Assembleelid Ivanildo Plein (NPS)
De regen van de afgelopen dagen heeft opnieuw pijnlijk duidelijk gemaakt hoe kwetsbaar ons land is geworden voor wateroverlast. Straten veranderen in rivieren, woningen lopen onder water, scholen sluiten hun deuren, werknemers kunnen hun huis niet verlaten en ondernemers zien hun bezittingen en inkomsten bedreigd worden. Automobilisten blijven achter met schade aan voertuigen nadat zij noodgedwongen door overstroomde wegen moesten rijden. Overal heerst frustratie, boosheid en machteloosheid. Maar de vraag die wij ons als samenleving moeten stellen, is simpel en confronterend: wie is schuldig aan deze wateroverlast?

Het antwoord is niet eenvoudig, want de waarheid is dat wij als samenleving collectief gefaald hebben. Ja, de overheid draagt een zware verantwoordelijkheid, maar ook burgers moeten eerlijk durven kijken naar hun eigen gedrag. Wij kunnen niet blijven wijzen naar de regering terwijl sommigen van ons zonder schaamte oude koelkasten, vriezers, matrassen en ander afval in trenzen en goten dumpen. Wij kunnen niet klagen over verstopte afwateringskanalen terwijl men uit autoruiten lege flessen, plastic bekers en ander vuil op straat gooit alsof het normaal gedrag is.

Wateroverlast ontstaat niet alleen door hevige regenval; het ontstaat ook door menselijk gedrag en jarenlang gebrek aan discipline, verantwoordelijkheid en handhaving. Toch mag deze realiteit de regering en de overheid niet vrijpleiten van hun enorme verantwoordelijkheid. Integendeel. Want juist een overheid behoort richting te geven aan de samenleving. Juist een regering hoort beleid te ontwikkelen, toezicht te houden en burgers bewust te maken van de gevolgen van milieuvervuiling en slecht ruimtelijk beleid.

Waar was de structurele voorlichting? Waar waren de nationale bewustwordingscampagnes om burgers duidelijk te maken dat vervuiling van goten en trenzen levensgevaarlijke gevolgen heeft? Waar waren de controles en sancties tegen mensen en bedrijven die ons milieu aantasten? Waarom worden overtreders nauwelijks aangepakt? Waarom worden afwateringskanalen niet tijdig onderhouden? Waarom wordt pas gereageerd wanneer het water al tot aan de voordeur staat? En soms zelfs niet eens gereageerd.

Een regering mag niet alleen zichtbaar zijn tijdens persconferenties of in verklaringen achteraf. Besturen betekent vooruitzien. Besturen betekent voorbereiden. Besturen betekent problemen voorkomen voordat zij uitgroeien tot nationale rampen. En precies daar wringt het schoentje. En precies daar falen de regering en de overheid.

Na bijna negen maanden bestuur mag de samenleving kritische vragen stellen aan het beleid van het ministerie van Openbare Werken, Transport en Ruimtelijke Ordening. Want wateroverlast is niet slechts een natuurramp; het is ook een gevolg van gebrekkige planning, onvoldoende onderhoud en een tekort aan daadkrachtig beleid. Het argument dat er “geen geld” is, kan niet steeds als schild worden gebruikt terwijl burgers letterlijk verzuipen in hun eigen woonomgeving.

En als er werkelijk onvoldoende financiële middelen beschikbaar zijn, dan moet ook het ministerie van Financiën en Planning kritisch worden bekeken. Want waarvoor worden prioriteiten gesteld als basisvoorzieningen zoals afwatering, infrastructuur en bescherming van woongebieden niet gegarandeerd kunnen worden?

Te vaak horen wij dat de vorige regering onderhoud heeft nagelaten. Dat mag waar zijn, maar die verklaring begint haar kracht te verliezen. De samenleving heeft gekozen voor nieuw leiderschap. De samenleving heeft mandaat gegeven om problemen aan te pakken. Wanneer men ervoor kiest om leiding te geven, dan kiest men er ook voor om het anders te doen dan de vorige regering.

Het is gemakkelijk om vanaf de zijlijn kritiek te leveren. Maar zodra men zelf het veld betreedt en achter de bal moet rennen, wordt duidelijk hoe zwaar bestuur werkelijk is. Toch mag die moeilijkheid nooit een excuus worden voor stilstand, nalatigheid of gebrek aan visie.

De werkelijkheid is hard: klimaatverandering zal de regenval de komende jaren alleen maar intensiever maken. Door ontbossing, aantasting van natuurgebieden en gebrekkig milieubeleid raken onze natuurlijke buffers steeds verder uitgeput. Als er vandaag geen stevige maatregelen worden genomen, zullen de problemen morgen groter zijn. Wateroverlast zal dan niet langer een tijdelijk ongemak zijn, maar een nationale crisis die jaarlijks terugkeert. Daarom moet dit moment een wake-upcall zijn voor iedereen: regering, overheid, bedrijfsleven en burgers.

Wij moeten ophouden met uitsluitend naar elkaar te wijzen. Burgers moeten verantwoordelijkheid nemen voor hun leefomgeving. De overheid moet eindelijk investeren in duurzaam beleid, onderhoud, controle en handhaving. Sancties tegen milieuvervuiling moeten zichtbaar en voelbaar worden. Ruimtelijke ordening moet serieus genomen worden. En bovenal moet er leiderschap komen dat problemen niet alleen benoemt, maar daadwerkelijk oplost. Want vandaag verzuipen wij allemaal — letterlijk én figuurlijk.

De schade aan woningen, voertuigen, bedrijven en infrastructuur is nu al groot en zal alleen maar groter worden. Maar nog groter begint nu de schade aan het vertrouwen van de samenleving in haar bestuurders te worden. De vraag blijft daarom staan: wie is schuldig aan wateroverlast?

Misschien is het meest eerlijke antwoord wel: wij allemaal! Maar juist daarom moeten wij ook samen naar de oplossing zoeken.

Mek’ wi drai anu par a boto. Bika ey du wala!

Ivanildo K. Plein
Lid van De Nationale Assemblee