Assembleelid Raymond Sapoen aan het woord.
In De Nationale Assemblee (DNA) is vandaag harde kritiek geleverd op de wijze waarop het Hof van Justitie  en het Openbaar Ministerie hebben gereageerd op voorgenomen wijzigingen bij de rechterlijke macht die formeel nog niet zijn ingediend. Raymond Sapoen (NDP) noemde het optreden van de rechterlijke macht voorbarig en onhoffelijk, terwijl fractiegenoot Ebu Jones stelde dat juist van de rechterlijke macht mag worden verwacht dat zij zich eerst van de feiten vergewist. Ook NDP-fractieleider Rabin Parmessar plaatste vraagtekens bij het deurwaardersexploot waarmee de bezwaren bij DNA heeft gedeponeerd. VHP'er Mahinder Jogi nam een andere positie in en vindt dat de rechterlijke macht haar zorgen moet kunnen uiten. Assembleevoorzitter Ashwin Adhin wil de oplopende spanning via institutioneel overleg in goede banen leiden.

Sapoen bracht de kwestie nadrukkelijk aan de orde. Hij wees erop dat DNA vorige week via deurwaardersexploot een brief van het Hof van Justitie heeft ontvangen over voorgenomen amendementen met betrekking tot de rechterlijke macht. Die brief werd gevolgd door reacties van het Openbaar Ministerie en verschillende organisaties uit de samenleving en rechtsgemeenschap. Volgens Sapoen heeft de brief van het Hof inmiddels meer het karakter van een "drijfbrief dan een brandbrief". Hij stelde vast dat de voorstellen waartegen bezwaren zijn geuit tot nu toe geen onderdeel zijn van formeel bij DNA ingediende amendementen.

Tegen die achtergrond noemde Sapoen de reactie van het Hof "voorbarig" en "onhoffelijk". Het OM heeft gewaarschuwd voor een drastische verslechtering van de rechtspositie van leden van de rechterlijke macht en destabilisatie van de rechtsstaat. Het Hof heeft onder meer gewaarschuwd voor verzwakking van de constitutionele positie van de rechterlijke macht en aangegeven zich ernstig te zullen beraden over de consequenties daarvan. Sapoen vindt de ontstane situatie niet gezond voor de rechtsstaat. Hij benadrukte tegelijkertijd dat al bijna een jaar consultaties plaatsvinden over modernisering van de rechterlijke macht, inclusief de herstructurering van het OM.

Financiële rechtspositie
Sapoen bracht nadrukkelijk de financiële rechtspositie van leden van de rechterlijke macht ter sprake. Volgens hem is dit vraagstuk de afgelopen maanden eveneens onderdeel geweest van de gesprekken. De bestaande situatie zonder meer laten voortbestaan is volgens Sapoen "financieel onhoudbaar, staatsrechtelijk problematisch en maatschappelijk onwenselijk". Hij erkende dat bij veranderingen gevoelige wrijfpunten kunnen ontstaan, maar vindt dat deze door overleg moeten worden opgelost.

Sapoen pleitte daarom voor institutioneel overleg tussen de drie staatsmachten. "We zijn allemaal staatsmachten en we moeten niet doen alsof we goddelijke machten zijn", stelde hij.

Jogi: zorgen mogen worden geuit
Jogi plaatste kanttekeningen bij de kritiek op de rechterlijke macht. Hij ziet er niets verkeerds in dat de rechterlijke macht haar zorgen schriftelijk bij het parlement kenbaar maakt, ook wanneer dat via deurwaardersexploot gebeurt. Jogi benadrukte bovendien dat de mening van één parlementariër niet automatisch de mening van het parlement is. Juist omdat het gaat om een belangrijke pijler van de democratische rechtsstaat, moet volgens hem zorgvuldig worden gehandeld.

Hij wees erop dat er in de samenleving bezwaren bestaan tegen zowel het oorspronkelijke wetsontwerp als tegen mogelijke wijzigingen die nu worden besproken. Jogi stelde daarom voor terug te gaan naar de behandeling en deskundigen en andere betrokken partijen opnieuw te horen en te consulteren voordat het parlement tot besluitvorming overgaat.

Jones: formeel reageren op iets dat niet formeel is
Jones, een van de initiatiefnemers van de wetsvoorstellen, bleef bij zijn eerdere standpunt dat er nog geen formele amendementen zijn ingediend. Hij legde uit dat tijdens een wetgevingsproces mogelijke wijzigingen worden besproken en teksten worden voorbereid voordat uiteindelijk een amendement formeel wordt ingediend.

Volgens Jones mogen dergelijke deliberaties niet worden behandeld alsof al sprake is van een formeel parlementair document. Hij stelde Adhin voor het Hof kort te antwoorden dat DNA inhoudelijk niet kan reageren op iets wat formeel nog niet is ingediend."Een feit is datgene wat formeel is ingediend. Discussies eromheen niet", stelde Jones. Volgens hem mag juist van instanties waar feiten en omstandigheden essentieel zijn voor het vormen van een oordeel, worden verwacht dat zij zich eerst van die feiten vergewissen.

Jones wees er tegelijkertijd op dat DNA de bevoegdheid heeft wetgeving te maken. Daarbij moet volgens hem ook rekening worden gehouden met geluiden uit de samenleving over het functioneren en de financiële positie van de rechterlijke macht.

Adhin wil afspraken over communicatie
Assembleevoorzitter Adhin maakte duidelijk dat hij de brieven van zowel het Hof als het OM inmiddels heeft doorgenomen. Hij merkte daarbij op dat het niet gebruikelijk is dat DNA dergelijke correspondentie via deurwaardersexploot ontvangt. Hij heeft volgens eigen zeggen eerder met de rechterlijke macht gecorrespondeerd zonder dat daarvoor deze weg werd gekozen. De Assembleevoorzitter kiest echter voor overleg. Na afstemming met onder anderen de president van het Hof van Justitie, de president van de Republiek, de commissie van rapporteurs en de initiatiefnemers wil hij gevolg geven aan de brieven.

Adhin noemde drie onderwerpen die daarbij aan de orde moeten komen. Allereerst wil hij afspraken maken over de formele stukkenstroom tussen de instituten, zodat duidelijk is op welke formeel ingediende teksten wordt gereageerd en formele consultatie tijdens het wetgevingsproces gewaarborgd blijft. Daarnaast moeten de verschillende voorstellen en voorgenomen amendementen inhoudelijk en in onderlinge samenhang worden besproken.

Als derde punt wil Adhin structureel institutioneel overleg over de rechtsstaat en constitutionele inrichting tot stand brengen. Hij denkt daarbij aan een platform waarin de betrokken instituten regelmatig met elkaar kunnen overleggen. "Het gaat hierbij niet stoppen, het gaat nog verder", merkte hij op. Adhin zal deze punten in een brief vervatten en ook het Openbaar Ministerie uitnodigen. Hij vroeg om tijd om de kwestie "in goed, rustig vaarwater" te begeleiden.

Gajadien steunt overleg
VHP-fractieleider Asis Gajadien schaarde zich achter het voornemen van Adhin. Hij benadrukte dat goede communicatie en overleg noodzakelijk zijn om gezamenlijk te kunnen doen wat nodig is voor de rechtsstaat.

Volgens Gajadien is het belangrijkste dat de betrokken instituten in goed overleg en door goede communicatie tot oplossingen proberen te komen. Zijn fractie kijkt uit naar het aangekondigde overleg.

Parmessar verbaasd over deurwaardersexploot
Parmessar zei dat zijn fractie zich tot nu toe bewust terughoudend heeft opgesteld in de discussie over de rechterlijke macht. "We luisteren, we observeren", zei hij. Volgens Parmessar doet de grootste fractie dat vanwege de verantwoordelijkheid die zij draagt. Hij hekelde tegelijkertijd wat hij "stemmingmakerij richting de NDP" noemde, waarbij volgens hem steeds wordt verwezen naar een regering van NDP-signatuur.

Parmessar wees erop dat al veelvuldig overleg is gevoerd over de rechterlijke macht. Er zijn volgens hem verschillende consultaties geweest, ook met nationale, regionale en internationale deskundigen. Bovendien zijn stakeholders door de commissie van rapporteurs gehoord. Ondanks dat uitgebreide traject ligt er volgens hem nog geen eindvoorstel. Tegen die achtergrond zei Parmessar zeer verbaasd te zijn dat het parlement een schrijven via deurwaardersexploot heeft ontvangen. Volgens hem heeft die wijze van communiceren tussen staatsmachten "een bepaalde connotatie".

Ook Parmessar bracht de financiële positie binnen de rechterlijke macht ter sprake en verwees naar de maatschappelijke discussie over salarissen van rond SRD 1,5 miljoen per maand. Volgens hem bestaat er in de samenleving onvrede over bepaalde aspecten van de huidige situatie. "We zitten met een erfenis waar wij niet tevreden mee zijn", stelde de fractieleider. Die situatie moet volgens hem op een geordende manier en in goed overleg worden aangepakt.