Het landelijke slagingspercentage van leerjaar 10 is gestegen van 56,7 procent vorig jaar naar 61,4 procent dit jaar. Hoewel de resultaten zijn verbeterd, is minister Dirk Currie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur nog niet tevreden. Tegelijkertijd staat het ministerie voor grote uitdagingen bij de voorbereiding van het schooljaar 2026-2027. 61 scholen moeten worden gerenoveerd, er wordt gezocht naar tijdelijke klaslokalen en ook binnen het beroeps- en speciaal onderwijs zijn veranderingen in voorbereiding.

De minister gaf dinsdag in De Nationale Assemblée (DNA) uitleg over de problemen die afgelopen vrijdag ontstonden bij de bekendmaking van de resultaten van leerjaar 10. Volgens hem lag de oorzaak bij het computerprogramma dat werd gebruikt voor de verwerking van de resultaten. Het programma gaf niet de juiste uitkomsten aan.

Omdat schoolleiders de resultaten moeten controleren en vervolgens verificatie door het Examenbureau plaatsvindt, besloot het ministerie de bekendmaking voor een deel van de scholen uit te stellen tot uiterlijk dinsdag. Scholen waarvan de controle wel was afgerond, mochten hun resultaten meteen bekendmaken. Hierdoor konden vrijdag 39 scholen hun uitslagen publiceren.

Dinsdagmorgen waren de resultaten van alle overige scholen binnen. Landelijk komt het slagingspercentage daarmee uit op 61,4 procent. De resultaten verschillen per district en per school. Het ministerie zal de gedetailleerde cijfers nog openbaar maken. De minister vindt de verbetering van 4,7 procentpunt positief, maar onvoldoende. Hij wees daarbij op de betere prestaties van particuliere scholen. Daar werken volgens hem ook leerkrachten die binnen het reguliere onderwijssysteem zijn opgeleid.

Currie erkende dat particuliere scholen een voordeel hebben doordat zij leerlingen kunnen selecteren. Desondanks vindt hij dat er geen groot verschil mag bestaan tussen het niveau en de slagingspercentages van het particulier en openbaar onderwijs. Ook kinderen in het openbaar onderwijs moeten volgens hem onderwijs van een hoog niveau krijgen.

Een ander groot aandachtspunt is de staat van de schoolgebouwen. Het ministerie heeft maandag op verzoek van vicepresident Gregory Rusland een presentatie gehouden over de verwachte knelpunten bij de start van het nieuwe schooljaar. Momenteel staan 61 scholen op een renovatielijst. Op enkele locaties moeten ook lokalen worden bijgebouwd. Voor 31 scholen zijn de voorbereidingen inmiddels zover dat het proces richting openbare aanbesteding kan worden ingezet.

De minister waarschuwde echter dat het nog enige tijd zal duren voordat daadwerkelijk kan worden gebouwd. Daarom wordt gezocht naar tijdelijke oplossingen. Een daarvan is het plaatsen van containers die als klaslokalen kunnen worden gebruikt. Ook wordt nagegaan of beschikbare lokalen van andere scholen tijdelijk kunnen worden ingezet. Dat laatste kan wel leiden tot een grotere druk op het vervoer van leerlingen en leerkrachten. Parlementariër Sapoen vroeg de minister de volledige lijst van de 61 scholen aan DNA te verstrekken, zodat het parlement de uitvoering kan volgen. Ook vroeg hij aandacht voor gevaarlijke situaties bij de Vredenburgschool en een school aan de Malangweg, waar delen van gebouwen die een risico zouden vormen nog moeten worden gesloopt. 

Ook binnen het beroepsgericht onderwijs zijn veranderingen op komst. De minister heeft hierover overleg gevoerd met de betrokken bonden en eerder ook met president Jennifer Simons. Centraal staat de mogelijke herinvoering van een bepaalde stroming binnen het beroepsonderwijs.

Voordat een besluit wordt genomen, wil de minister eerst het bedrijfsleven raadplegen. Volgens hem moet het onderwijs beter aansluiten op de behoefte van werkgevers. Dat overleg moet uiterlijk woensdag plaatsvinden. De bedoeling is dat uiterlijk donderdag een besluit wordt gecommuniceerd. Andere vraagstukken binnen het beroepsonderwijs worden volgende week verder met de bonden besproken. De minister wil daarnaast meer aandacht voor kinderen die speciaal onderwijs nodig hebben. Zijn uitgangspunt is naar eigen zeggen dat binnen het onderwijs niemand mag worden achtergelaten.

Een deel van het gespecialiseerde onderwijs wordt momenteel aangeboden door particuliere instellingen, terwijl vergelijkbare voorzieningen binnen het openbaar onderwijs ontbreken. Hierdoor kunnen financiële mogelijkheden van ouders mede bepalen of een kind toegang krijgt tot bepaalde vormen van begeleiding en onderwijs. Het ministerie onderzoekt daarom of kinderen van ouders die particulier speciaal onderwijs niet kunnen betalen, toch bij bestaande gespecialiseerde instellingen kunnen worden ondergebracht. De verschillende maatregelen passen volgens de minister in de voorbereiding op het schooljaar 2026-2027. Naast betere schoolresultaten moet volgens hem worden gewerkt aan veilige schoolgebouwen.