President… Pres,
29 Oct, 15:22
foto


In het eerste kwartaal van uw regeerperiode is een ontwikkeling te zien, waarbij mensen hun onvrede in vrijheid durven te uiten. De basis voor één der beginselen van de democratie 'Vrijheid van meningsuiting' is er nu één die in Suriname geldt. Er worden in de media zaken besproken zonder vrees voor de mogelijke gevolgen. De openheid die is ontstaan is onderdeel van de groei van dit land, dat verdient een compliment.

Dat gezegd hebbende: Suriname is in de ban van grootse ambitieuze plannen, het bewijs van de visie en dromen die de regering heeft voor landsontwikkeling: aankondigingen voor enorme infrastructurele projecten, ontwikkeling van nieuwe steden en gas- en oliewinning. Stuk voor stuk prachtige ideeën die – als ze gerealiseerd worden – Suriname in een klap in een andere categorie zouden plaatsen dan waar het land nu in zit. Dan spreken we over overtreffende trappen, een andere internationale kredietwaardigheid, over een land van (kokos)melk en (parwa)honing waar de bomen hoger groeien dan ooit. En alles en iedereen groeit mee.

Tot zover – dan verschijnt een olifant van realiteit ten tonele, hij kijkt rond in de steden en districten van Suriname, en blaast het sprookje uit.

Ik heb ook grote dromen over de toekomst van Suriname. In één van die dromen verblijf ik in een boiti (Goede Verwachting) aan Párápási. Aan het slot van een mooie dag zou ik met Pres willen zitten, onder een veranda, uitkijkend over de rijstvelden, de sinaasappel- en manjabomen en de wuivende kokospalmen. De geurende bara’s, gebakken in kokosolie, zullen de dal-bhat-tjhokha extra doen smaken: alles wat moeder aarde ons in Suriname rijkelijk biedt. Pres en ik praten onder het genot van Surinaamse wijn en tjhiekhna... en wat ik dan tegen hem zou willen zeggen…

Mijnheer de President: We vieren over niet al te lange tijd 45 jaar onafhankelijkheid, maar na al die jaren blijken we in financieel-economische zin afhankelijker dan ooit. Ondanks het feit dat we zoveel rijkdommen bezitten, zijn we genoodzaakt onze hand op te houden voor hulp. Wordt het geen tijd om het beschikbare potentieel dat Suriname biedt professioneel in te zetten om te komen tot een volwassen natie? Met goede openbaarheid van bestuur, een gezonde financiële huishouding, waar Wet en Recht op orde zijn en waar welzijn en welvaart heerst? Pas vanuit die autonome positie kan succesvol verbinding gezocht worden voor (buitenlandse) investeringen en kennisinbreng voor ontwikkeling.

We weten dat aanleg van grote infrastructurele werken jaren in beslag neemt. Het belang van de ontwikkeling is overduidelijk, de prioritering echter niet. Mijnheer de President, is het creëren van werkgelegenheid en de aanpak van armoedebestrijding nu niet veel urgenter? (En daarmee samenhangend, een duurzame vergroting van de verdiencapaciteit voor Suriname.)

En… mijnheer de President: over de investeringen in de agrarische sector zou ik zo graag meer willen weten. Waar in de districten dit zal gebeuren? Om wat voor diversificatie van producten het gaat en hoeveel (extra) arbeidsplaatsen heeft men ingecalculeerd? Om wat voor investeringsbedragen gaat het? Welk huiswerk is gemaakt door welke deskundigen?

Ik zou hem willen voorleggen: beseft u dat er veel kostbare tijd verloren gaat aan bijzaken die niets direct toevoegen aan armoedeproblematiek, noch economische ontwikkeling. De armoede, onrust, onzekerheid (en daarmee gepaard gaande criminaliteit) onder de bevolking worden groter. Ik kan wel uit veler naam zeggen: er is haast geboden bij het zoeken en vinden van oplossingen, die meer vooruitzicht zullen bieden dan nu gegeven wordt.

Mijnheer de President, waarom spreekt u uw bezorgdheid niet uit. Waarom geeft u geen heldere uitleg over uw keuzes, offers en doelen?

Ik begrijp uw kip-ei dilemma: als (grotere) projecten van de grond zouden komen genereren deze duurzame verdiencapaciteit, werkgelegenheid en dus grotere welvaart. Alleen… hebben land, economie en volk nog voldoende letterlijke draagkracht om daarop te wachten? Of komt de uiteindelijke oplossing pas wanneer het draagvlak en het vertrouwen in uw regering ver is teruggelopen? En zullen daardoor niet andere problemen opdoemen die verdere ontwikkeling tegenwerken? Daarover heb ik en hebben velen met mij grote zorg, mijnheer de President.

In mijn droom nemen de President en ik uiteindelijk afscheid. Ik geef hem mee dat ik van harte hoop dat hij vooral dienend leiderschap toont in deze moeilijke tijd. Dat hij het fenomeen nepotisme, family and friends en patronage openlijk de rug toekeert en via wet- en regelgeving een fundament legt om malversaties in de toekomst te voorkomen. Dat hij zo jonge opkomende leiders het goede voorbeeld geeft en hen inspireert, maar bovenal: het volk voldoende steun en houvast geeft in de strijd tegen de heersende schrijnende armoede.

T. Sansaar
Advertenties