Bronto Somohardjo
Rodney Cairo beschuldigt minister van Defensie Uraiqit Ramsaran van “gevaarlijke naïviteit” en het prijsgeven van “staatsgeheimen” aan “de vijand”. Dat zijn ernstige beschuldigingen die onderbouwd moeten worden. Dus, mijnheer Cairo: welk staatsgeheim is volgens u onthuld? Welke geclassificeerde informatie, militaire operatie, troepenpositie, beveiligingsprocedure of strategische capaciteit is in gevaar gebracht? Noem er één, concreet en controleerbaar.

Tot nu toe heeft u geen bewijs geleverd. Beelden van achterstallig onderhoud aan kazernes zijn geen staatsgeheimen. Zij tonen slechts een bestuurlijke realiteit die jarenlang is genegeerd: militairen hebben onder onwaardige omstandigheden moeten werken en trainen. Een vervallen kazerne wordt niet veiliger door haar aan het zicht te onttrekken, maar door haar te herstellen.

U, mijnheer Cairo, bent degene met een militaire achtergrond. Juist daarom mag van u worden verwacht dat u uitlegt welk concreet veiligheidsrisico door de beelden is ontstaan. Algemene verwijzingen naar “de vijand” volstaan niet. De veiligheid van kazernes wordt niet bepaald door het verbergen van gebreken. Zij vraagt om goed onderhoud, adequate voorzieningen, duidelijke procedures, discipline en verantwoordelijke leiding. Wie militairen jarenlang onder slechte omstandigheden laat werken, kan niet volstaan met de bewering dat het tonen daarvan op zichzelf een veiligheidsrisico vormt.

Als u beweert dat de minister staatsgeheimen heeft prijsgegeven, rust de bewijslast bij u. Geef aan welke informatie is onthuld, waarom die geclassificeerd was en welk concreet risico daardoor is ontstaan. Zolang u dat niet doet, blijft uw beschuldiging een ongefundeerde insinuatie.
Suriname beschikt bovendien al publiekelijk over informatie over de aanwezigheid en locaties van verschillende militaire kazernes, bases en detachementen. Het bestaan van militaire locaties en de aanwezigheid van Defensie in verschillende delen van het land zijn geen geheim. Ook de Marinebasis, de Luchtmachtbasis en verschillende detachementen zijn in openbare overheidsinformatie terug te vinden. Het tonen van beelden van kazernes betekent daarom niet automatisch dat staatsgeheimen zijn onthuld.

Dat neemt niet weg dat Defensie zorgvuldig moet beoordelen welke details openbaar kunnen worden gemaakt. Maar daarvoor is concreet bewijs nodig: welke informatie was gevoelig, welke classificatie gold en welk operationeel risico is ontstaan? Tegelijkertijd zijn belangrijke stappen gezet. De bijzondere toelagen zijn verdubbeld, militairen zijn bevorderd en ongeveer vijfhonderd Surinamers hebben zich aangemeld voor het rekruteringsprogramma. Dat zijn concrete resultaten.

Het werk is echter nog niet af. De kazernes, uitrusting en medische voorzieningen moeten verder worden verbeterd. Ook de rechtspositie, overige toelagen en financiering van de rekrutering verdienen blijvende aandacht. Als voorzitter van de Vaste Commissie voor Defensie zal ik deze versterking kritisch en constructief blijven ondersteunen.

Mijnheer Cairo, kritiek op beleid is uw goed recht. Maar wie spreekt over “staatsgeheimen” en “de vijand”, moet met feiten komen. Totdat u één concreet staatsgeheim kunt aanwijzen dat is onthuld, heeft u geen veiligheidsprobleem aangetoond, maar slechts een zware beschuldiging geuit zonder onderbouwing.

Bronto Somohardjo
Voorzitter Vaste Commissie voor Defensie
De Nationale Assemblée