De jaarwisseling is net achter de rug. Het vuurwerk is opgebrand, de champagneglazen zijn omgespoeld, de goede wensen zijn uitgesproken en iedereen heeft weer gedaan alsof het leven met een schone lei begint.
Maar de wereld lijkt niet op een schone lei.
De wereld staat op zijn kop.

De grote jongens bepalen de regels van het spel. Dat deden ze vroeger ook wel, maar nu doen ze het schaamteloos openlijk. Zonder theater. Zonder excuses. Zonder de moeite te doen het nog netjes te verpakken. En ondertussen zijn er altijd anderen die scherp genoeg zijn, of gewetenloos genoeg, om precies dáár hun kansen te zien. Want onzekerheid is niet alleen angst. Onzekerheid is ook handel. Winst. Macht.

Wij zijn intussen getuigen van dingen die je vroeger alleen in geschiedenisboeken tegenkwam – en waarvan je dacht: dit kan in onze tijd toch niet meer?
We zien gemeenschappen weggevaagd worden.
We zien grote groepen onderdrukt worden.
We zien groepen genegeerd worden.
We zien geen of slechts lauwe standpunten tegen onrechtvaardige, uit macht ingegeven geopolitieke acties.

En ja, het is niet alleen “zij”. Het pijnlijke is: we kijken ook zélf graag weg wanneer het ons goed uitkomt. Dan gooien we onze zo vaak verkondigde principes overboord, alsof principes een luxeproduct zijn. Iets voor vredestijd. Iets voor wanneer het je niets kost.

Als het spannend wordt, worden principes ineens “te ingewikkeld”.
Dan komen de mooie woorden. En mooie woorden hebben we genoeg. We vinden altijd wel taal om ons eigen gedrag te rechtvaardigen, wegkijken om te dopen tot “een andere mening”. Alsof onrecht een kwestie van smaak is. Alsof het een discussiepunt is in plaats van een grens.

Misschien is dát wel de ziekte van deze tijd: niet dat we niets weten… maar dat we alles weten en tóch doen alsof we niet hoeven te kiezen.

In het nieuwe jaar liggen natuurlijk nieuwe kansen en andere uitdagingen. En eerlijk is eerlijk: bij de start van een nieuw jaar kijk ik graag even terug. Ik geniet dan van de mooie en grote gebeurtenissen van toen.

Mijn geboortejaar bijvoorbeeld. Om er enkele te noemen: de Cueva de Nerja wordt ontdekt, een enorme druipsteengrot nabij Málaga. Cyprus wordt onafhankelijk van Groot-Brittannië. De eerste Grammy Awards vinden plaats en Perry Como en Ella Fitzgerald zijn grote winnaars. De aarde wordt voor het eerst gefotografeerd vanuit een satelliet. De Cubaanse Revolutie. En Asterix de Galliër verschijnt voor het eerst.

Op papier heeft het niets met elkaar te maken. Maar het zegt wel iets: de wereld beweegt altijd. Macht verschuift. Kunst duikt op, zelfs wanneer de geschiedenis gromt. En de kleine man blijft bestaan als symbool dat je niet groot hoeft te zijn om je niet te onderwerpen.

Maar dan komt de vraag: wat doe ik nú? Ik maak een lijst.
Minder eten.
Geen alcohol.
Meer bewegen.

En dat is goed. Natuurlijk is het goed. Alleen klinkt het soms bijna komisch als je het naast de wereld legt. Terwijl machtspolitiek hele regio’s verbrandt, besluiten wij om vaker te wandelen.

En toch wil ik het niet belachelijk maken. Misschien begint verzet niet met grote woorden, maar met kleine discipline. Misschien is een mens die minder drinkt, beter slaapt, helderder denkt en sterker in het leven staat… moeilijker te manipuleren. Moeilijker te verdoven. Moeilijker te sturen door angst en groepsdruk.

Want dat is óók tirannie in onze tijd: de tirannie van social media. Platforms waar iedereen alles mag zeggen zolang je maar hard genoeg schreeuwt. Waar nepaccounts gif rondstrooien zonder bewijs en zonder verantwoordelijkheid. Waar reputaties worden gesloopt alsof het sport is. Waar haat verkoopt. Waar nuance zwakte is. En waar wegkijken wordt verkocht als “ik wil gewoon vrede”.

De lijst is eindeloos. En ergens denk ik dan: eigenlijk is het niet leuk meer.

Maar misschien is “leuk” ook niet het criterium. Het goede is zelden comfortabel. Het goede vraagt ruggengraat. En ruggengraat is nooit populair in tijden waarin meelopen wordt beloond.

Dus: wat doen we eraan?
We gaan niet ineens de wereld redden. Maar we kunnen wel stoppen met bijdragen aan de leugen. We kunnen ophouden met doorsturen, opjutten en meepraten over dingen die we niet hebben onderzocht. We kunnen stoppen met “neutraliteit” als dekmantel, met laf zwijgen dat we “nuance” noemen, met principes die verdwijnen zodra ze iets kosten.

En misschien is dat de enige nieuwjaarswens die nog telt: dat we in dit nieuwe jaar niet beter worden in praten, maar beter in doen. Niet beter in gelijk hebben, maar beter in rechtop blijven staan.

Ismaël Kalaykhan