VSB: Toerisme is snelle verdiener
07 Aug 2017, 00:01
foto
De VSB organiseerde samen met partners uit Frans-Guyana, een Franse Dag in ’t Vat. (Foto: Ranu Abhelakh)


Surinamers konden zaterdag kennismaken met de toeristische capaciteit van het oostelijke buurland, Frans-Guyana. De Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) organiseerde samen met partners uit Frans-Guyana, een Franse Dag in ‘t Vat. De VSB heeft groot belang bij alle bedrijfstakken van de hele economie, zegt VSB bestuurslid Jan van Charante. “De focus was nu het toerisme als snelle en toch duurzame verdiener, waar je weinig investeringen voor nodig hebt. Wanneer het toerisme eenmaal opgang komt, volgt de handel tussen de twee landen vanzelf".

De Franse Dag bestond uit een beurs gedeelte met Franse horeca- en tourorganisaties. Onder hen was seafood producent Cogumer met de diepvries visgerechten ‘Les Cuisines de Lucette’ en fabrikant Délices de Guyane gespecialiseerd in fruitproducten als jam, chutney en rum. En toeristische organisaties als Guyane Evasion, JAL Voyages en het Comité voor Toerisme Frans-Guyana.

De VSB wil de sector helpen ontwikkelen. Er kan meer uit worden gehaald, als er aan de obstakels wordt gewerkt. “Hoe mooi zou het niet zijn als een weekendje met je gezin de grens overgaat naar een Europees land. Er zijn leuke appartementjes aan het strand, gezellige restaurantjes en toeristische attracties te bezoeken.” Het ideale vakantieplaatje hoeft niet zoveel barrières te kennen en duur te zijn", vindt Van Charante. “Je hebt geen 'bogo bogo' geld nodig om toch een prettige vakantie te hebben.”

Toeristen ondervinden barrières aan de beide kanten van de grensrivier. Het begint met het visum. Surinamers moeten die in Paramaribo aanvragen en ze kost € 60 per persoon. Dan de oversteek met de veerboot. De tocht kost al gauw € 70 v.v. voor de auto alleen – los van het passagierskaartje. Een andere barrière is de hoge autoverzekering van € 200 - € 600 voor wie met de eigen auto reist. Wie dit niet doet, is aangewezen op een dure taxi of autohuur aan de Franse kant. “Ga maar na wat een Surinaams gezin alleen al kwijt is aan visum- en transportgeld.”

De Fransen tellen een stuk minder neer, zoals € 30 voor de toeristenkaart. Maar die is alleen tijdens werkdagen te krijgen op het consulaat te Cayenne. Het is niet zoals op de Pengelluchthaven aankomen en daar je kaartje kopen, merkt Van Charante op. “De overheid voert regels in, maar betrekt het bedrijfsleven niet. We hadden hen anders gelijk gezegd dat alle officiële entreepunten van Suriname de toeristenkaart moeten verkopen.” Een andere verkoopoptie kunnen de vliegmaatschappijen zijn.

Van Charante merkt op dat de Fransen liever in eigen auto reizen. Ze betalen € 80 voor de autoverzekering – naast de verplichte verzekering van rond de € 1000. “Fransen zijn Europeanen en zijn gewend met plastiek – creditcards/pinpas te betalen. Het girale betalingsverkeer in Suriname is nog slecht te noemen.” De VSB nodigde daarom alle banken uit om de beurs te bezoeken en zaken te doen. “Ook voor Suriname geldt: wil je meedoen aan het internationaal toerisme, betekent meedoen aan het internationaal bankverkeer!”

Godo speelt in
De Coöperatieve Spaar- en Kredietbank Godo ging in op de uitnodiging. "Frans-Guyana is dichtbij Albina, waar wij een filiaal hebben en dit is mijn kans om zaken te doen", zegt Loes Robinson, zakelijk manager. De Franse ondernemers moeten weten dat zij een rekening bij ons kunnen openen. “Toerisme is van belang voor Suriname. Toeristen kopen en zo wordt ondernemerschap gestimuleerd. Ondernemers gaan denken 'wat kan ik hen allemaal bieden'. En Godo denkt 'hoe accommodeer ik ondernemerschap”, zegt Robinson. De bank beseft dat toerisme in ontwikkeling is en wil gerichte producten creëren voor de verschillende doelgroepen.'

De bank biedt weliswaar geen pin-optie bij de automaat, maar wel de valuta wissel service. En verruimde openingstijden om de toerist tegemoet te komen zijn niet uitgesloten. Een andere service die Godo biedt is de verkoop van autoverzekeringen voor reizigers die met een eigen auto oversteken.

Kijken naar mogelijkheden
De VSB ziet veel potentie voor Surinaamse ondernemers in Frans-Guyana. “Vooral in deze crisisperiode moeten we kijken naar de opportunities.” Van Charante voegt gelijk aan toe dat Frans-Guyana een Europees land is. “Je kunt niet een, twee, drie een business daar beginnen. Er gelden strenge EU-regels.” De VSB-delegatie bezocht het buurland recentelijk en sprak verschillende (overheid)instanties. “Er is business te doen en we kunnen stapsgewijs beginnen. De focus moet een win-win relatie zijn, een joint project.”

Surinaamse bedrijven ondervinden barrières om hun product over de grens te krijgen. Van Charante wijst naar de stand van Cogumer, “kijk daar liggen onze kansen”. Een bedrijf met een investering van tien miljoen euro’s, dat per kwartier 65 kilogram vis/kipfilet verwerkt. Als Suriname in staat is kwaliteit filet te leveren, dan kunnen zij het verwerken in hun geavanceerde fabriek, en terugsturen voor de verkoop, stelt hij. “Als zij bijvoorbeeld satés kunnen maken volgens ons recept en verpakken – conform de EU regels, is het zo in de schappen van een EU of Caricom land – twee grote markten in een keer.”

Het Surinaamse halffabricaat moet wel aan de EU-eisen voldoen. “En dat wil de VSB helpen ontwikkelen.” We kunnen misschien niet een Surinaams bedrijf vinden dat 1000 kilogram (kg) kip kan leveren, maar wel tien kleinere die elk 100 kg kunnen. Via een centraal inkooppunt, levert dan één truck het vlees tot in Frans-Guyana, “en zo kun je meedoen in die grote wereld”. Voor Charante draait het allemaal om “mogelijkheden inzien, bundelen en samenwerken”. De handelsplannen worden nu geschreven in een pilotproject, om ze gedurende zes maanden stapsgewijs uit te proberen in ons oostelijke buurland.
De Franse Dag werd afgesloten met Franse muziek, kazen, wijnen en een ‘carnaval show’.
Advertenties