Minister Harish Monorath
Minister Harish Monorath van Justitie en Politie heeft in De Nationale Assemblee erkend dat duizenden vreemdelingen zich in Suriname bevinden zonder hun verblijf formeel te hebben geregulariseerd. Hij reageerde daarmee op vragen van assembleelid Ingrid Karta-Bink (NDP) over de registratie van buitenlandse staatsburgers en de druk op publieke voorzieningen. Volgens Monorath is het vraagstuk van niet-geregistreerde vreemdelingen al geruime tijd onderwerp van aandacht binnen de regering. Hij bevestigde dat het probleem niet alleen de gezondheidszorg raakt, maar gevolgen heeft op meerdere niveaus in de samenleving.

De minister noemde met name Cubanen, maar ook Haïtianen, Venezolanen en Dominicanen die Suriname rechtsgeldig binnenkomen met een toeristenkaart of via het CEA-formulier. Hoewel zij formeel toestemming krijgen om het land binnen te komen, blijkt volgens hem dat velen hun verblijfsdocumenten nadien niet in orde maken.

Grote instroom, beperkte uitstroom

Monorath wees op het verschil tussen het aantal binnenkomende en vertrekkende passagiers. Volgens hem arriveren regelmatig vluchten met 180 tot 200 Cubanen, terwijl per vlucht soms minder dan 30 personen terugkeren. Over de periode van 2019 tot heden bestaat volgens de minister het vermoeden dat zich “enkele tientallen duizenden” Cubanen in Suriname bevinden, zonder dat daar een overeenkomstige registratie tegenover staat.

De minister benadrukte dat de wettelijke procedures helder zijn. Toeristen kunnen hun verblijf verlengen en vervolgens tijdelijk verblijf aanvragen voor een periode van zes maanden tot twee jaar. Daarbij moeten zij een verzekering afsluiten en toestemming verkrijgen van de afdeling Arbeid om legaal te mogen werken. Daarna bestaat de mogelijkheid tot verlenging, permanente vestiging of zelfs naturalisatie.

Volgens Monorath hebben duizenden personen deze stappen echter niet doorlopen, wat volgens hem aanzienlijke druk legt op de staatsbegroting.

Druk op gezondheidszorg en kinderrechten

De minister gaf aan dat vreemdelingen zonder papieren zich bij ziekenhuizen melden en niet worden geweigerd, omdat Suriname een zorgstaat is. Hij wees erop dat ziekenhuiskosten kunnen oplopen tot circa 900 Amerikaanse dollar per dag. Ook bij verkeersongevallen en andere calamiteiten komen de kosten vaak indirect ten laste van de Staat.

Daarnaast uitte Monorath zorgen over kinderen van vreemdelingen die niet in het onderwijssysteem zijn opgenomen. Volgens hem leidt dat tot situaties waarin kinderen geïsoleerd blijven en Suriname mogelijk internationale verplichtingen op het gebied van kinderrechten niet volledig nakomt. Hij verwees daarbij naar overleg met betrokken instanties in verband met een rapportage die in Genève zal worden gepresenteerd.

Interministerieel overleg en beleidsvoorstellen

Monorath gaf aan dat overleg plaatsvindt tussen de ministeries van Buitenlandse Zaken, Volksgezondheid, Arbeid en Defensie om het migratie- en verblijfsbeleid beter op elkaar af te stemmen. Het visum- en toelatingsbeleid valt onder Buitenlandse Zaken, terwijl verblijf onder Justitie en Politie valt en werkvergunningen onder Arbeid.

De minister kondigde aan dat binnenkort voorstellen aan de president zullen worden gedaan in het kader van het bredere immigratie- en bevolkingsbeleid.

Met zijn beantwoording onderstreepte Monorath dat het vraagstuk van niet-geregistreerde vreemdelingen volgens hem dringend structurele aandacht vereist, zowel uit financieel als uit juridisch en sociaal oogpunt.