Essed bezorgd over veiligheid Baboeram
15 Aug 2015, 02:11
foto


Met zorg heb ik kennis genomen van de volgende passage uit de laatste column d.d. 10 augustus 2015 van de heer Dew Baboeram. Ik citeer: Een grote zorg van mijn vrouw – ik ben daar wat luchtiger in – is mijn persoonlijke veiligheid. In een klimaat als deze - waar emotionele discussies gepaard gaan met persoonlijke aanvallen en bedreigingen aan mijn leven - heb je kans dat iemand mij iets probeert aan te doen. De regering heeft een veiligheidsfunctionaris beschikbaar gesteld. Hij is een militair en onderdeel van de veiligheidsdienst met alle logistieke faciliteiten in geval van problemen.

In verschillende publicaties heeft de heer Baboeram het meerdere keren over de 'emoties' van nabestaanden van de op 8 december 1982 te Fort Zeelandia vermoorde 15 mannen en ook de heer Bouterse heeft aangegeven de emoties van de nabestaanden te begrijpen. Volgens Baboeram blijkt nu dat emotionele discussies gepaard gaan met persoonlijke aanvallen en bedreigingen van zijn leven, en dat daarom de kans bestaat dat iemand hem iets probeert aan te doen. Op zijn zachtst gezegd wekt de heer Baboeram met zijn woordkeuze in deze ernstige zaak de suggestie dat mogelijk nabestaanden van de slachtoffers van militair en politiek geweld toen de heer Bouterse aan de macht was, hem Baboeram hebben aangevallen en zijn leven hebben bedreigd.

Laat mij wat dat betreft volstrekt duidelijk zijn: Ik vind dat elke bedreiging aan het adres van de heer Baboeram ten stelligste moet worden afgekeurd én resoluut moet worden bestraft. Ik neem aan dat de heer Baboeram de bedreigingen goed gedocumenteerd heeft en dat hij daarvan aangifte heeft gedaan.

Persoonlijk maak ik mij - na de mededeling van de heer Baboeram dat hij als reactie op deze bedreigingen van zijn leven, bewaakt wordt door een militair die onderdeel is van de 'veiligheidsdienst” en voorzien is' van alle logistieke faciliteiten in geval van problemen” - nog meer zorgen dan ik reeds had.

Ik heb namelijk reeds op 6 augustus 2015, op strikt persoonlijke titel, mijn bezorgdheid aan de heer Baboeram kenbaar gemaakt in verband met zijn veiligheid. Ik heb hem toen in een persoonlijk onderhoud voorgehouden dat naar mijn mening de heer Bouterse hem gebruikt en dat de recente geschiedenis van Suriname geleerd heeft dat ook personen die hand- en spandiensten aan de heer Bouterse hebben verleend, er soms niet goed vanaf zijn gekomen.

Ik heb de heer Baboeram erop gewezen dat Roy Horb, die deel uitmaakte van het tribunaal dat de 15 mannen ter dood heeft veroordeeld, niet lang na de decembermoorden hangend aan een koortje van zijn onderbroek werd aangetroffen in een cel en dat anderen in de schaduw een dodelijk zonnesteek hebben opgelopen en weer een andere bij een gezellig partijtje pootje baden, de verdrinkingsdood stierf. Zelfs verdwenen inheemse jongemannen geheel van de aardbodem na een forensische reconstructie onder leiding van de militaire politie.

Het is te hopen dat door de toegezegde medewerking aan zijn onderzoek door de Surinaamse legerleiding, Dew Baboeram erachter komt hoe en door wiens hand voren bedoelde slachtoffers gevallen zijn en dat hij de gemeenschap daarvan in kennis zal stellen.
Na de uitlatingen van de heer Baboeram acht ik het echter uiterst gewenst, naast hemzelf, ook de gemeenschap kennis te doen nemen van mijn toegenomen bezorgdheid over zijn veiligheid.

Mik mi mofo no abi bana watra
Paramaribo 14 augustus 2015
H.A.M. Essed