Column: Wereldnieuws nader belicht (IMF)
18 Dec, 00:59
foto
Marten Schalkwijk


Het gaat macro-economisch beter met Suriname volgens het IMF

Afgelopen vrijdag heeft het bestuur van het IMF de vierde review van het Suriname programma goedgekeurd. Meteen daarna is US$ 53 miljoen naar Suriname overgemaakt. De week ervoor had de IDB al US$ 150 miljoen voor begrotingssteun goedgekeurd. Beide goedkeuringen zijn een teken dat het beter gaat met de economie. In twee artikelen zal ik ingaan op wat het IMF precies zegt over onze economie.

Financieel-economische situatie 2020
Suriname stond er in 2020 in financieel-economische zin niet goed voor. Er waren beperkte mogelijkheden om zelf uit de problemen te komen. Daarom werd bij het Internationaal Monetaire Fonds (IMF) aangeklopt. De evaluatie van het IMF over de situatie toen was als volgt: “Suriname faces systemic fiscal and external imbalances as a result of many years of economic mismanagement. These developments, combined with the COVID-19 pandemic, have caused substantial fiscal and external current account deficits, unsustainable public debt, a run-down of reserves, an economic downturn, and high inflation.” (Statement van de Managing Director van het IMF, mevr. Kristalina Georgieva, persbericht IMF 22 december 2021).

De analyse van het IMF is keihard en wijst op structurele (systemic) problemen in de economie als resultaat van vele jaren van economisch wanbestuur (mismanagement). Samen met de Covid-19 pandemie hebben die -volgens het IMF- gezorgd voor behoorlijke begrotingstekorten, een niet houdbare schuld, uitgeputte deviezenreserves, economische neergang en hoge inflatie.

Met het IMF in zee
Vanwege de bovengeschetste situatie vroeg de regering ondersteuning van het IMF. Er waren vanaf oktober 2020 oriënterende gesprekken gevoerd met het IMF door een team van de Centrale Bank van Suriname en het ministerie van Financiën en Planning o.l.v. Karel Eckhorst. Aan de andere kant was ik bezig als coördinator om het Herstelplan 2020-2022 samen te stellen. Dat gebeurde op basis van analyses, beleidsmaatregelen, projecten en projecties voor de toekomst (u kunt het zelf downloaden.

In januari 2021 was de eerste versie van het Herstelplan af. Dat werd besproken met vele stakeholders en ministeries o.m. alle projecten die er wel en niet in zouden komen, wat wel en niet haalbaar was. In juni 2021 is het Herstelplan goedgekeurd door De Nationale Assemblee.

Schuldherschikking
Inmiddels was er een andere groep bezig om de schulden samen met het Bureau voor de Staatsschuld te inventariseren, waarbij de gebroeders Jethu ondersteuning gaven en het buitenlands bedrijf Lazard Fréres was ingehuurd. Dat was ook een enorme klus, omdat Suriname de schulden niet meer terug kon betalen en een standstill had aangekondigd. Als we zouden doorgaan met rentebetalingen en aflossingen zou 80% van alle overheidsinkomsten in 2020 daar naar toe gaan en was er geen geld meer om salarissen te betalen. Elke lening had zijn eigen voorwaarden, renteniveau en aflossingstermijn. Dat team moest zorgen voor een schuldaflossingsprogramma dat haalbaar was -en ook door het IMF werd nagerekend- maar tevens een plan maken voor de heronderhandeling met schuldeisers.

Suriname was in april 2021 rond met het IMF (zgn. staff level agreement), maar helaas heeft het IMF -geheel buiten de schuld van Suriname om- de goedkeuring van het programma pas in december goedgekeurd, omdat het IMF een probleem had met China. Deze vertraging van acht maanden -in een financieel moeilijke periode- heeft gemaakt dat het herstel later dan verwacht kon worden ingezet en het heeft voor onnodige stagnatie gezorgd.

Welke verbetering is zichtbaar
Uit de verschillende verslagen van het IMF kunnen we zien wat er zoal verbeterd is in de economie van het land. We zetten daarvoor enkele kerncijfers in een tabel. In de eerste kolom de situatie in 2020 en in de vierde kolom de situatie dit jaar (2023).

De tabel laat zien dat het Bruto Binnenlands Product (BBP) van een inkrimping van bijna 16% in 2020 is omgeslagen naar een positieve groei van 2,1% in 2023. De inflatie is helaas veel hoger dan oorspronkelijk geprojecteerd, en dat tast de inkomens en koopkracht aan. Dat vergt steeds compenserende maatregelen totdat de inflatie beneden de 10% zal zijn (wellicht in 2025).


Het begrotingstekort van de overheid is teruggebracht van 13% naar minder dan 3% (de internationale norm). Belangrijker is dat de primaire balans als procent van het BBP is omgeslagen van bijna 10% negatief naar een positief percentage. Die primaire balans geeft aan wat de overheid in feite netto overhoudt wanneer ze geen schulden hoeft te betalen d.w.z. het is een bedrag wat je weer kan investeren in andere zaken (zonder te hoeven lenen). Voor het IMF is een belangrijk doel dat een land een positieve primaire balans heeft. Die primaire balans bereik je door te bezuinigen en je inkomsten te vergroten totdat je met eigen inkomsten de uitgaven kan betalen.

We zien ook dat de schuldenratio (schulden in verhouding tot BBP) ook al behoorlijk gedaald is nl. van bijna 148% tot 87%. Er is met de schuldherschikkingen nu een pad uitgezet om in 2030 de schuldenratio beneden de 60% (internationale norm) te krijgen. Het is jammer dat de overheid toch een derde deel van haar inkomsten aan rente en schuldaflossing moet uitgeven, want dat geld is dan niet beschikbaar voor andere zaken zoals onderwijs, gezondheidszorg, e.d.
Tenslotte zien we dat de deviezenreserves behoorlijk zijn toegenomen en verder zullen toenemen. De hoogte van de deviezenreserve wordt gemeten naar het aantal maanden import dat je ermee kan betalen. Dat aantal is gestegen van minder dan 1 maand naar 5 maanden. Een goede deviezenpot helpt verder om de wisselkoers stabiel te houden en ook die is de laatste maanden gestabiliseerd.

Het is in drie jaar gelukt om macro-economisch herstel grotendeels te bereiken. We zijn nog niet helemaal veilig, maar de trend is positief. Het is jammer dat de bevolking het noodzakelijk herstel, na jaren van economisch mismanagement, heeft moeten betalen door zwaar in te leveren. In het volgend artikel kom ik hierop terug.

Marten Schalkwijk
Politiek analyst
Advertenties

Saturday 13 April
Friday 12 April
Thursday 11 April