Werk aan de winkel voor sterkere rechtsstaat
04 Dec, 18:33
foto


Er is werk aan de winkel om onze rechtsstaat sterker te maken, vindt Ineke de Miranda voormalig rechter, nu lid van de Raad van Advies van het Centrum voor Democratie en Rechtspleging (CDR). In de derde zoom paneldiscussie woensdag tijdens de Democratiemaand 2020 van Projekta, stond de rechtsstaat centraal. De discussie concentreerde zich rond het thema ‘Rule of Law Index’ welke elk jaar wordt gepubliceerd door het World Justice Project. De Index meet de status van de rechtsstaat in de wereld aan de hand van een aantal factoren, zoals beperkingen aan de macht van de overheid, de afwezigheid van corruptie, de civiele en strafrechtspraak. In vergelijking met vorig jaar is Suriname een aantal plekken gedaald op de Index, van plek 69 (van de 126 landen) naar de 76e plaats (van de 128 landen) – de onderste helft.

Het is belangrijk om niet alleen te kijken naar de overall score op de hoofdfactoren, omdat die een vertekend beeld kunnen geven. Zo lijkt op het eerste gezicht Suriname nog redelijk te scoren als het gaat om ‘Open Government’, een begrip dat de principes omvat van transparantie, integriteit, het afleggen van rekenschap en participatie van belanghebbenden. Nu lijkt er in Suriname wel een redelijke mate van stakeholder participatie, maar het ontbreekt aan systematische en tijdige publicatie van informatie door de overheid, er is geen wet Openbaarheid van Bestuur en klachtenmechanismen zijn of niet-bestaand of functioneren slecht.

Zo is het voor elk van de hoofdlijnen van de index belangrijk om verder te kijken. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor de factor ‘Orde en Veiligheid’ waarbij Suriname een perfecte 1 scoort voor afwezigheid van burgerlijk conflict (burgeroorlog), maar vervolgens een ontzettend laag cijfer (0.2) scoort als het gaat om ‘afwezigheid van gewelddadig verhaal halen’ (violent redress). Dit duidt erop dat in Suriname personen veel te vaak geweld aanwenden om onderlinge geschillen op te lossen. ‘Ik vraag me af hoe dat zou komen’, stelde De Miranda.

Grondwetswijziging

Er zijn ook gebieden waar Suriname het over het algemeen goed doet, onder andere het waarborgen van de fundamentele rechten zoals vrijheid van geloof en religie; van vereniging en vergadering; en de vrijheid van meningsuiting. De Miranda vroeg aandacht voor een aantal aanbevelingen dat is gedaan tijdens de conferentie Democratie, rechtsstaat en rechtspleging gehouden door het CDR vorige jaar. De aanbevelingen moeten bijdragen aan een sterkere rechtsstaat, zoals investeringen in het stelsel van gefinancierde rechtsbijstand en het voortzetten van de overgang van het beheer van de rechterlijke organisatie van het ministerie van Justitie en Politie naar de rechtsprekende macht.

Een andere aanbeveling van de conferentie is dat ‘s lands bestuur uiterlijk in 2021 een wetsvoorstel aan De Nationale Assemblee aanbiedt voor substantiële wijziging van delen van de Grondwet over het regeerstelsel, het kiesstelsel, de maximale benoemingstermijn voor de president, het recht van ontbinding van het parlement, specifieke rechten van inheemsen en tribale volkeren, financiering van politieke partijen en beschrijving van een memorie van toelichting bij de Grondwet.

De staat van Civiele- en Strafrechtspraak
De jurist Eloa van der Hilst focuste zich op de aspecten van het civiele en strafrecht. Bij het beoordelen van het civiele en strafsysteem worden factoren zoals toegankelijkheid beoordeeld, maar ook de factoren zoals corruptie in het systeem, discriminatie door het systeem, alternatieve geschillen beslechting, de duur van het proces en ongepaste inmenging van de overheid.

Van der Hilst, die ook dit jaar één van de respondenten was voor het World Justice Project, geeft aan dat er binnen het civiele systeem een aantal structurele problemen zijn, hoewel er in de loop der jaren het één en ander is verbeterd. Zo is er sprake van een snellere ingang bij de rechter in geval van een kort geding; verzoeken voor beslag worden sneller toegekend, en vonnissen zijn sneller beschikbaar. Het Hof van Justitie publiceert ook de vonnissen via zijn website. Echter is het door de Covid-crisis veelal niet mogelijk lijfelijk aanwezig te zijn in de rechtszaal. Stagiaires kunnen niet naar de zitting, wat een achterstand betekent in hun opleiding.

Ook de ‘onredelijk lange duur van het proces’ wordt Suriname aangerekend op de Index. De afhandeling van rechtszaken duurt steeds langer, stelt Van der Hilst. Er zijn meer rechters nodig om de veelheid van rechtszaken af te handelen. De wet geeft aan dat er maximaal 40 rechters mogen zijn in Suriname, maar door de groei van de samenleving en dus ook van het aantal rechtszaken is dit aantal niet meer valide. Alle sprekers waren het erover eens dat door de druk op het klein aantal rechters de kwaliteit van de rechtspraak achteruit kan gaan en processen te lang duren. De aanbeveling is dan ook te investeren in een initiële en een structurele rechtersopleiding en daardoor een constante aanwas van rechters te garanderen.

Gerechtigheid en corruptie
De jurist Antoon Karg, ook één van de respondenten voor de Rule of Law Index, gaf aan dat Suriname voor wat gerechtigheid en corruptie betreft gepositioneerd staat in de buurt van landen zoals Kazachstan, Kosovo en Senegal. Dit zijn landen met een recent verleden van interne oorlogen. Suriname staat ook op de onderste plaats als gekeken wordt naar de landen van de Carïbische regio en Latijns Amerika.

Karg voerde aan dat de corruptie bij de uitvoerende en wetgevende macht veel hoger is dan het gemiddelde dat gehanteerd wordt. Het is overigens ook opvallend dat volgens de Index de corruptie bij de wetgevende en de uitvoerende macht veel erger wordt geacht dan die bij de politie en leger en bij de rechterlijke macht. Karg noemde drie wetten die wat hem betreft nodig zijn om de rechtsstaat te versterken, naast de constitutionele wijzigingen en andere maatregelen die ter sprake kwamen, namelijk de Transitiewet die een ordelijk verloop van machtsoverdracht na een verkiezing regelt, de wet Dwangsom Bestuur, die de overheid zal dwingen sneller te handelen als zij in het ongelijk is gesteld door de rechter, en de wet op het Enquêterecht voor zowel DNA als Districtsraden. Hij pleit hierbij ook voor het creëren van de mogelijkheid om getuigenverhoor op districtsniveau te doen. Voor De Miranda staat de Wet Openbaarheid van Bestuur hoog op de agenda. Voor Van der Hilst is absoluut prioriteit dat er een uitgewerkt insluitbeleid met duidelijke indicatoren van wat wordt verstaan onder een redelijk vermoeden van schuld en andere voorwaarden en een tuchtcollege/klachtenmechanisme voor het Openbaar Ministerie. Als aanvulling ziet Karg graag ook verschil in indicatoren voor wat redelijk/toepasselijk insluitbeleid bij een recidivist of first offender.

De volgende openbare activiteit van de Democratiemaand 2020 is een interactie sessie anticorruptie sessie. Deze zal op 9 december van 19.00 tot 20.30 uur plaatsvinden. Deelname is mogelijk via Zoom.
Advertenties