Het sprookje van Peter M. Wolff
20 Nov, 11:33
foto


Het artikel op Starnieuws van Peter M. Wolff met de titel 'het IMF laat Chandrikapersad Santokhi keihard vallen' is grote onzin, eigenlijk gewoon een sprookje van de Wolf. Als financieel-economisch adviseur van STREi, heeft hij de politieke partij van Maisha Neus, naar de Filistijnen geholpen. Nu richt hij zijn pijlen op andere partijen.

Wolf bekritiseert zowel de Surinaamse regering als het Internationaal Monetair Fonds (IMF), zonder echt kennis te hebben van economische aspecten om de complexe situatie waarin Suriname zich bevindt, te begrijpen. De kritiek van de heer Wolff op het IMF over de onbetaalde couponrente op de Oppenheimer-obligaties toont eveneens een fundamenteel gebrek aan begrip van staatsschuldherstructureringen en van de rol van het IMF.

Suriname was bankroet door te veel schuld. Deze obligaties zijn een juridische overeenkomst (Eurobond documentatie, Reg S, New York law) tussen Suriname en de obligatiehouders. Het niet betalen van de couponrente zou Suriname blootstellen aan aanzienlijke juridische risico's, zoals duidelijk gemaakt door het gerenommeerde advocatenkantoor White & Case. De opgelopen rente is een fundamenteel onderdeel van herstructureringen.

Suriname heeft gelukkig wel een standstill (d.w.z. dat de rente- en aflossingen van deze NDP-leningen niet op de juridische overeengekomen tijdstippen betaald hoefden te worden) vanwege het IMF-programma. Het IMF kan en mag niet interveniëren in dergelijke commerciële afspraken. Het IMF kan wel een uitspraak doen over de schuldhoudbaarheid en de bruto financieringsbehoefte van de staat.

Op basis van deze berekeningen heeft het IMF een korting op de schuld aanbevolen, m.a.w., de kapitaalverschaffers zoals de Oppenheimer obligatiehouders moeten een verlies incasseren. In ruil voor dit verlies - in het geval van de obligatiehouders is dat 29%- en andere voorwaarden, geeft het IMF een overbruggingslening tegen een zeer lage rente (1 à 2 %) om Suriname uit de crisis te helpen.

De misleidende bewering van de heer Wolff "dat de volledige royalty-opbrengsten van blok 58 naar de obligatiehouders zullen gaan tot 2050", is feitelijk onjuist. Of in gewone mensen taal: een grove LEUGEN! In werkelijkheid zal Suriname uit blok 58 verscheidene inkomsten genereren, waaronder royalty's, inkomstenbelastingen, een aandeel in de winst olie en dividenden van Staatsolie.

Slechts 30% van de royalty’s komt t.z.t. beschikbaar voor de obligatiehouders, en dat ook pas nadat Suriname zelf de eerste $100 miljoen volledig heeft ontvangen. Suriname zal 97% tot 98% van alle inkomsten van blok 58 overhouden en de bondholders zullen slechts 2 à 3% verdienen ter compensatie van hun verlies. Door dit instrument zijn obligatiehouders akkoord gegaan en is Suriname niet meer bankroet.

Dit is een veel genuanceerder en evenwichtiger regeling dan Wolff suggereert. Hij geeft met deze bewering ook aan dat hij zelfs hele basisbegrippen van de herstructurering niet begrijpt. Overigens was het dezelfde heer Wolff die adviseerde om het kroonjuweel van Suriname, Staatsolie, voor een deel te noteren aan een beurs.

De herstructurering van de Surinaamse schuld met de royalty compensatie wordt overigens door professionele beleggers gezien als een hanteerbaar oplossingsmodel voor andere landen met een vergelijkbare positie als Suriname. De royalty's zullen worden gestort op een rekening die alleen op naam van Staatsolie staat. Een trustee zal erop toezien dat de eerste US$100 miljoen aan royalty's geheel naar Suriname gaat. Pas daarna, komt 30% van de royalty's vrij voor de bondholders, 70% gaat naar Suriname. Het maximaal bedrag dat Suriname moet betalen is US$787 miljoen.

Op basis van de olie-volume projecties is reeds uitgerekend dat reeds rond 2030/2032 deze verplichting voor ongeveer de helft van het maximale bedrag kan worden afgelost. Erg jammer dat Wolf de transactie totaal niet begrijpt. Er is namelijk geen sprake van onderpand, want er is geen lening. Als Suriname geen royalties ontvangt hoeft er niets betaald te worden.  

Pas als Suriname royalty's ontvangt is er een plicht tot betaling. Voor de echte experts onder ons: de VRI is namelijk een olie-warrant met niet-contractuele cashflows onder een "springing security". Dit wil zeggen dat als Suriname de 30% royalty betaling niet aan de bondholders kan betalen, de trustee beslag kan leggen op de gehele account, totdat weer voldaan wordt aan de betalingen.

De staatsschuld is door het beleid en offers uit de samenleving teruggebracht van 160% naar nu 100% van het BBP! Het IMF heeft Suriname juist complimenten gemaakt hiervoor. De IMF-mission had het duidelijk over het saneren van de spookambtenaren die tijdens de vorige regeringsperiode zijn aangetrokken. Met deze besparingen zal het sociale beleid naar de sociale zwakkeren, beter kunnen worden uitgevoerd.

Carmen Pinas
Advertenties

Saturday 13 July
Friday 12 July
Thursday 11 July