Oppenheimer-schuldeisers akkoord met 'standstill'
01 Dec, 02:43
foto


De grootste groep schuldeisers van de Oppenheimer-obligaties met als vervaldatum 2023 en 2026 heeft ingestemd met het verzoek van de regering om meer ruimte om het juiste beleid voor economische hervormingen en schuldbeheer te formuleren. Minister Albert Ramdin van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking zegt aan Starnieuws dat deze groep akkoord is gegaan met het voorstel van Suriname om een "standstill". Hij legt uit dat het gaat om een periode waarin onderhandelingen kunnen plaatsvinden om tot een voor eenieder acceptabele oplossing te geraken.

Aanvankelijk hadden de schuldeisers tot 24 november om te reageren op het verzoek van de regering, maar ze vroegen om uitstel. Vervolgens gaf de regering hen tot 4 december de ruimte. Minister Ramdin benadrukt dat het niet gaat om de eindoplossing, maar "het is een belangrijke stap op weg naar een oplossing."

Suriname heeft aangegeven dat het zijn schulden - in totaal US$ 675 miljoen - niet op de aanvankelijk overeengekomen tijdstippen kan betalen vanwege de moeilijke financiële situatie waarmee het kampt. Deze groep schuldeisers  - verenigd in de Creditor Committee - zegt dat zij zowel de verlenging als het besluit van Suriname om de oorspronkelijke verzoeken tot toestemming te wijzigen, verwelkomen. De regering heeft aangegeven dat zij enkele van de zorgpunten die in de afgelopen paar jaar zijn aangekaart, wil meenemen in de wijzigingen.

De schuldeisers hebben in het bijzonder nota genomen van de uitdrukkelijke instemming van Suriname voor rechtstreekse betrokkenheid van de obligatiehouders en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) met als doel een gedachtewisseling met en tussen alle partijen aan te moedigen. En dat terwijl Suriname in onderhandeling is over een door het IMF gesteund programma om de bestaande economische onevenwichtigheden aan te pakken, om te gaan met de gevolgen van de Covid-19-pandemie en de overheidsschuldenpositie op een duurzaam neerwaarts pad te brengen.

De schuldeisers erkennen de inspanningen van Suriname om in bredere zin met de obligatiehouders in openheid en te goeder trouw te praten en te overleggen. Zij moedigen Suriname aan om door te gaan met dergelijke inspanningen op basis van adequate en tijdige openbaarmaking van gegevens, maatregelen en toezeggingen voor een eerlijke behandeling van alle categorieën schuldeisers. Zij herhalen dat ze de tot dusver ongedefinieerde economische hervormingsinspanningen van Suriname begrijpen. Ze zien dat dan ook gebeuren met een gecontroleerd volledig gefinancierd IMF-programma.
Advertenties