Wim Udenhout: nationaal rolmodel
27 May 2023, 08:45
foto
Premier Wim Udenhout bij boekpresentatie: AID AND DEPENDENCE
The Case of Suriname. A study in Bilateral Aid Relations (Baijah Mhango 1984),
pand Cornelis Jongbawstraat 19.


Ik leerde Wim Udenhout eind 70er jaren van de vorige eeuw als leraar kennen. Ik had niet kunnen denken dat ik hem in zoveel andere sferen zou ontmoeten en hem zou leren kennen als iemand die onbaatzuchtig hielp bouwen aan het huis Suriname: als leraar, premier, ambassadeur, trekker van Conservation International, Suriname Conservation Foundation en als tafeltennisser. Maar bovenal als de bewaker van normen en waarden dwars door alle maatschappelijke sferen.

Leraar
Als leraar Engels maakte ik Wim mee als gecommitteerde bij eindexamens. Hij was onberispelijk in zijn beheersing van het officiële (brits) Engels, de literatuur van Shakespeare  maar ook in zijn kennis van de Amerikaanse geschiedenis. Een perfecte en  rechtvaardige leraar die met zijn eerlijkheid garant stond dat hij een goede student ook met een 10 kon bekronen bij het mondeling eindexamen Engels.

Ontwikkelingshulp
Als voorzitter van de Stichting Wetenschappelijke Informatie nodigde ik Wim uit (toen minister-president van februari 1984 tot juli 1986) bij de launch van AID AND DEPENDENCE. The Case of Suriname. A study in Bilateral Aid Relations (Baijah Mhango 1984). In dit ever green boek concludeert Baijah Mhango (wijlen)  dat de ontwikkelingssamenwerking tussen Suriname en Nederland met de gouden handdruk van 3,5 miljard gulden eerder een negatief effect heeft gehad dan bijgedragen aan duurzaamheid en zelfredzaamheid van de Surinaamse economie. Als  minister-president gaf Wim Udenhout een diplomatiek  indrukwekkende keynote bij de presentatie van dit boek waarin de Nederlandse ontwikkelingshulp werd 'ontmaskerd' te midden van een  turbulente militaire periode en een verstoorde relatie met Nederland.

IDB, IMF en Wereldbank
In de Verenigde Staten als ambassadeur en permanente vertegenwoordiger bij de Organisatie van Amerikaanse Staten (1989-1997)  toonde Wim zijn professionele bagage en integriteit. Ik was rond 1994 (periode van het eerste Surinaams Aanpassingsprogramma) in Washington aanwezig bij een debat tussen de InterAmerican Development Bank (IDB), het IMF en de WereldBank over aanpassingsprogramma’s met een menselijk gezicht. In de IDB met  de charismatische president Enrique Iglesias en ook in het regionale integratieproces bleek Suriname een vrij geïsoleerde positie in te nemen. Bovendien was ons land nogal onbetekenend en was er slechts 1 Surinaamse werknemer in een niet leidinggevende positie  binnen deze bank. Dit was een aparte ervaring! Wim vroeg mij te letten op de machtsverhoudingen binnen en tussen internationale financiële organisaties, ook die achter de schermen.  Zo was bijvoorbeeld een van de belangrijkste adviseurs van Iglesias een Nederlander. Udenhout gaf naadloos aan hoe bepaalde lobby’s via (grotere en invloedrijke landen zoals Brazilië) moesten worden bespeeld om speciale armoedebestrijdingsfondsen te kunnen verzilveren.

Ambassadeur
Als ambassadeur was Wim ook de persoon die minutieus de positie van Suriname in de hiërarchie van ambassades op een rijtje zette, en daarbij de (vrij onbetekenende) plek van ons land. Met een rit langs de vele ambassades in Washington werd duidelijk dat  de 'machtspositie' van landen in de wereld vrij sterk samenhing met de buurt/straat en ook de uitstraling en waarde van het ambassadegebouw.
Met empathie en liefde voor Suriname speelde de ambassadeur ook creatief  in op de positie van Suriname in de internationale diplomatieke wereld,  maar ook op 'moeilijke financiële tijden' van de regering in Paramaribo om tijdig middelen over te maken voor ambassade personeel en exploitatie.

Tafeltennis club: spel en dialoog
Onze decennia oude zondagse ‘Tafeltennis club' zonder naam in de IOL sporthal had veel meer om het lijf dan de bal over het net op de tafel slaan. De wijze lessen van Wim en onze dialogen hoorden er bij, en dit hield veel meer in dan de 'Ping-pong diplomatie' tussen de Verenigde Staten en China rond 1971. De Tafeltennis club met onder meer Tjonkie, Glenn Gersie, Erwin Murg, Eugene Olf en André Kramp beleefde de mooiste momenten  wanneer een tafeltennisbal zo hard werd gesmasht dat die tussen de muur openingen buiten de sporthal  terechtkwam.

Wim greep dan onopvallend het ‘diplomatiek' moment om de 'Tafeltennis dialoog' te starten. Hij  had het dan niet over zijn formele verworvenheden als  ambassadeur, diplomaat, of voorzitter van de Permanente Raad van de OAS, of  vertegenwoordiger van Suriname bij de beëdiging van Nelson Mandela. Centraal in de dialoog stond hoe wij tussen de regels van het officiële politiek nieuws moesten lezen en vooral lezen wat niet geschreven stond. De rode draad was  een antwoord te vinden om in de kleiner wordende speelruimte van het scheef gegroeide  politieke spel verantwoord en met moreel gezag Suriname op een respectabel democratisch spoor te brengen.

Deze gesprekken hadden vaak zoveel impact dat het tafeltennisspel  helemaal werd stilgelegd en het moest afleggen tegen de morele en ontwikkelingsdialoog voor een beter Suriname. Wim Udenhout is een nationaal rolmodel. Met de jarenlange gevoerde dialogen binnen en buiten onze tafeltennisclub blijkt de nalatenschap van Wim Udenhout als integere staatsman veel verder te reiken dan zijn professioneel leraarschap, voorvechter van natuur en milieu binnen de Suriname Conservation Foundation en zijn  professionele internationale diplomatie.

Als lid van de ‘Zondag Tafeltennisclub’, en mede namens de overige spelers wens ik de familie van Wim, zijn vrienden en de Surinaamse samenleving sterkte toe.
 
Jack Menke
Advertenties

Saturday 22 June
Friday 21 June
Thursday 20 June