Polemiek over formulering besluit Constitutioneel Hof
Moet het Constitutioneel Hof (CHof) in zijn beslissing expliciet aangeven dat indien het voorgelegde wetsproduct of bestuursbesluit in strijd is met de G.W. of (volkenrechtelijke) overeenkomst, onverbindend is?
Fernandes Mendes: Ja.
Spong en van der Zwaag: Nee.
CHof: Nee.
In het SJB 2022 no. 1 hadden de auteurs mr. Gerard Spong en Taco G. van der Zwaag kritiek geleverd op de opvatting van mr.dr. Hugo Fernandes Mendes (HFM) dat het CHof in zijn dictum (beslissing) uitdrukkelijk moet stellen dat een bepaalde wet onverbindend is, indien het Hof van mening is dat die wet buiten toepassing moet worden gelaten.
Genoemde auteurs zijn van mening, in vaktermen gesproken, dat er geen declaratoire onverbindendverklaring door het CHof vereist is. In het zojuist verschenen SJB 2022 no. 2 bestrijdt HFM de opvatting van de bovengenoemde auteurs.
Voor een goed begrip is het nodig de tekst te vermelden van artikel 144 lid 3 G.W. die de basis vormt voor de beslissing van het CHof: Ingeval het Constitutioneel Hof oordeelt dat er strijdigheid is met één of meer bepalingen van de Grondwet of van een overeenkomst als in lid 2 onder a bedoeld, wordt de wet of worden gedeelten daarvan dan wel de besluiten van de overheidsorganen geacht onverbindend te zijn.
Oordeelt het Hof dat er strijdigheid met één of meer bepalingen van de Grondwet of een volkenrechtelijke overeenkomst bestaat, dan wordt de desbetreffende wet of gedeelte daarvan, dan wel het getoetste bestuursbesluit door het Hof geacht onverbindend te zijn, met ingang van de dag van de beslissing van het Hof.
Duidelijkheidshalve wordt opgemerkt dat met onverbindend bedoeld wordt het buiten toepassing laten van de wet of gedeelten daarvan. Het CHof heeft niet de bevoegdheid de desbetreffende wet of gedeelten daarvan nietig te verklaren of te vernietigen.
Een wet komt tot stand door onze wetgever (DNA en regering gezamenlijk) en kan dus alleen door de wetgever zelf ongedaan gemaakt worden. Maar het CHof heeft wel de bevoegdheid te bewerkstelligen dat in bepaalde gevallen wetten of gedeelten daarvan niet toegepast mogen worden. In de recente uitspraak over ons kiesstelsel van 5 augustus 2022 komt het Hof tot het oordeel dat de artikelen 9 jo 24 Kiesregeling in strijd zijn met de G.W., IVBPR en AVRM.
Het Hof zegt verder niet dat dit betekent dat de artikelen 9 jo 24 Kiesregeling door zijn uitspraak onverbindend zijn. De onverbindendheid vloeit voort uit artikel 144 lid 3 G.W. en het daarvan afgeleide artikel 28 lid 1 Wet CHof.
HFM stoelt zijn opvatting o.a. op de woorden door het Hof in artikel 28 lid 1 Wet CHof, terwijl Spong en van der Zwaag er juist voor pleiten deze woorden te laten verwijderen uit gemeld wetsartikel, omdat deze daarin niet thuis zouden horen en in strijd zouden zijn met het bepaalde in de G.W.
Los van de juridisch/technische beoordeling van de wetsteksten is de opvatting van HFM volkomen begrijpelijk omdat het voor de doorsnee burger niet duidelijk is wat de consequentie is van de uitspraak van het CHof. (De president van de Republiek Suriname heeft een commissie benoemd die o.a. tot taak heeft hem hierover te adviseren).
Maar ook de opvatting van Spong en van der Zwaag snijdt hout omdat strikt genomen er geen verplichting bestaat voor het Hof om verdere uitleg te geven over de betekenis van zijn uitspraak. Zoals vermeld is deze aangegeven in artikel 144 lid 3 G.W.: onverbindendheid.
Het Hof heeft in de twee gewezen uitspraken niet verklaard dat de voorgelegde wetgevingsproducten of gedeelten daarvan naar zijn oordeel onverbindend zijn.
Volgens Spong en van der Zwaag hoeft dat niet, terwijl HFM van mening is dat zulks wel het geval zou moeten zijn.
Blijkens de genoemde uitspraken deelt het Hof de mening van Spong en van der Zwaag.
Aan welke (rechterlijke) instantie moet gevraagd worden wie gelijk heeft?
Carlo Jadnanansing
Vandaag
Gisteren
- Goudsector moet inclusiever en duurzamer: vrouwen en jongeren centraal
- Canada zet in op vrijhandelsovereenkomst met Mercosur tegen herfst
- Bedrijfsleven kritisch over brandstofplafond: pleidooi voor gerichter beleid
- Moni Karta ontspoord: sociaal beleid gekaapt door politieke loyaliteit
- Japan ondersteunt vrouwenproject Suriname bij 50 jaar diplomatieke banden
- Oekraïne sluit veiligheidsdeals in het Midden-Oosten tegen Iraanse drones
- Twee verdachten opgepakt in Nickerie voor smokkel en illegale goederen
- SER moet koers uitzetten voor duurzame ontwikkeling Suriname
- Kustwachtraad krijgt actieve rol in beleid: geen ceremonieel orgaan
- Wisselvallige vrijdag met zon, wolken en lokale buien
- Drones en mijnen: Innemen Kharg-eiland zeer riskant voor Amerikaanse troepen
- Column: Bezuinigen of bezwijken: tijd voor harde keuzes
- Suriname reageert op Guyana: maritieme heffingen Corantijn geen nieuw beleid
Eergisteren
- Onaantastbaar groen: Regenwoud als nationaal belang en internationale verantwoordelijkheid
- WK-droom Suriname eindigt na 1-2 nederlaag tegen Bolivia
- Suriname op rand van geschiedenis: cruciaal duel tegen Bolivia om WK-droom
- Beroependag op Kangoeroe High: leerlingen maken kennis met diverse beroepen
- BiZa pakt ‘spookambtenaren’ aan: focus op personeel in buitenland
- Schoten gelost op woning na familieruzie
- WTO-chef: wereldorde is onherroepelijk veranderd
- Suriname benadrukt sterkere samenwerking regio en Afrika
- Recensie: Democratische leeservaring
- Wisselvallig en overwegend nat weer
- Van Pakistan tot Egypte: oorlog met Iran drijft prijzen op in het mondiale Zuiden
- Column: Aftellen
- Natio op scherp voor play-off om WK-kwalificatie tegen Bolivia