Baidjnath Panday: Geen verkapte vorm van uitlevering
27 Oct 2017, 00:00
foto
Procureur-generaal Roy Baidjnath Panday. (Foto: Ranu Abhelakh)


Procureur-generaal (pg) bij het Hof van Justitie, Roy Baidjnath Panday, is blij met de goedgekeurde politiesamenwerking Suriname-Frankrijk. Hij weerspreekt beweringen dat de Franse gendarmerie nu Surinaamse burgers eigenhandig kan arresteren. “Ik wil beklemtonen dat deze politiesamenwerkings- overeenkomst geen ruimte biedt om verkapte vormen van uitlevering te initiëren”, zegt hij aan Starnieuws.

Als de Franse politie iemand zoekt op Surinaams grondgebied, dan kan de Surinaamse politie niet tot aanhouding overgaan en eigenhandig zeggen ‘hier heeft u de persoon. We werken toch samen, alstublieft’, legt de pg uit. “Dat is een verkapte uitlevering en dat valt niet onder deze samenwerking.” Op wat nu wel kan dat voorheen onmogelijk was, zegt de pg dat politieagenten elkaar nu concreet ondersteuning kunnen bieden in strafzaken door het zichtbaar maken van verdachten. “Maar ook in het zichtbaar maken van getuigen die iets kunnen vertellen over gepleegde strafbare feiten. Dit is een winstpunt”, zegt de pg. Voorheen konden de Surinaamse agenten en de gendarmerie elkaar alleen van dienst zijn door informatie uitwisseling.

Startinformatie
De samenwerking is nu iets breder en concreter. “De politie heeft vaak startinformatie aan het begin van een onderzoek nodig.” Nu kunnen de manschappen elkaar hierin voorzien. Voor een goed strafrechtelijk onderzoek is er nog meer nodig – vooral bij de grensoverschrijdende criminaliteit. Al hebben de agenten startinformatie van de collega’s aan de andere zijde van de rivier verkregen dan nog kunnen zij geen bevraging starten, merkt hij op. De politiesamenwerkingsovereenkomst voorziet niet hierin. Dat kan wel als Suriname en Frankrijk ook een rechtshulpverdrag tekenen. Er wordt dan en rechtshulpverzoek ingediend.

Opmerkingen over vrees voor mogelijkheden van gewelddadig en zelfstandig Frans optreden, vindt Baidjnath Panday niet terecht. Suriname heeft zich gecommitteerd via de overeenkomst dat de Fransen op Surinaams grondgebied actief zijn in gezelschap van Surinaamse collega’s. “We zullen op het Surinaamse grondgebied geen Franse politie tegenkomen die alleen arbeidt. Dit is absoluut uitgesloten.” Gebeurt dit toch, “dan is het een onrechtmatig optreden, dat gevolgen zal hebben in het kader van de samenwerking”. Omgekeerd geldt hetzelfde voor het Surinaamse korps.

Ruimte voor verbetering
Beweringen over de povere uitrusting en onderbemanning van Surinaamse agenten te Albina tegenover de zwaar en goede getrainde gendarmerie, kan de pg niet staven. “Ik weet niet wat de capaciteit is van de Franse politie qua menskracht en uitrusting. Ik weet dat wel van de Surinaamse zijde en daar is er genoeg ruimte voor verbetering.” Hij juicht het toe als de samenwerking aanleiding geeft om een boost te brengen voor die verbetering. Wanneer de gezamenlijke patrouilles starten, laat de pg over aan de politie. “Ik kijk natuurlijk wel over hun schouders mee naar wat er kan gebeuren. Ik ben verplicht dat te doen.”

Rechtshulpverdrag tekenen
Baidjnath Panday draagt kennis dat Suriname al zover is om het rechtshulpverdrag (wederzijdse juridische bijstand in strafzaken) te tekenen. Deskundigen van beide landen hebben samengewerkt en een werkdocument opgesteld, dat nu als conceptovereenkomst klaarligt. De pg zegt te zijn geïnformeerd dat het ministerie van Buitenlandse Zaken voor de president nagaat op welke wijze tot de ondertekening van het verdrag kan worden overgegaan. “Dit rechtshulpverdrag zal een perfecte aanvulling zijn op de politiesamenwerkingsovereenkomst.”

De vervolgingsbaas ontkent dat de ratificatie dinsdag een voorwaarde is geweest voor het tekenen van de nieuwe. “Absoluut niet. Beide overeenkomsten kunnen los van elkaar werken.” Hij stelt als voorbeeld de werkwijze met buurland Guyana. “Suriname heeft een hele goede politiesamenwerking met Guyana, maar nog geen rechtshulpverdrag. Dus beide zijn goede stand-alones.”

De verdragen sluiten goed op elkaar aan op het moment dat je de resultaten uit het strafrechtelijk onderzoek wilt gebruiken in een gerechtelijke afdoening, legt hij uit. Daarom zal hij de politie dan ook op het hart drukken om in hun proces-verbaal duidelijk aan te geven of de startinformatie is verkregen van de Fransen op basis van de samenwerking. “Dit om de juistheid van de informatievergaring te kunnen bevestigen. En elke vorm van illegaliteit en onrechtmatig handelen uit te sluiten.”

Uitleveringsverdrag Suriname-Frankrijk
Suriname en Frankrijk gaan verder in hun justitiële samenwerking. Zo is ook afgesproken dat na de ondertekening van het rechtshulpverdrag, partijen weer bijeenkomen om een uitleveringsverdrag op te stellen. “Dat wordt dus de derde etappe.”

Vooruitlopend op de ondertekening van het rechtshulpverdrag, heeft de pg met zijn collega’s in Frans-Guyana al afspraken lopen. Bijvoorbeeld dat partijen ten minste twee keer per jaar bijeenkomen voor een justitieel overleg. Er worden dan beleidslijnen vastgelegd over hoe te werk willen gaan. “We zullen dan ook informatie uitwisselen. Bijvoorbeeld over mensenhandel, drugssmokkel, dwangarbeid, illegale handel in wapens en munitie.” Ook de politie en douane zullen deelnemen aan dit justitieel overleg. Partijen zullen ook nagaan wat de beste manier is om informatie te delen ter voorkoming van strafbare feiten.