Afgang van potentieel 17e rijkste land ter wereld
03 Dec, 18:37
foto


Veel Surinamers sloegen zich in jaren 90 trots op de borst, toen een gerenommeerde instantie Suriname als potentieel 17e rijkste land ter wereld noteerde. Deze conclusie werd getrokken op basis van het feit dat Suriname de beschikking had over diverse natuurlijke hulpbronnen. Als het land zijn grondstoffen op een duurzame manier zou exploiteren, dan was economische groei gegarandeerd. Daarnaast was Suriname een van de groenste landen ter wereld en werd tevens als longen van de wereld beschouwd, gepaard gaande met veel vruchtbare grond en een kleine bevolking in relatie tot s ’lands oppervlakte. Het is echter de vraag of het intellectueel vermogen van de bevolking c.q. politici en het vermogen om dit intellect om te zetten in welvaart voor het land, ook in deze beoordeling is meegenomen.

Mede door het strakke macro-economisch beleid van de regering Venetiaan tussen 2000-2010, heeft Suriname in juli 2012 de voor haar hoogste kredietwaardering tot nu toe BB- verkregen van Fitch. Op 26 februari 2016 werd Suriname onder leiding van Bouterse voor het eerst sinds juni 2004 gedowngraded naar een B+ rating. Al gauw volgde er een B- waardering in februari 2017. In Januari 2020 volgde een CCC afwaardering en niet lang daarna in juli 2020 een downgrade naar C. Vandaag de dag is het potentieel 17e rijkste land ter wereld in een beschamende restrictieve default (RD) positie belandt. Dit vanwege het feit dat Suriname haar schulden, gecreëerd door de regering van ex-president Bouterse, niet kan afbetalen. Daarom is bepaald dat Suriname deels failliet wordt verklaard op basis van het niet kunnen aflossen van de couponrente van de obligatieschuld van US$ 550 miljoen. Dit is een van de laagst mogelijke afwaarderingen die een land kan krijgen, voordat het officieel failliet wordt verklaard. Suriname staat nu op nummer 5 van de meest armste landen ter wereld op een lijst van 100 landen.
 
De achterban van ex-president Bouterse, die hem als de beste president ooit van Suriname beschouwt, zal nu wel beseffen dat Suriname macro-economisch gezien onder zijn leiding naar de afgrond is gebracht. De jongere generatie die beweert niets te hebben meegekregen van zijn wandaden, zal nu ook inzien dat hun toekomst wel degelijk is gebaseerd op de geschiedenis van hun ouders. 30 jaar Bouterse heeft tot een ongekende armoedeval geleid in Suriname. De Surinaamse munt werd structureel steeds minder waard, zodra deze man het voor het zeggen had. 50 jaar geleden was de waarde van de Surinaamse gulden ten opzichte van de Nederlandse gulden nog 2,4! Voor één Surinaamse gulden kreeg je 2,4 Nederlandse gulden. Onder Bouterse is dit veranderd in de koers van 6 eurocent op 1 SRD. Van trots naar schaamte in twee generaties.

Het volk had de laatste hoop voor wederopbouw van Suriname in de handen van de VHP en de ABOP gelegd. Deze partijen blijken echter niet te hebben geleerd uit het verleden en passen dezelfde verderfelijke vorm van politiekvoering toe als hun voorgangers. Vooral de ABOP werd door het onredelijke en verouderd kiesstelsels ruimschoots beloond. Het is nu meer dan ooit duidelijk en actueel dat politieke partijen, die veelal op etnische basis gestoeld zijn, bevoordeeld worden door het onredelijke kiesstelsel in Suriname. Hierdoor kunnen partijleiders die aantoonbaar ongeschikt, corrupt en vaak zelfs veroordeeld zijn, alsnog aan de macht komen om over het lot van circa 600.000 mensen te bepalen. Nu blijkt dat de huidige regering het stokje in alle opzichten heeft overgenomen van zijn voorganger. Geen deskundigen, geen stabiliteitsplan, wel nepotisme en belangenverstrengelingen.

Alles lijkt weer NDP: Nyan dringi prisiri”. Uitstel van betaling vragen, terwijl men vrienden en familieleden rijkelijk beloond met overheidsbanen. Dure adviesbureaus inhuren, om ons de weg naar het IMF te wijzen, maar geen kennis vanuit de eigen hoog geprezen kaders hoe dit te implementeren. Het hervormen van de belastingdienst om de inkomsten van Suriname te vergroten blijkt ook nu een brug te ver. De controle over onze binnenlanden om de goud- en houtsector te ordenen om er zodoende munt uit te slaan en milieuvervuiling tegen te gaan, is een utopie.

Nu Suriname aan het infuus van het IMF is gelegd door de beleggers van Oppenheimer, zullen het afschaffen van subsidies, het inkrimpen van het ambtenaren apparaat, de verdere devaluatie van onze munt en het verder stijgen van de prijzen in de winkels, niet meer te ontwijken zijn. Het is te hopen dat de regering al een crisisplan klaar heeft staan om de sociaal-maatschappelijke gevolgen, die de bezuinigingsmaatregelen van de IMF teweeg zullen brengen, op te kunnen vangen voor de arme bevolking.

Peter M. Wolff                                                                                                                                        Petermartinwolff@outlook.com
Advertenties