Suriname was er niet voordat de Inheemse volken er waren
De Staat kwam later. De mensen waren er eerder. Precies daar ligt een constitutioneel probleem dat Suriname niet langer kan wegdrukken. Artikel 41 van de Grondwet bepaalt dat natuurlijke rijkdommen aan de Staat toebehoren en dat de Staat het eigendomsrecht heeft om daarover te beschikken. Maar daaruit volgt juridisch niet dat de Staat daarmee een blanco cheque heeft gekregen om zonder effectieve rechtsbescherming traditionele leefgebieden binnen te dringen, concessies uit te geven of natuurlijke hulpbronnen te exploiteren.
Artikel 41 geeft staatsmacht. Het heft andere rechten niet op. Dat onderscheid is essentieel. De Grondwet moet immers niet worden gelezen alsof één artikel alle andere constitutionele beginselen buitenspel zet. Staatsgezag wordt begrensd door de rechtsstaat, grondrechten, gelijkheid, menselijke waardigheid, behoorlijk bestuur en de verplichting van de overheid om het algemeen belang daadwerkelijk te beschermen.
Wanneer overheidsbesluiten rechtstreeks gevolgen hebben voor het land, de cultuur, het water, de voedselvoorziening en de traditionele bestaansmiddelen van inheemse en tribale gemeenschappen, kan de Staat niet volstaan met: “De natuurlijke rijkdommen zijn van ons.”
De echte vraag is: Welke rechten van de betrokken volken moet de Staat respecteren voordat hij zijn bevoegdheden uitoefent?
Artikel 41 tegenover Saramaka
Daar wordt het juridisch interessant. In Saramaka People v. Suriname heeft het Inter-Amerikaanse Hof voor de Rechten van de Mens juist de grenzen behandeld van staatsmacht over natuurlijke hulpbronnen in gebieden die traditioneel door een tribaal volk worden bewoond. De boodschap is fundamenteel: staatsgezag over natuurlijke hulpbronnen betekent niet dat de Staat vrij spel heeft.
Wanneer grootschalige economische activiteiten de traditionele eigendoms- en bestaansrechten van gemeenschappen kunnen raken, zijn effectieve waarborgen noodzakelijk. Participatie, bescherming van culturele en sociale belangen en — onder de omstandigheden die het Hof heeft vastgesteld — voorafgaande, vrije en geïnformeerde toestemming zijn geen politieke gunsten.
Het zijn rechtswaarborgen tegenover staatsmacht. Daarmee wordt artikel 41 niet vernietigd. Het wordt begrensd door het hogere juridische kader waarin Suriname zijn staatsmacht moet uitoefenen.
Kaliña en Lokono maken de rekening nog duidelijker
In Kaliña and Lokono Peoples v. Suriname werd opnieuw duidelijk dat de Staat niet kan doen alsof natuurbeheer, economische ontwikkeling en beschermde gebieden losstaan van de rechten van inheemse volken. Het Hof heeft juist de collectieve relatie tussen volk, grondgebied, cultuur, natuurlijke hulpbronnen en effectieve rechtsbescherming centraal gesteld.
Dat betekent dat Suriname zich niet kan verschuilen achter nationale wetgeving wanneer de praktische uitwerking daarvan fundamentele rechten onvoldoende beschermt. Een staatsvergunning is geen juridische vrijbrief. Een concessie is geen antwoord op een mensenrecht. En staatsbezit is geen automatische vernietiging van historische rechten.
De koloniale erfenis kan niet worden weggeschreven
Daar komt nog iets bij. De koloniale macht heeft het territorium van Suriname bestuurd en vervolgens overgedragen. Maar een territoriale overdracht tussen koloniale machten is niet hetzelfde als een rechtsgeldige beëindiging van alle rechten van de volken die het gebied al bewoonden. Suriname heeft de voordelen van die historische staatsvorming geërfd. Dan kan de republiek niet alleen de voordelen van die geschiedenis claimen en de juridische verplichtingen die daaruit voortvloeien negeren.
De historische lijn is onontkoombaar:
Oorspronkelijke bewoning → koloniale overheersing → staatsvorming → onafhankelijkheid → voortzetting van staatsgezag → exploitatie van natuurlijke hulpbronnen → onvolledige erkenning van collectieve grondenrechten.Dat is geen romantische geschiedschrijving. Het is een rechtsvraag.
9 augustus: geen ceremonie, maar confrontatie
Daarom mag 9 augustus 2026 niet eindigen met toespraken over cultuur, traditie en respect. Want welk respect is dat wanneer de Staat de cultuur prijst, maar de territoriale basis waarop die cultuur bestaat onvoldoende beschermt? Welke erkenning is dat wanneer gemeenschappen worden gehoord nadat besluiten al zijn genomen? En welke rechtsstaat is dat wanneer artikel 41 wordt aangehaald als staatsrechtelijke bevoegdheid, maar de grenzen van die bevoegdheid worden vergeten?
De Staat moet niet alleen vragen wat hij mag nemen. Hij moet eindelijk vragen wat hij juridisch moet respecteren. De kernvraag is daarom niet hoeveel grond de Staat bereid is af te staan. De kernvraag is: Welke collectieve rechten bestonden al vóór de Surinaamse Staat — en op welke rechtsgrond denkt de Staat dat hij die rechten eenzijdig kan beperken?
Dat is de constitutionele confrontatie die niet langer kan worden uitgesteld. Suriname wordt niet zwakker wanneer het zijn oorspronkelijke volken rechtsbescherming geeft. Integendeel.
Een Staat die werkelijk soeverein is, hoeft zijn macht niet te bewijzen door de rechten van zijn oorspronkelijke volken te ontkennen. Artikel 41 geeft de Staat geen vrijbrief boven het recht. De ware test van Surinaamse soevereiniteit is daarom niet hoeveel de Staat kan opeisen, maar of hij bereid is zijn eigen macht aan het recht te onderwerpen.
Romeo Jubitana
Mensenrechtenactivist | Politiek analist
Vandaag
-
16:34
Woning afgebrand aan Sastrodisomoweg
-
14:32
China en Nepal: Race tegen de tijd om duizenden vermisten te vinden
-
12:30
Drie verkoolde lijken aangetroffen na woningbrand in Jarikaba
-
11:16
Tyrone Spong wil instituut voor natuurbescherming oprichten
-
09:14
Bromfietser overleden na aanrijding in centrum
-
09:00
Kenki a systeem: Van fysieke naar menselijke infrastructuur
-
07:02
Jamaica haalt US$2,5 miljard uit toerisme ondanks zware economische nasleep orkaan
-
05:06
Warm en benauwd, later meer kans op buien
-
03:04
Guyana ontvangt Cubaanse en Afghaanse gedeporteerde immigranten uit VS
-
01:02
Vertroebeling van water door ongecontroleerde goudwinning
-
00:00
Pawiroredjo: Staatsburgerschap niet alleen voor voetballers
Gisteren
- Tapajai en loadshedding
- Grote brand verwoest deel houtzagerij aan Duisburglaan
- Nieuw veiligheidsplan moet land weerbaarder maken tegen moderne dreigingen
- Stoffelijk overschot in vergevorderde staat van ontbinding aangetroffen (update)
- Surinamerschap mag geen voorrecht voor enkelen worden
- Ruim 500 'landlopers' geregistreerd in Paramaribo
- Canawaima: Tijd voor een structurele oplossing tusen Suriname en Guyana
- Speurhonden vinden geen stoffelijk overschot in zaak Leysner
- Bestuurder aangehouden na negeren stopteken en vondst illegaal vuurwapen
- Man aangehouden na schieten op e-biker en taxichauffeur
- Caricom zet volgende stap in strijd voor herstelbetalingen slavernij
- Zonnig en warm, later kans op lokale buien
- Man buiten bewustzijn na aanval door Braziliaanse bijen in Houttuin
- Zeventig deelnemers aan 24 uur durende Bijbelleesmarathon
- Saramaccarivier heeft geen kippen maar herstel nodig
- Eerste van vijf politieposten in veiligheidszone Paramaribo geopend
Eergisteren
- Toenemende mobiliteitsdruk legt spanning op verkeersveiligheid
- Unicef: 20 miljoen kinderen per jaar slachtoffer van online seksueel misbruik
- Afobakaweg na rehabilitatie binnen vijf dagen weer open
- Gewapende overval Udaipurweg; daders vluchten in Toyota Ractis
- Raio’s dragen verbeterpunten aan na stage bij rechterlijke macht
- Grankreek maakt opnieuw bezwaar tegen zandafgravingen
- Als de politiek het niet kan, wie dan wel?
- Grassalco laat na NMA-onderzoek eigen extern onderzoek uitvoeren
- Bedrijfsleven wil 10 tot 15 MW extra zonne-energie realiseren
- Suriname moet veiligheidsdreigingen eerder herkennen
- Nederland verplaatst 10 miljard dollar aan goud uit de VS; Waarom?
- Warm en overwegend droog, lokaal kans op een bui
- In memoriam Prof. Dr. Jan Mol
- Column: Maak salarissen staatsmachten los van die van ambtenaren
- Parlement onderbreekt reces voor behandeling Surinamerschapwet