Linscheer: Bouva criminaliseert onterecht werkarm pg
14 Nov 2021, 00:00
foto
Assembleelid Melvin Bouva (NDP) stelt vraagtekens achter de bemensing van het Justitieel Interventie Team. Hij vraagt een grondig onderzoek. (Beeld: DNA TV)


Veiligheidsadviseur van de president, Melvin Linscheer, vindt dat zeer onterecht de integriteit van het Justitieel Interventie Team (JIT) in diskrediet is gebracht door Assembleelid Melvin Bouva. Linscheer zegt in gesprek met Starnieuws dat C.B. niet opgespoord wordt wegens drugssmokkel en hij is ook geen lid van de presidentiële inlichtingen- of veiligheidsdienst. C.B. is niet veroordeeld in Suriname. Hij is ook geen voortvluchtige en wordt evenmin gezocht. Volgens Linscheer heeft Bouva het dossier oppervlakkig doorgenomen. De JIT is geen werkarm van de president, maar van de procureur-generaal. 

Bouva voerde in De Nationale Assemblee aan dat C.B. al ettelijke jaren door de Nederlandse justitie wordt opgespoord. Hij zou zich schuldig hebben gemaakt aan drugssmokkel en is volgens het Assembleelid benoemd tot een van de werkarmen van de president. Bouva stelde dat volgens een resolutie moet het JIT de grensoverschrijdende criminaliteit, terrorisme financiering en mensenhandel aanpakken. Het JIT wordt ondersteund door de veiligheidsadviseur president Chan Santokhi. C.B. zou vanaf 2005 worden opgespoord voor cocaïnesmokkel naar Nederland. Hij zou ook grote sommen geld hebben overgemaakt. Ook zou hij in mei 2008 een rechtshulpverzoek, toen Santokhi minister van Justitie en Politie was, zijn gedaan door Nederland. Bouva vindt het niet in de haak dat zo een persoon onderdeel is van de inlichtingendienst. Hij vraagt zich af hoe de screening van mensen plaatsvindt. Hoe kan een topfunctionaris die een crimineel verleden heeft, zitting hebben in het JIT, stelt de volksvertegenwoordiger.  

Er zou ook een proces lopen tegen C.B. sinds september vorig jaar voor het plaatsen van afluisterapparatuur op het voertuig van A.A. die op het Kabinet van de Vicepresident werkzaam is. Bouva wil van de regering weten hoe het staat met het onderzoek. Hij vroeg de president om een onderzoek in te stellen over de zuiverheid van zijn werkarmen en maatregelen te treffen. President Santokhi deelde mee dat toen de stukken circuleerden, hij gevraagd heeft aan de waarnemend procureur-generaal om een onderzoek in te stellen. Ook vicepresident Ronnie Brunswijk zat aan bij het gesprek. 

Linscheer brengt in herinnering dat de Counter Terrorism Intelligence Unit (CTIU) in 2011 is ingesteld om terrorisme te bestrijden. De unit is belast met verzamelen, analyseren en de aanpak van terrorisme. Dit team heeft in grote anonimiteit geopereerd en heeft veel werk verzet. Nadat er vanuit voornamelijk buitenlandse diensten belangstelling ontstond voor samenwerking omdat ze in Suriname geen klankbord en betrouwbare counterparts hadden, werd de CTIU gevraagd om naast het bestrijden van terrorisme ook de strijd tegen illegale drugshandel aan te binden. 

Na de eerste grote successen die bekend werden, werd ook het CTIU een target van hen die zich bedreigd voelen. Na de semi duikboot, en de inbeslagname van het drugsvliegtuig waar Raj Oedit bij betrokken was, begonnen de aanvallen op leden van CTIU. Meerdere leden van het team zijn vaker bedreigd met de dood door criminele organisaties en weleens buitenlandse huurmoordenaars zijn ingeschakeld voor fact finding missions maar onverrichterzake huiswaarts keerden. "En ook nu speelt een actuele case. We sluiten niet uit dat dit moment wordt gekozen een bepaalde sfeer te scheppen. Maar de tijd zal het leren", stelt Linscheer. 

De vorige minister van Justitie & Politie gaf de opdracht om de politieagenten ingedeeld bij de CTIU terug te roepen en werden ze op diverse ressorten geplaatst met de aantekening dat ze niet terug mochten naar gespecialiseerde diensten, niet samen mochten werken en geen enkele verklaring kregen voor dit besluit. Volgens de korpschef wist hij er verder niets van maar kwam de opdracht van hogerhand. Linscheer merkt op dat in plaats van dat de agenten beloond werden, zij gestraft zijn voor het harde werk. 

"Men had gehoopt dat hierdoor de CTIU geëlimineerd zou worden, maar de personen hebben zich verkeken op de intelligence capaciteit van de unit die voortging en in nauwe samenwerking met de procureur-generaal en buitenlandse partners nog vele successen boekte", zegt Linscheer. Hij merkt op dat deze successen van de unit als uitgangspunt werd de basis om te komen tot een gespecialiseerd team welke de naam kreeg van JIT. Het JIT is ingesteld door de baas van het Openbaar Ministerie en heeft niks te maken met de president of zijn kabinet. De veiligheidsadviseur van de president zit in de stuurgroep vanwege de specifieke deskundigheid. Het personeel is gerekruteerd vanuit diverse opsporings- en inlichtingendiensten. 

In aanloop tot de formalisering van de JIT heeft dit team reeds ettelijke nationale en internationale successen geboekt, zegt Linscheer. Hij noemt onder andere drugs onderschept op de Tafelberg, Kaimangrasi, Smaragdstraat. Internationaal gezochte criminelen zijn opgespoord, aangehouden en uitgezet. Linscheer vindt het jammer dat een jonge, hardwerkende, zichzelf offerende jongeman die een graad heeft in ICT en diverse nationale en internationale trainingen heeft gevolgd, bewust negatief wordt besproken met naam en toenaam. "Het geeft aan hoever de tentakels van de onderwereld reiken", meent de veiligheidsadviseur. 

"Het verleden van deze jongeman die ik gerekruteerd heb, hij heeft zich niet aangediend, was mij volledig bekend. En ik heb het beoordeeld en vanwege zijn deskundigheid en drive besloten hem te betrekken en in te zetten voor land en volk.
Hij is nimmer verdachte geweest of vervolgd of veroordeeld voor enig misdrijf in Suriname. Hij heeft in Nederland een case tegen zich gehad en is veroordeeld tot 106 dagen en heeft zijn straf uitgezeten. Hij is als een vrije man naar Suriname teruggekomen en helemaal geaccepteerd, ook door de buitenlandse partners", deelt Linscheer mee. "Hij heeft jaren zich ingezet zonder betalen. Wij hebben uiteindelijk zijn rechtspositionele zaken geformaliseerd." 

Ook over een onzuivere aangifte die gedaan is tegen C.B. Hij zou nimmer betrokken zijn geweest bij een poging om afluisterapparatuur te installeren op het voertuig van A.A. Hij is ook nooit voorgeleid. C.B. heeft op zijn beurt ook een zaak aanhangig gemaakt tegen A.A. Er is ook mediation geweest in deze kwestie. Linscheer zegt dat hij nog uitgebreid terug zal komen op deze kwestie en de verwevenheid van personen met de onderwereld. 
Advertenties

Monday 30 January
Sunday 29 January
Saturday 28 January