Mensenrechtenhof opent weg verplichte vaccinatie tegen Covid-19
20 Apr, 03:18
foto


(Ingezonden)

Het uitvoeren van vaccinatieprogramma’s kan soms stuitend zijn voor burgers. Volgens nationale en internationale rechtsnormen, zijn burgers aan de ene kant beschermd in hun grondrechten, anderzijds behoort de overheid een centrale rol te vervullen bij het gezondheidsbeleid. Soms kan een bepaalde overheidsmaatregel afbreuk doen aan de grondrechten van burgers, zoals een recente uitspraak door het Mensenrechtenhof in Strassburg illustreert.   

De Covid-19 pandemie heeft veel overheden voor immense uitdagingen geplaatst. Het is een macaber voorbeeld van onmacht, het leveren van een verwoede strijd tegen een voortwoekerend virus, dat de gezondheid van de mens dreigt te overmeesteren. Preventie via vaccinatie is daarom een essentiële leidraad, doch soms schijnen burgers er niet aan mee te willen werken. Een belangenstrijd tussen rechtsbescherming en overheidsbestuur is dan aan de orde.  
Een recente uitspraak door het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) op 8 april 2021, (application No. 47621/13) in de case Vavricka and Others vs. the republic of Chechnia, brengt echter een kentering in de optiemogelijkheid van inentingen van burgers. Het geval betrof moeders van Tsjechië, die de Staat sleepten voor het  Europese Mensenrechtenhof, omdat zij niet van plan waren, om hun peuters te laten inenten tegen een 9-tal ziekten, waaronder difterie, tetanus polio (DTP) en bof mazelen en rode hond (BMR). Tegen de weigerachtige ouders legde de overheid een boete op, welke gezien werd als een represaille maatregel. Volgens de getroffen moeders was de omstreden maatregel strijdig met de Europese Conventie voor de rechten van de mens, nl. Artikel 8, recht op privé leven. 

De kern van de maatregel betrof het besluit van de Tsjechische overheid om een verplichte vaccinatie, ook voor jonge peuters, als een mandatoire maatregel in zijn wetgeving op te nemen, ter “bescherming van de gezondheid”. Deze waren vastgelegd in zijn Public Health Protection Act (PHP Act No. 258/2000) en Education Act (561/2004). Na een ijdel verloop van machtsprocessen bij administratieve en rechterlijke instanties op nationaal niveau, belandde de zaak uiteindelijk bij het Mensenrechtenhof in Strassburg.

In zijn rechtsoverwegingen, oordeelde het Hof dat Tsjechië wel degelijk mocht ingrijpen in de fundamentele grondrechten waarop de moeders zich beriepen. Volgens het Hof was een overheidsmaatregel om zijn burgers  een vaccinatie dwingend op te leggen niet disproportioneel, aangezien hiermee de overheid een “algemeen publiek belang beoogde”. 

Door deze uitspraak is er in  Europa een discussie losgebarsten, of het Hof deze lijn ook zal doortrekken naar de huidige Covid-19 vaccinatieperikelen. Volgens deskundigen is het nu onontkoombaar dat Europese landen wetten zullen adopteren in de geest van deze uitspraak, die de keuzevrijheid van weigerachtige burgers tegen vaccinaties aanzienlijk beperkt.

Overige landen, buiten Europa
Behalve in de Europese Conventie is het recht op een privéleven als  grondrecht verankerd in een aantal andere mensenrechten instrumenten: Art. 12 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, (UVRM), en in Art 11, lid 2 van de Inter-Amerikaanse Conventie voor de rechten van de mens. 

Aangezien de Europese Conventie, relevantie heeft voor Europese burgers, is de uitspraak van het Mensenrechtenhof strikt juridisch/technisch gezien van belang voor het Europese continent. Het is echter verwachtbaar dat nu de rechter zich uitdrukkelijk heeft uitgesproken over Art. 8 van de Europese Conventie, en de verhouding tussen grondrecht en overheidsbestuur in het algemeen belang, de rechtsontwikkeling elders niet veel zal verschillen van de onderhavige rechtsbenadering.   

Hoe zit het met Suriname?
Suriname kent geen verplichte vaccinatie voor Covid-19. Echter, met de maatregelen op komst in Europa, is het raadzaam dat de regering binnen de geest van Art. 36 van de Grw. (de Staat is primair verantwoordelijk voor gezondheid) tijdig inspeelt op wetswijzigingen en overstapt op een afdwingbare, vaccinatieplicht bij wet, in het algemeen publieke belang. Een wetswijziging ter zake, past volledig in het volksgezondheidsbeleid, dient het algemeen belang en beantwoord aan internationale eisen, zoals in Europa.   

In conclusie, hoewel de verschillende mensenrechten Conventies de burger een belangrijk grondrecht (het recht op een privéleven) toekennen, leert de onderhavige uitspraak dat overheden, zo ook Suriname, met een afkondiging van een vaccinatieplicht, geen afbreuk zullen plegen op de grondrechten van burgers. Het dienen van een publiek belang door de overheid staat hierbij centraal, gezondheidszorg valt onder zijn primaire taak en het afkondigen van een maatregel als vaccinatie voor een ieder, is in proportionaliteit tot het beoogde doel.       
 
Mr.Drs. Sardhanand Panchoe

Voormalig:
Docent Internationaalrecht ADEK
Hoofdambtenaar Justitie & Politie
Senior Legal Officer & Executive of UNHCR;
Thans: Senior Legal Advisor/Board Member, Surinam Red Cross

Advertenties