“Wayne Telgt kwam de afgelopen week in To the Point steeds terug met de vraag: ‘Maar wie wordt hét nieuwe gezicht van de VHP?”
“Voor mij is dat duidelijk: de huidige snel-snel benoemde voorzitter, de respectabele Glenn Oehlers.”
“Uit het gesprek met Telgt blijkt dat Oehlers geen duidelijke ambities heeft om ‘het nieuwe gezicht’ van de VHP te worden.”
“Klopt volgens mij, want uit zijn eigen woorden vooral aan het begin van het interview is hij daar meer om de rust en eenheid binnen de partij te herstellen en te bewaren tot en met de bestuursverkiezingen volgend jaar.”
“Ja, dat was misschien hard nodig, want bij de afsluiting van de rouw vorige week was vooral Vrouwe Melissa nogal fel: die zou geen mond meer houden en aantijgingen vanuit de sociale media flink van repliek dienen.”
“Eerst dachten velen dat ze doelde op elementen uit de huidige coalitie, maar het bleek al gauw dat het meer om haar stiefzoon ging.”
“Die heeft ze intussen van alles en nog wat geblokkeerd. Maar volgens die Riesjano zelve heeft wijlen zijn pa zaken testamentair vastgelegd.” 
“Ach, de ene bost z’n geld grotendeels al tijdens het leven, zodat niemand na overlijden kan gaan vechten om de nalatenschap.”
“De andere pot alles op in gronden, huizen, goudstaven, bankrekeningen op the Cayman Islands en andere witwasparadijzen en na overlijden wordt daar door de nabestaanden bitter om ‘dat sjente’ gevochten.”
“Maar meester, ik snap het niet zo goed: dokter Oehlers is als nieuwe voorzitter toch al hét gezicht van de VHP?”
“Echt niet! Daarin moet je groeien. Kijk, wijlen Jaggernath Lachmon was hét gezicht van de VHP, tot zelfs na zijn overlijden. Hij was ook partijvoorzitter en de langst zittende parlementsvoorzitter ter wereld.”
“Net als Jopie Pengel. Die werd de nieuwe voorzitter van de NPS na een fikse interne ruzie met vooral David Findlay. En Pengel groeide al snel uit tot hét gezicht van de NPS en bleef dat ook zelfs tot na zijn dood.”
“En Bouta?”
“Die werd al gauw na de coup van 25 februari 1980 hét gezicht van de Revo en nadat hij de NDP mede had opgericht, werd hij al gauw naast de voorzitter ook hét gezicht van de partij, ook tot zijn dood.”
“Maar meester, dus voorzitter en hét gezicht van de partij gaan dus altijd samen?”
“Dat hoeft niet. Neem bijvoorbeeld Nederland: de voorzitter van de regeringspartij VVD is Tom van Nimegen.”
“Nooit eerder gehoord van die gast.”
“Hij is dus niet hét gezicht van die partij. Dat is Dilan Yesilgoz.”
“Oke, maar zij wordt toch ook de politiek leider van de partij genoemd.”
“Klopt helemaal, dus politiek leider van een partij hoeft niet perse dezelfde persoon te zijn als de voorzitter van de partij. Die voorzitter is meer een statutair persoon die via een vastgelegde procedure wordt gekozen.”
“Klopt. En de politieke leider wordt niet gekozen; die groeit in die positie na jarenlange strijd, acties voeren, vallen en opstaan en zo.”
“Dus er zijn toch bepaalde kenmerken om zo een politieke leider, dus dat gezicht van die partij, te worden?”
“Zeer zeker. Je moet welbespraakt zijn, stevig kunnen debatteren en sterke argumenten kunnen neerzetten. En je moet een sterk doorzettingsvermogen hebben, vooral bij tegenslagen. En vooral: je moet je partij weten te inspireren en te motiveren met een duidelijke en uitvoerbare visie op de ontwikkeling van het land. Niet alleen met vage dromen en mooie beloften en met laag bij de gronds geschreeuw en etnische ophitsing.” 
“Zo groeide wijlen Chan nadat hij voorzitter van de VHP was geworden in 2011 al snel naar de positie van politieke leider van de VHP, dus hét gezicht van de partij.”
“Maar nu moet er iemand anders binnen de partij groeien naar dat gezicht van de partij.”
“En dat proces kan in feite pas echt ingezet worden als er een nieuwe voorzitter gekozen wordt die het roer in handen krijgt om te sturen.”
“Of de huidige benoemde voorzitter blijft aan, niet omdat hij de best geschikte is, maar omdat hij de beste zal zijn om de rust en eenheid binnen de partij te behouden.”
“Zoals Ramdien Sardjoe na het overlijden van Papa Lach.”
“Dat is dan hard nodig, want vanaf volgend jaar zijn er nog maar drie jaren te gaan voor de verkiezingen van 2030.”
“Maar meester, zal de huidige NDP-voorzitter, tevens president van den lande, ook kunnen groeien naar hét gezicht van de NDP?”
“Mooie vraag, want dat proces is eigenlijk al ingezet, maar wordt ernstig  bemoeilijkt door een aantal rare beslissingen die meer allerlei geboefte lijken te accommoderen en daardoor steeds weer op allerlei maatschappelijke weerstanden en felle kritieken stuiten.”
“Klopt, ook vanuit de coalitie en zelfs de NDP fractie.” 
“Ach, storm in een glas water, poppenkasterij, zo van: ‘volk, kijk we keffen, blaffen en balken flink, maar om een motie van afkeuring in te dienen tegen een volledig fout lopende minister met mensensmokkelende adviseurs en intel, dat durven ze echt niet.” 
“Geen daden, maar woorden. It’s only words: kef-kef, blaf-blaf, woef-woef, grom-grom.” 
“En bij de viering van 160 jaar parlement, nog meer wief-waf-blaf-blaf: het parlement moet het vertrouwen van de kiezers herwinnen, bigi wroef- wroef, blaf-blaf. Hebben wij als kiezers dat vertrouwen soms geschonden?” 
“Hun beleid: ‘we zeggen maar raak en doen alsof we doen, maar in feite doen we niets dan maar zeggen dat we gaan doen.”
“En: wanneer gaan we weer naar een zeer belangrijke buitenlandse parlementaire vergadering in Tak-takistan, om ons land weer eens op de kaart te zetten?” 
“En wat een waarheden horen we! Eentje doet een ‘grote’ onthulling dat de meeste goudconcessies in ons land in handen zijn van medici, advocaten, notarissen en geestelijken.”
“Hij heeft groot gelijk, alleen is hij vergeten te noemen: politieke toppers en hoge militairen van toen.”
“En is al duidelijk wie verantwoordelijk is voor die 13 jongemannen en deels minderjarige meisjes die in het bos aangetroffen zijn? Wat wordt er weer zeer geheimzinnig met de info hierover gedaan!” 
“Ik zeg: ze zijn hoogstwaarschijnlijk onderdeel van een zeer lucratieve mensensmokkelroute naar de Franse kant, en ze kennen de taal van daar, ook hoogstwaarschijnlijk.”
“Eentje ontsnapte uit de groep, hoogstwaarschijnlijk alweer, en leidde de politie naar de rest in het bos. De politie is echt niet bij toeval op hen gestuit.”

“Ik krijg inspiratie. Horen jullie mijn gedicht:
Oh Suriland, oh Suriland
je grenzen lekken als een mand 
Drugs gaan vrijelijk in en uit
Hoge pieten verdelen de buit
Verdeel en heers verzwakken onze kracht
Wij zijn geworden een slappe macht
Oh Suriland, oh Suriland
Wie helpt ons uit de brand?”


“Prachtig gedicht, Sjaak."
“Ja, mooi, maar beste borrelvrienden, waar ligt Suriland? Is dat de vroegere bacovenplantage van Surland?”
“Stop met drinken, broeder; je hebt zo te zien al een aardig aantal van je  hersencellen weggespoeld.”
“Ik zeg: proost op de bevrijding van Suriland, oh Suriland.”
“Ja, proost daarop.”
 
Rappa