Vrijstelling of ontheffing verkavelingsvergunning (3)
19 Jan, 04:48
foto


In het vorige artikel is de procedure ter verkrijging van de verkavelingsvergunning kort belicht. In  de praktijk is er een uitzondering gecreëerd op de verkavelingsvergunningplicht, zijnde de vrijstelling en de ontheffing. In het onderhavig artikel zijn de vrijstelling en ontheffing summier beschreven.

Met de inwerkingtreding van het Besluit aanwijzing woongebieden Commewijne, Wanica, Para en primaire wegen categorie a (S.B. 2014 No.89) op 06 augustus 2014, zijn de verkavelingsvergunningplichtige gebieden verruimd met voormelde districten. Uit onderzoek is gebleken dat de verkavelaars een vrijstelling kregen van de verkavelingsvergunning, indien ze gedocumenteerd konden aantonen dat ze vóór de inwerkingtreding van voormeld besluit waren begonnen met hun verkavelingsactiviteiten (oud verkavelingsproject). De verkavelaar kreeg de gelegenheid om tot 30 september 2014 een verzoek, ter vrijstelling, in te dienen bij het toenmalig Ministerie van Openbare Werken, Transport en Communicatie (OWT&C). Nadien zouden de verkavelaars die geen vrijstelling hadden aangevraagd de verkavelingsvergunningplicht moeten naleven. Echter, heeft het Ministerie van Openbare Werken naderhand toch het besluit genomen om vrijstellingen of ontheffingen van de verkavelingsvergunning te verlenen.

Een vrijstelling is een uitzondering op een wettelijk verbod of gebod, die kan gelden voor een onbepaald aantal personen of gevallen. Met een vrijstelling wordt de verkavelingsvergunning-plicht vanwege bijzondere redenen opgeheven. De verkavelaar kan voor de oude verkavelingsprojecten een vrijstelling van de verkavelingsvergunning kan krijgen. Behalve de vrijstelling krijgen de verkavelaars ook een ontheffing van hun verkavelingsvergunningplicht. Een ontheffing is de toestemming van de Minister van Openbare Werken om een bepaalde activiteit uit te voeren die eigenlijk door de wet wordt verboden. Uit onderzoek is gebleken dat de ontheffing wordt verleend aan verkavelaars die op het moment dat ze bezig waren met de verkavelingsactiviteiten, de wettelijke verkavelingsvergunningplicht niet hebben nageleefd.

Voor de aanvraag van de vrijstelling en ontheffing zijn de volgende documenten o.a. vereist: verzoekschrift ter vrijstelling/ontheffing, hypothecair uittreksel, oorspronkelijke (moeder) perceelkaart, Google Earth kaart, leges, verdelingskaarten en het bewijs dat er tenminste 3 kavels uit het project reeds zijn overgedragen. Indien het grondhuur of erfpachtsrecht wordt verdeelt zijn naast de voormelde documenten nodig: een LAD no. strookje daterende van voor 06 augustus 2014 en een rechtsgeldige goedkeuringsbeschikking ter overdracht, uitgegeven door de Minister van Grondbeleid en Bosbeheer.

Vermeldenswaard is dat voor de gronden die in grondhuur zijn uitgegeven een dubbele goedkeuring voor de verkaveling geldt. Het gaat om enerzijds, krachtens artikel 19 lid 1 Decreet Uitgifte Domeingrond, de uitdrukkelijke toestemming van de minister van Grondbeleid en Bosbeheer om het recht van grondhuur te verdelen. En anderzijds de goedkeuring van het verkavelingsplan door de minister van Openbare Werken (verkavelingsvergunning). Het Ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer dient allereerst toestemming te verlenen om het grondhuurrecht te verdelen, daarna kan de titelgerechtigde het Ministerie van Openbare Werken benaderen voor de vereiste verkavelingsvergunning.

In de praktijk wordt de vrijstelling of ontheffing van de verkavelingsvergunning aangevraagd om de transportakte door de notaris te laten passeren en deze ter overschrijving aan de Bewaarder van het MI-GLIS te bieden. Dit aangezien de notaris conform de Stedebouwkundige Wet, de verkavelingsvergunning moet verwerken in de akte, zo niet de overschrijving van de akte in de daartoe bestemde openbare registers wordt geweigerd. In de praktijk wordt de vrijstelling of ontheffing opgenomen in de akte indien er geen verkavelingsvergunning is.

De vraag die rijst is wat is de juridische grondslag voor de vrijstelling en ontheffing? De bijzondere redenen op basis waarvan er een vrijstelling of ontheffing wordt verleend is niet op enige wijze juridisch onderbouwd vastgelegd. Hier komt het legaliteitsbeginsel ter sprake. Op basis van het legaliteitsbeginsel dienen de handelingen van de overheid gebaseerd te zijn op een wettelijke bepaling.

Aangezien de vrijstelling en ontheffing een juridische grondslag tevens toetsingscriteria ontberen, worden er naar willekeur vrijstellingen en ontheffingen verleend. Opmerkelijk is dat de beleidsmakers enkele positieve initiatieven ondernemen ter realisering van het gewenst transparant beleid, maar er is veel werk aan de winkel. Aanbevelenswaard is dat het Ministerie van Openbare Werken de vrijstellingen en ontheffingen van de verkavelingsvergunningplicht, juridisch/technisch onderbouwd formaliseert. Het Ministerie van Openbare Werken moet op een duidelijke, wetmatige en gedetailleerde manier aangeven wat de vergunning aanvrager moet doen om het aangevraagde aanvaardbaar te maken. Transparantie zal willekeur en corruptie verminderen.

mr. Santucia Dwarka Chaubé

Noot: Geïnteresseerden worden voor een uitgebreid artikel inzake dit onderwerp verwezen naar
SJB 2020 no.3.
Advertenties

Saturday 06 March
Friday 05 March
Thursday 04 March