Boek grensgeschil met Guyana, wake-up call voor Suriname
25 Nov, 04:54
foto
Het boekomslag met de Surinaamse en de Guyanese vlag.


Vandaag verschijnt Het grensgeschil tussen Suriname en Guyana-Beschouwingen over een omstreden territoriale driehoek, geschreven door oud-ambassadeur Evert Gonesh (voorheen Azimullah). Woensdagmiddag overhandigde hij op de Surinaamse ambassade in Den Haag, het eerste exemplaar aan ambassadeur Rajendre Khargi. Aan de vooravond van de publicatie van dit boek interviewde ik Evert Gonesh (84). Als docent aan de Anton de Kom Universiteit publiceerde hij in 1974 ook al over de Surinaams-Guyanese grenskwestie en in het verlengde hiervan presenteerde hij in 1977 een paper op een conferentie in Trinidad over hedendaagse trends en vraagstukken in Caribische internationale aangelegenheden.

Ambassadeur, is er een aanleiding waarom dit boek aan de vooravond van Srefidensi verschijnt?
“Hoewel toevallig, komt het wel goed uit dat het boek rond de herdenking van de onafhankelijkheid van ons land verschijnt. Het is namelijk bedoeld als een wake up call aan Suriname. In februari 1968 publiceerde de regering van Guyana een witboek over het grensgeschil. Diverse auteurs gebruikten bij een analyse van dit onderwerp het Guyanese witboek als primaire informatiebron. Daardoor is er een scheefgroei in de meningsvorming ontstaan. Zo erg zelfs dat Guyana gelóóft in zijn eigen gelijk en opeenvolgende regeringen in Suriname ervoor opteerden om de zaak steeds voor zich uit te schuiven. Kennelijk vond elke regering in Paramaribo het een te groot risico om verantwoordelijk te worden gesteld voor een eventueel verlies van het steeds geclaimde gebied”.

Nu is er al aardig wat geschreven en gepubliceerd over het Surinaams-Guyanese grensgeschil. Ik denk bijvoorbeeld aan de dissertatie van Lachman Soedamah, ook al is het alweer acht jaar geleden. Wat is nu het bijzondere aan uw boek?
“Er is van Surinaamse zijde juist nauwelijks geschreven over specifiek het Surinaams-Guyanese grensgeschil. De dissertatie ”Suriname Compleet?” van Lachman Soedamah, behandelt de grensgeschillen in een tiental Latijns-Amerikaanse landen, waaruit mechanismen van geschillenbeslechting voortvloeien, die mogelijk van toepassing kunnen zijn op de Surinaamse grensgeschillen. In september 1982 had ik op verzoek van oud-minister Harvey Naarendorp (BuZa) een eerste opzet van een Surinaams witboek opgesteld. Daarvan is niets terecht gekomen als gevolg van de crisis waarin het land daarna terecht kwam. Het bijzondere aan mijn boek is dat met gebruikmaking van archiefmateriaal uit het British Museum en het toenmalige Public Record Office in Londen en het Nationaal Archief in Den Haag, wordt ingezoomd op de problematiek met de westgrens van Suriname. Ook wordt aandacht besteed aan de volkenrechtelijke aspecten van deze kwestie ter versterking dan wel herstel van de rechtspositie van Suriname”.

Na de onafhankelijkheid van Brits-Guyana in 1966 heeft premier Burnham met de vaststelling van Robert Schomburgk dat de Coeroeni de bronrivier is, Tigri bezet. Dit, terwijl Barrington Brown jaren later na Schomburgk vaststelde dat de bovenloop van de Corantijn de hoofdrivier is. Wat heeft Nederland gedaan toen Guyana Surinaams grondgebied bezette?
“Nederland heeft in vrijwel de hele geschiedenis rond deze kwestie het eigen Nederlandse belang om vooral niet in aanvaring te komen met Engeland als leidraad gehanteerd. Ook nadat Engeland de soevereiniteit aan Guyana had overgedragen in mei 1966, kwam er onvoldoende steun zijdens Nederland, terwijl wij sedert 1954 deel waren van het Koninkrijk der Nederlanden. Nederland weigerde de in Suriname gelegerde TRIS – Troepenmacht in Suriname – naar de ‘Tigri Driehoek’ te sturen. Daarom besloot de toenmalige premier Pengel tot oprichting van de DefPol – Defensie Politie – in 1968. Maar in maart 1969 kwam de regering Pengel ten val. Een overgangsregering die nieuwe verkiezingen voor oktober 1969 moest voorbereiden, had geen aandacht voor de grenskwestie en werd Tigri op 19 augustus 1969 overrompeld door het Guyanese leger. Vanaf toen suddert het geschil al langer dan een halve eeuw voort”.

Heeft Nederland bijgedragen aan een oplossing van het grensgeschil ten tijde van de onafhankelijkheid?
“Bij de onafhankelijkheid was de issue in de grenskwestie dat Suriname eiste dat Nederland een publieke verklaring zou afleggen met betrekking tot het territoir dat aan de nieuwe Republiek zou worden overgedragen. Uiteindelijk werd in een interne, dus niet-publieke verklaring een en ander door Nederland vastgelegd, hetgeen de vraag doet rijzen naar de volkenrechtelijke relevantie daarvan”.

Suriname en Guyana hebben na 1975 het verdrag van Chaguaramas getekend. Wat was de essentie daarvan en hebben partijen zich daaraan gehouden?
“Premier Manley van Jamaica bood zijn goede diensten aan om in de ontstane problematiek na de bezetting van het betwiste gebied door Guyana te bemiddelen. In het Protocol van Chaguaramas verklaarden de premiers van Guyana en van Suriname zich akkoord om te zorgen voor een demilitarisatie van het ‘grensgebied van Guyana en Suriname in de regio van de Boven-Corantijn’, vrij vertaald: in het betwiste gebied gelegerde militairen terug te trekken. Guyana heeft daaraan tot heden geen gevolg aan gegeven”.

Wat heeft Suriname daarna gedaan, want het verdrag voorziet in een gezamenlijke Surinaams-Guyanese grenscommissie. Heeft dit iets opgeleverd?
“Suriname heeft daarna geen actie ondernomen en vaak werd volstaan met te verklaren, dat Suriname geen betwist gebied kent, want ‘Tigri is van ons’ ... en daarmee is deze nationale aangelegenheid in een impasse geraakt. Hoewel er al sinds 1966 met grote tussenpozen besprekingen tussen de Nationale Grenscommissies van de beide landen plaatsvinden, bestaat de indruk dat als gevolg van de rigide standpunten van de beide regeringen, deze commissies weinig speelruimte hebben om volkomen zelfstandig te koersen naar een oplossing”.

Sinds president Santokhi is de grenskwestie weer actueel (visvergunningen, brug over de Corantijn). Heeft de president niet te snel zijn hand uitgestoken naar zijn Guyanese collega?
“President Santokhi heeft na terugkeer van zijn bezoek aan Guyana in 2021 in de media gezegd: ‘We stoppen de grenskwestie niet weg (…) Wij moeten dit bespreken en duurzaam oplossen. We moeten leiderschap tonen en het probleem niet afschuiven en vooruitschuiven om zodoende de volgende generatie te belasten’. Welnu, met deze publicatie beoog ik enerzijds om Suriname niet alleen strategisch en juridisch een handvat te bieden, maar anderzijds ook om de door Guyana gehanteerde argumenten voor hún claim op de ‘Tigri Driehoek’ zoveel mogelijk gedocumenteerd te ontzenuwen”.

Welke weg zou Suriname moeten bewandelen voor wederzijds respect van de soevereiniteit en tegelijkertijd goed nabuurschap?
“De aangekondigde bouw van een brug over de Corantijnrivier kan een welkome aanleiding zijn tot bespreking van het grensgeschil op het hoogste niveau. De brug zal op termijn zeker een enorme ontwikkeling in beide landen kunnen genereren en ook de beide volkeren in velerlei opzicht daadwerkelijk nader tot elkander brengen. Indien we opteren voor een juridische oplossing kan het jaren duren met het risico van een winnaar en een verliezer. Daarom is het aan te bevelen dat er in een diplomatiek geven-en-nemen pakket wordt gewerkt aan een oplossing van het geschil. De elementen daartoe lijken aanwezig: enerzijds de Surinaamse eis inzake de ‘Tigri Driehoek’ en anderzijds de vurige Guyanese wens tot verlegging van de grens van de linkeroever van de Corantijn naar ergens in het midden. Zolang de angel niet verwijderd is in de bilaterale relatie, zullen wederzijdse liefdesverklaringen holle frasen blijken te zijn”.

Roy.khemradj@gmail.com

Evert. G. Gonesh - Het grensgeschil tussen Suriname en Guyana-Beschouwingen over een omstreden territoriale driehoek is uitgebracht door LM Publishers (Edam) en kost €24,50. Zie ook: lmpublishers.nl
Advertenties