Wekker en Schalkwijk: LGBT en godsdienst
02 Jan 2015, 15:00
foto


Gloria Wekker heeft op 31 december 2014 een belangrijke discussie aangekaart in haar bijdrage Religie als opium voor het volk. De kern van haar betoog is dat het christendom aanzet tot homohaat. Ze onderbouwt dat met voorbeelden van fundamentalistische christelijke voorgangers die oproepen tot geweld tegen homo’s. Ze concludeert dat de oude marxistische slogan Godsdienst is opium voor het volk nog steeds van toepassing is. De dag daarop kreeg ze steun van Mr. Henny Eersteling.

Dezelfde dag komt Marten Schalkwijk met een kritiek, die er ook niet om liegt. Hij pakt de wetenschappelijke methode van Prof. Wekker aan. Wekker bewijst haar stelling niet met feiten, maar door selectieve associatie. Wekker wil het anti-homo lied 'Bullet' bekritiseren. Ze wil ook het christendom bekritiseren. Ze legt vervolgens een verband met die twee zaken via de methode 'guilt by association' in plaats van wetenschappelijke bewijsvoering, die vereist dat je laat zien dat de zanger en de tekst hun inspiratie halen uit het christendom. Schalkwijk heeft gelijk. 'Guilt by association' is geen wetenschappelijke bewijsvoering. Al noem je duizend voorbeelden van christenen die anti-homo activiteiten rechtvaardigen met de Bijbel, dan nog heb je daarmee niet bewezen dat Bullet een product is van het christendom en niet van een andere godsdienst, bijv. de Afrikaanse.

Schalkwijk kaart ook de kwestie van autoriteit van kennis aan. In sommige maatschappelijke discussies worden wetenschappelijke titels gebruikt om kracht te zetten bij een stelling. Wekker is professor en aan een Amerikaanse universiteit afgestudeerd. Schalkwijk is ook professor en aan een betere Amerikaanse universiteit afgestudeerd. Dus is zijn autoriteit groter dan die van Wekker, ook al ondersteunt Henk Eersteling met zijn 'Mr.'-titel haar stelling.
Voordat ik inga op de discussie zelf wil ik het toch gezegd hebben: in een wetenschappelijke discussie wordt de kracht van je argumentatie bepaald door de inhoud van je argumentatie, niet door je titels of je positie in het onderwijs. We kennen genoeg professoren die de grootste onzin verkondigen en genoeg mensen die niet eens lagere school hebben afgemaakt en de meest intelligente argumenten kunnen bedenken.

Strikt genomen heeft Schalkwijk gelijk in zijn methodologische kritiek op Wekker. 'Guilt by association' is inderdaad geen wetenschappelijke bewijsvoering. Als je ook nog een stelling presenteert met algemene geldingskracht 'Godsdienst is opium voor het volk', dan hoef je slechts één voorbeeld te vinden waarbij Godsdienst als bevrijding van het volk is gebruikt, en dan is je stelling al ontkracht.
Merkwaardig genoeg beperkt Schalkwijk zich tot de eerste kritiek. Maar het is niet zo moeilijk om voorbeelden te vinden in de LGBT-discussie waarbij christenen het voortouw nemen om taboes te doorbreken.

In mijn boek Verboden liefde – familie en homoseksualiteit in de Surinaamse gemeenschap geef ik voorbeelden van hoe Surinaamse christenen het geloof gebruiken tegen homoseksualiteit. Het boek is gebaseerd op gesprekken met homo’s en lesbiennes en hun familie. Het meest dramatische verhaal was van een Surinaamse vrouw, Suzanne, wier zoon de hulp inriep van een predikant. Hij had met steun van een dominee alle citaten uit de Bijbel bij elkaar gezet waaruit blijkt dat de Bijbel homoseksualiteit als een zonde beschouwt en dat God het afkeurt. Dat leidde tot een verwijdering tussen haar en haar kinderen. Voor een moeder was dat een verschrikkelijke klap. Naast de vele voorbeelden van hoe het christendom – en andere religies – homoseksualiteit als een zonde zien, heb ik ook verhalen naar voren gehaald van christenen die vanuit een diepe christelijke overtuiging over naastenliefde zich inzetten in de strijd voor LGBT-bevrijding.

In Nederland gaf ik het voorbeeld van het verschijnsel De Kringen. Dat bestaat heel lang. In mei 1962 wordt de veertigjarige dominee Rein Brussaard in Den Haag door de ouders van een overleden zoon gevraagd om de begrafenis te leiden. De jongen had zelfmoord gepleegd. Zijn seksuele geaardheid had een doorslaggevende rol gespeeld. Brussaard begraaft de jongen en kiest bij de uitvaart zijn woorden zorgvuldig. Hij haalt een Bijbeltekst uit het evangelie van Lukas aan (5, 27-32) en spreekt over Christus als vriend van de verachten. Hij gebruikt de maaltijd met tollenaars en anderen die maatschappelijk uitgestoten zijn. Na de teraardebestelling, nog op de begraafplaats, spreken drie mannen hem aan. Zij zeggen mensen te kennen waarvan zij vrezen dat die dezelfde keuze gaan maken. Zij vragen hem of hij hen wil helpen. De dominee neemt het initiatief om gespreksgroepen (kringen) op te zetten. De formule van de gespreksgroep was simpel. Mensen komen bij elkaar in een huiskamer of in een huiselijke kring. Ze worden geïntroduceerd door iemand die al lid is van de kring of melden zich aan bij de kringleider. Na een kennismakingsgesprek kunnen ze lid worden van de kring. Er is koffie, thee en koekjes. Het is geen openbare bijeenkomst. Mensen kunnen niet zomaar binnenlopen. Ze worden voorgesteld door iemand, die al lid is van een kring. Dan kunnen ze een uitnodiging krijgen voor een bijeenkomst. In 1963 waren er 80 kringen. Op haar hoogtepunt waren er 255 en nu iets meer dan honderd. De Kringen hebben bijgedragen aan de acceptatie van homoseksualiteit in Nederland.

In de Surinaamse EBG in Nederland is onlangs de discussie gestart over hoe de kerk zou moeten omgaan met LGBT-bevrijding. Mildred Uda-Lede is hierbij nauw betrokken en houdt lezingen over dit onderwerp vanuit een christelijk perspectief.
Zowel Schalkwijk als Wekker gaat voorbij aan deze ontwikkelingen. Maar ze zijn niet alleen te vinden in het christendom. In alle godsdiensten bestaan er stromingen die je kunt aanduiden als 'bevrijdingstheologie' waarbij religie als inspiratiebron wordt gebruikt niet voor de onderdrukking, maar voor de bevrijding van de mens. In Bolivia is in de grondwet discriminatie wegens seksuele geaardheid verboden. De Boliviaanse revolutie onder leiding van Evo Morales wordt gedragen door de Inheemse gemeenschappen waarbij de sjamanen een belangrijke rol spelen. In India kun je naast Man en Vrouw ook Transgender (M,V,T) opgeven bij de officiële registratie van geslacht. Het grootste deel van India is Hindoe of Moslim.

Tegen deze achtergrond is de stelling van Wekker dat godsdienst opium is voor het volk een vertekening van de werkelijkheid. Er zijn reactionaire stromingen die godsdienst gebruiken als instrument om onderdrukking te rechtvaardigen en te accepteren. Maar er is ook een groeiende groep die vanuit een religieuze inspiratie zich inzet voor de bevrijding van de mens. Als je die groep negeert, dan draag je bij aan het scheppen van een klimaat waarbij de strijd voor LGBT-bevrijding juist potentiële bondgenoten van je afstoot in plaats van naar je toetrekt.
Schalkwijk heeft in zijn kritiek op Wekker op geen enkel moment aangegeven waar hij staat in de discussie over LGBT-bevrijding. Wekker’s methode deugt in wetenschappelijk opzicht inderdaad niet, maar de discussie die ze aankaart – de relatie tussen religie en de strijd om LGBT-bevrijding – is wel een belangrijke maatschappelijke discussie.

Die discussie is hard nodig want er zijn duizenden individuen en families die worstelen met dit vraagstuk, het spanningsveld tussen de liefde voor je familielid en het geloof in grondbeginselen die hun levensstijl afkeuren. Dat spanningsveld los je op door een klimaat te scheppen waarin je met elkaar kan praten en begrip voor elkaar kunt kweken zodat een samenleving in normen, waarden, omgangsvormen en wet- en regelgeving de acceptatie van LGBT een feit kan laten zijn. Wekker’s artikel was geen positieve bijdrage aan dit klimaat en gaat daartegenin. En Schalkwijk heeft een kans laten liggen door niet voorbij de wetenschappelijke kritiek te gaan en vanuit zijn religieuze overtuiging aan te geven of en hoe je de LGBT-bevrijding wel op de maatschappelijke agenda kunt plaatsen.

Sandew Hira
Advertenties