Binnenkort staat Suriname stil bij de herdenking en viering van de afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863. Ook in Nederland wordt deze dag herdacht met plechtigheden, toespraken en culturele activiteiten. Is deze dag uitsluitend bedoeld om terug te kijken op het slavernijverleden? Of kan deze dag tevens dienen als een moment van nationale bezinning, waarbij niet alleen wordt stilgestaan bij het verleden, maar ook gezamenlijk wordt nagedacht over de toekomst van Suriname?

In de volksmond staat Ketikoti symbool voor de dag waarop de ketenen van de slavernij werden verbroken. Opmerkelijk is echter dat de Surinaamse wetgeving geen verwijzing kent naar benamingen als Ketikoti en Manspasi.

Al vanaf 1955 wordt de afschaffing van de slavernij herdacht en gevierd door voornamelijk de Afro-Surinaamse bevolking. Begin jaren zestig ontstond een politiek debat over de wettelijke status waaronder 1 juli als nationale vrije dag kon worden vormgegeven. De toenmalige fractieleider van de Nationale Partij Suriname (NPS), Jopie Pengel, opperde benamingen zoals Emancipatiedag, Ketikoti of Manspasi. Tegen die benadering ontstond verzet vanuit de toenmalige fractievoorzitter van de Verenigde Hindostaanse Partij (VHP), Jagernath Lachmon.

Zijn verzet was niet gericht tegen de herdenking van de slavernij op zich, maar tegen het exclusief verbinden van een nationale vrije dag aan de geschiedenis van één bevolkingsgroep. Lachmon wees erop dat Suriname een samenleving is die bestaat uit verschillende bevolkingsgroepen, elk met een eigen geschiedenis van ontbering en achterstelling. Uiteindelijk werd politieke consensus bereikt. Bij wet werd 1 juli 1960 door de regering-Emanuels aangewezen als nationale vrije dag onder de naam "Dag der Vrijheden", bedoeld voor alle Surinamers.

Lachmons visie

De visie van Jagernath Lachmon verdient juist in deze tijd bijzondere aandacht. Hij besefte dat de geschiedenis van onvrijheid in Suriname niet eindigde met de afschaffing van de slavernij. Na die periode kwamen contractarbeiders uit India en Java om het werk op de plantages voort te zetten. Hoewel hun positie verschilde van die tijdens de slavernijperiode, werden ook zij geconfronteerd met zware arbeidsomstandigheden en een streng koloniaal gezag.

Vanuit die historische werkelijkheid betoogde Lachmon dat een nationale vrije dag in een multi-etnische samenleving een betekenis moest krijgen die alle bevolkingsgroepen kon verbinden: de zogenoemde verbroederingspolitiek.

Herdenken belangrijk
Bij herdenkingen spelen twee belangrijke psychologische processen een rol: identificatie en reproductie. Identificatie houdt in dat mensen zich proberen te verplaatsen in de ervaringen van hun voorouders. Tijdens dergelijke herdenkingen probeert men zich een voorstelling te maken van wat slavernij heeft betekend voor degenen die daaraan waren onderworpen.

Reproductie betekent dat deze ervaringen telkens opnieuw worden opgeroepen en beleefd door middel van verhalen, muziek, rituelen, symbolen en culturele tradities. De verbroken ketenen vormen daarbij het meest herkenbare symbool.

Een samenleving zonder historisch bewustzijn verliest een deel van haar identiteit. Herdenken blijft daarom noodzakelijk. Tegelijkertijd schuilt er een risico in een eenzijdige gerichtheid op het verleden. Wanneer een volk uitsluitend blijft terugkijken, zonder een gezamenlijke visie te ontwikkelen voor zijn toekomst, dreigt het gevangen te blijven in zijn traumatische geschiedenis.

Historisch perspectief
Het slavernijverleden behoort tot de meest ingrijpende hoofdstukken uit de Surinaamse geschiedenis. Tegelijkertijd leert de wereldgeschiedenis dat slavernij geen verschijnsel was dat uitsluitend mensen van Afrikaanse afkomst heeft getroffen. In tal van landen, waaronder het Romeinse Rijk, werden mensen beroofd van hun vrijheid en onderworpen aan een hard en vaak wreed slavenbestaan.

Europeanen hebben gestreden voor de afschaffing ervan. Uit die strijd ontstonden geleidelijk moderne samenlevingen met opvattingen over vrijheid, mensenrechten, rechtsbescherming en de democratische rechtsstaat, waarden die later ook in Suriname hun plaats hebben gekregen.

Herdenking en nationale bezinning
In veel hedendaagse vieringen ligt de nadruk op de vraag wat Nederlandse slavenhouders onze voorouders hebben aangedaan. Dat verleden mag nooit worden ontkend of gebagatelliseerd. Minstens zo belangrijk is echter de vraag wat wij vandaag doen met de vrijheid die uiteindelijk is bevochten.

De geschiedenis leert dat landen die ooit werden geconfronteerd met onderdrukking, ongelijkheid en uitbuiting hun toekomst hebben opgebouwd door te investeren in onderwijs, wetenschap, innovatie, goed bestuur, economische ontwikkeling en maatschappelijke vooruitgang. Daarin ligt ook voor Suriname een belangrijke opdracht.

Misschien is het tijd om 1 juli niet uitsluitend te beschouwen als een dag van herinnering en viering, maar tevens als een jaarlijkse dag van nationale bezinning op hoe wij onze vrijheid gebruiken om een sterker, rechtvaardiger en welvarender Suriname op te bouwen.

Diepere betekenis van 1 juli
Toekomstige generaties zullen ons niet alleen beoordelen op hoe vaak wij het verleden hebben herdacht. Zij zullen ons vooral beoordelen op wat wij met onze vrijheid hebben gedaan.

Misschien ligt daarin de diepste betekenis van 1 juli: niet alleen het verbreken van de ketenen van gisteren, maar ook het gezamenlijk vormgeven aan de sociaaleconomische perspectieven van morgen. Niet als een dag van één bevolkingsgroep, maar als een dag van viering van de vrijheid voor alle Surinamers.

Headly R. Binderhagel