Column: Minachting
10 Dec, 00:59
foto
Op de website van de SVB is er niks te merken over vrouwenvoetbal. De pagina is compleet leeg.


Eind oktober heeft de nationale mannenselectie de trainingen hervat. Ook zien we dat men druk bezig is draagvlak te zoeken voor een warming-up toernooi om de mannen klaar te stomen voor de nieuwe competitie. Op zich valt het toe te juichen dat het bestuur eindelijk stappen zet om de bal weer aan het rollen te krijgen in Suriname. Merkwaardig genoeg maakt de moederorganisatie geen aanstalten om de vrouwencompetitie op te starten.

Deze ontwikkeling is erg zorgwekkend, want uit de laatste internationale krachtmetingen is gebleken dat het niveau niet is om over naar huis te schrijven. Er zou dus juist een inhaalslag gemaakt moeten worden om damesvoetbal op een acceptabel niveau te brengen. Een bezoek aan de website maakt duidelijk dat de SVB gewoon niets doet aan vrouwenvoetbal. De pagina die daarover zou moeten gaan, is nog steeds leeg, terwijl ik hier al eerder gewag van maakte. Een vergelijking met de website van de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (knvb), laat zien dat het wel degelijk anders kan. Deze handelwijze van de bond toont de minachting van de moederorganisatie naar dit deel van haar leden.

De website van de knvb geeft aan dat damesvoetbal in Nederland een waardige plaats inneemt.

Misschien is het de hoogste tijd dat deze leden aandacht vragen voor de stiefmoederlijke behandeling en met de moederorganisatie om de tafel gaan om deze situatie te verbeteren. Als de SVB, ondanks financiële steun van de FIFA niet in staat is de belangen van deze bijzondere groep te behartigen, dan moet in het belang van de doelgroep ook hierover van gedachte worden gewisseld. De financiële middelen die jaarlijks door de FIFA beschikbaar worden gesteld moeten niet besteed worden aan afvaardigingen, maar aan de ontwikkeling van de sport vanaf de basis (grassroots). Deze ontwikkeling moet aan de hand van een lange termijn ontwikkelingsplan geschieden. Voorts moet het programma een landelijk karakter hebben. Eerder heb ik al aangegeven dat er een samenwerking moet komen tussen het ministerie dat verantwoordelijk is voor het sportbeleid en het ministerie van onderwijs om gebruikmakend van de bestaande structuren, damesvoetbal te ontwikkelen.

Nu is het nog makkelijker om een landelijke aanpak mogelijk te maken, want regionale ontwikkeling en sport zitten onder een paraplu. Er hoeven geen voetbalverenigingen opgericht te worden. In samenwerking met het ministerie dat onderwijs in zijn portefeuille heeft, kan damesvoetbal via de school ontwikkeld worden. Als elke school een vijf- of zevental meisjes heeft - voor het geval het moeilijk gaat om elftallen op de been te brengen- kunnen de basisvoetbalvaardigheden tijdens de lessen lichamelijke opvoeding worden bijgebracht. Per ressort kan er een competitie worden gehouden, waarna de verschillende ressortkampioenen spelen om het districtskampioenschap. Tenslotte spelen de districtskampioenen om het landskampioenschap.

Met deze aanpak wordt de SVB heel wat organisatorische rompslomp uit handen genomen en kan zij zich toeleggen op de materiaalvoorziening. Dit is een win-win situatie, want er hoeven geen speciale coaches opgeleid te worden en de competitie is de verantwoordelijkheid van de bestaande instituten (de betrokken ministeries), terwijl de scholen niet zelf voor materiaal hoeven te zorgen, hetgeen vaak een heikel punt is. Een ander voordeel is dat meisjes in de middag niet uit huis hoeven om naar de training te gaan. Alles gebeurt immers tijdens schooltijd.

Zolang de huidige aanpak niet drastisch verandert, zullen afvaardigingen weggegooid geld blijken te zijn. Het is de hoogste tijd om het roer om te gooien, zodat de meisjes die van voetballen houden, volledig aan hun trekken kunnen komen. De minachting vanuit de moederorganisatie moet nu een halt worden toegeroepen.

Mireille Hoepel
Advertenties