Suriname moet de verwachte inkomsten uit olie en gas benutten om een bredere en duurzame economische ontwikkeling op gang te brengen. Dat was maandag de centrale boodschap bij de opening van de Summit Duurzaam Suriname 3.0, waar overheid, bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en kennisinstellingen samen werken aan een langetermijnvisie voor de ontwikkeling van het land.

President Jennifer Simons benadrukte bij de opening in Hotel Torarica dat de olie- en gassector op zichzelf onvoldoende werkgelegenheid zal creëren. Volgens haar moet daarom juist worden geïnvesteerd in andere economische sectoren, zodat de opbrengsten uit olie en gas de gehele samenleving ten goede komen. "De oliesector kenmerkt zich door hoge inkomsten en weinig banen. Het zijn daarom de omliggende sectoren die onze mensen kwalitatief goede werkgelegenheid moeten bieden," aldus Simons.

De driedaagse summit geldt als het startpunt van een breder traject dat aansluit op de Roadmap Suriname. Daarbij wordt gewerkt aan een gezamenlijke ontwikkelingsvisie voor de periode 2040 tot 2050. Vertegenwoordigers van de overheid, de private sector, maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen en verschillende bevolkingsgroepen moeten gezamenlijk richting geven aan de toekomstige ontwikkeling van het land.

Ook minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu waarschuwde ervoor dat Suriname zich niet uitsluitend moet richten op de olie- en gasindustrie. Volgens hem bestaat anders het risico dat andere economische sectoren worden uitgehold doordat alle beschikbare arbeidskrachten naar de energiesector trekken. "Je wilt niet alleen concentreren op local content voor oil and gas, anders trek je de andere sectoren helemaal leeg", zei Brunings. Hij omschreef de gewenste toekomst als "een groen, gezond en duurzaam Suriname". De minister pleitte daarnaast voor een ontwikkelingsagenda die ook na regeringswisselingen richtinggevend blijft. Volgens hem zou een wettelijke verankering van de roadmap daarvoor de beste garantie bieden. President Simons sloot zich daarbij aan en stelde dat de ontwikkelingsvisie breed gedragen en regeringsoverstijgend moet zijn.

Tijdens de summit wordt gewerkt aan tien strategische ontwikkelingsgebieden, de zogenoemde Strategic Lanes. Daarbij worden data, sectoranalyses, praktijkervaringen en internationale inzichten gebruikt om de belangrijkste prioriteiten voor de komende decennia vast te stellen. Volgens voorzitter Karl Eckhorst van het Nationaal Ontwikkelingsplatform (NOP) staat Suriname aan de vooravond van ingrijpende economische veranderingen en is dit het moment om daarvoor de juiste keuzes te maken.

"We staan aan de vooravond van grote ontwikkelingen. Daarom is het belangrijk om deze discussies nu te voeren, maar ook concrete acties te ondernemen om ons daarop voor te bereiden," aldus Eckhorst.

Hij benadrukte dat het NOP niet zelf een nationaal ontwikkelingsplan zal opstellen, maar de bouwstenen wil aanreiken voor een breed gedragen langetermijnvisie. Daarbij moet de samenleving vanaf het begin actief worden betrokken, zodat de uiteindelijke ontwikkelingsagenda ook op brede steun kan rekenen en toekomstige regeringen richting blijft geven.