Een paar seizoenen geleden leek het Surinaamse voetbal een opleving te gaan beleven toen landskampioen Robinhood met een amateurstatus erin slaagde om het Caribisch kampioenschap in de wacht te slepen. De recordkampioen bond de ene profclub na de andere aan haar zegekar en legde tegen alle verwachtingen in, beslag op de felbegeerde titel. Helaas kreeg dat succesjaar van de Rood-groene formatie geen vervolg en moesten de verwachtingen spoedig bijgesteld worden. Velen hadden gehoopt dat Robinhood zou voortborduren op dat succes en zich zou nestelen in de Caribische top, maar met de snelle uitschakeling het jaar daarop, ging de hoop als een nachtkaars uit.


Hoewel de club nu een proflicentie heeft, is het niveau minder geworden, omdat enkele sterkhouders de club verlieten en er niet gezorgd is voor kwalitatieve opvolging. Dit brengt ons bij de jeugdopleiding van de clubs hier te lande. Is de opleiding van dien aard dat jeugdspelers die doorstromen ook daadwerkelijk kunnen doorbreken op senioren niveau? Of moeten clubs steeds bij de concurrent gaan ‘winkelen’ om de gelederen te versterken? Opvallend is dat steeds meer clubs buitenlandse spelers aantrekken, hetgeen een onderzoek waard is. Wenden clubs zich tot buitenlanders, omdat die genoegen nemen met een karig loon of worden de buitenlanders aangetrokken vanwege een betere kwaliteit?


Wat verder opvalt is dat clubs zich ook wenden tot buitenlandse coaches en ook hier kunnen dezelfde vragen gesteld worden. Gaat het om kwalitatief betere coaches of gaat het om coaches die een strohalm vastpakken om te kunnen overleven? De vereniging van voetbal oefenmeesters zou deze ontwikkeling nauwgezet in de gaten moeten houden en tijdig moeten inspringen om het niveau van haar leden een kwaliteitsimpuls te geven. Werk samen met Natio Nieuwe Stijl om het niveau van de coaches hier te verbeteren, zodat de spelers geleidelijk aan kwalitatief beter worden en de coaches zelf ook op een hoger niveau komen.  


Door samen te werken kan bereikt worden dat lokale voetballers worden ontwikkeld die meekunnen in de regio en tegelijkertijd kunnen coaches door de prestaties van hun club ervoor zorgen dat ze gehandhaafd worden. Eendracht maakt macht, terwijl verdeeldheid je laat inboeten aan kracht. Het staat als een paal boven water dat het Surinaamse voetbal nog lang niet op het gewenste niveau is, maar dat kan gelukkig veranderen. We hebben het voordeel dat onze familie die zich in het buitenland is gaan vestigen en zich alle facetten van het spel eigen gemaakt heeft, bereid is om daar verandering in te brengen. Laat de ego’s aan de kant en bouw samen aan een nieuwe voetbalcultuur met het accent op kwaliteit en professionaliteit, waarin zowel spelers als coaches kunnen gedijen.


Mireille Hoepel