Soeknandan: Suriname heeft geen lobbywerk verricht
14 May, 03:08
foto
Manorma Soeknandan, plaatsvervangend secretaris-generaal Caricom.


De wijze waarop het proces is verlopen voor het kiezen van de nieuwe secretaris-generaal van de Caricom, laat een bittere nasmaak achter bij ambassadeur Manorma Soeknandan. De plaatsvervangend secretaris-generaal had vanaf begin af de indruk dat haar kandidatuur niet van harte is ondersteund en aangepakt. "Het leek meer erop alsof je lasten op derden hun schouders legt. Maar de mensen met wie ik het besprak zeiden 'neen positief blijven'. Een ex-minister zei zelfs 'maar ambassadeur wij hebben voor hetere vuren gestaan'. Mijn antwoord was 'ja, maar dan tegen de buitenwereld'. De reden is dat Suriname geen lobbywerk heeft verricht," antwoordt Soeknandan op een vraag van Starnieuws.

Een kritiek was ook dat ze te laat heeft aangegeven de functie van secretaris-generaal te ambiëren. Suriname had al steun toegezegd aan de kandidaat van Belize, Carla Barnett. "Je kunt pas aangeven dat je belangstelling hebt voor de functie wanneer je weet dat de positie inderdaad open komt te staan, en dat gebeurde tijdens de Community Council vergadering van de ministers van Buitenlandse Zaken in februari dit jaar. De ambassadeur van Belize vroeg in de vergadering  of de voorwaarden en vereisten voor secretaris-generaalschap op de agenda van de Staatshoofden komt. Het bleek dat in een besloten Staatshoofden vergadering vorig jaar de instructie was gegeven door de staatshoofden. Het was een Caucus (besloten vergadering). En toen begon de bal voor velen te rollen. Ik kwam in maart naar Suriname en vroeg en passant informeel aan de president of Suriname een kandidaat zou voordragen. Indien Suriname nog geen kandidaat had, dan heb ik wel belangstelling", zegt Soeknandan.

Na een week kreeg de diplomaat te horen dat ze contact op moest nemen met minister Albert Ramdin van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking. Tijdens het gesprek met de minister heeft ze te horen gekregen dat ze een verzoekschrift moest indienen waarin zij haar wens voor het ambiëren van de functie moest kenbaar maken en een draft policy paper moest erbij. Dat is gedaan op 24 maart. Daarna was zij ook op audiëntie bij de president.

"Indien ik laat was, dan diende mij dat direct te worden gezegd, zonder enige omhaal. En dan rijst de vraag, waarom worden lidlanden gevraagd om vóór 31 maart hun kandidaten in te dienen? Suriname heeft de kandidatuur officieel ingediend, dat begreep ik van de directeur," zegt Soeknandan. Er is eerst een pschycometric test, na 2 dagen gevolgd door een interview van 1 uur. De vragen werden gesteld door de ministers van Trinidad & Tobago (voorzitter), Barbados, Antigua & Barbuda en St.Vincent & the Grenadines. De kandidaten moesten ook een outline van een paper 'Building Back Better' indienen. En op 4 mei was de presentatie voor de gehele Community Council van ministers. Na de presentatie volgde een 30 minuten vraag en antwoord sessie. En er is verslag gedaan aan de Staatshoofden op 12 mei.

Van voorbereiding, indiening van een verzoekschrift en de afsluiting met de vragen en antwoorden kan vergeleken worden met meer dan wanneer je voor een PHD gaat. "Stelt u zich eens voor de kandidaat voor secretaris-generaalschap van de Verenigde Naties een paper moet presenteren voor de lidlanden en vragen beantwoorden, zonder kwalitatieve ondersteuning van het thuisfront. Ik wil niet eraan denken", stelt de ambassadeur. Zij zegt goed voorbereid te zijn geweest. "Ik ga niet voor iets als ik weet dat ik het niet aankan. Het probleem is echter dat je op een bepaald platform geen eigen zeggenschap meer hebt en afhankelijk bent van derden." Soeknandan antwoordt op een vraag dat er geen bekendheid aan was gegeven dat Suriname steun had toegezegd aan Belize. In feite heeft Suriname gekozen voor Belize en niet voor Soeknandan.

Op de vraag of de conclusie getrokken kan worden dat Suriname niet weet te lobbyen, antwoordt Soeknandan: "Ik trek die conclusie niet. Wij hebben dat eerder gedaan op diverse fronten en met succes: kandidatuur OAS, diverse regionale committees, lobbywerk om de regionale instituten in Suriname gevestigd te krijgen. Ik zeg altijd 'No will, No Commitment, No Dedication, NO RESULT'." Tot slot bedankt Soeknandan de president en de minister voor de nominatie. Haar bijzondere dank en waardering gaat uit naar de vrouwenorganisaties en alle individuen die haar hebben ondersteund.
Advertenties