen. Gajadien legde bloot dat er bij sommige gemeenschappen tegenstellingen zijn. Het grootopperhoofd der Aucaners is eens met de wet, maar granman van de Saramaccaners wil dat de overheid alle gebieden van Inheemsen en marrons in kaart brengt en hun onvoorwaardelijk eigendomstitel te geven.

Er is nu een amendement ingediend waarin zoveel mogelijk de bijdragen van de stakeholders zijn opgenomen. Gajadien zei dat erkenning van de rechten niet het probleem is, maar de uitvoering. Hij is van mening dat transparantie zou helpen, maar dat dit de zwakte is van deze regering. Hij wees naar verschillende gevallen waar er regels zijn, maar niet nageleefd worden. Als er transparantie is, kan iedereen zien wat er gebeurt en door wie. Gajadien haalde aan dat de regering slordig is geweest bij het indienen van de indicatieve kaarten samen met de wet. “De kaarten zijn niet bekend. Vandaar besloten is dat de contouren van de kaarten aangegeven worden om vervolgens verder geregeld te worden.” De vergadering zal donderdag voortgezet worden, deelde Assembleevoorzitter Marinus Bee mee.
Advertenties

Monday 04 March
Sunday 03 March
Saturday 02 March