Constitutionele toetsing in een democratische rechtsorde
04 Apr, 05:28
foto


"Het directe rechtsgevolg  van Besluiten van het Constitutioneel Hof is geregeld in artikel 144 lid 3 van de Grondwet dat bepaalt dat indien naar het oordeel van het Hof er sprake is van strijdigheid met de Grondwet of Verdragen, de getoetste wetten of delen daarvan of de getoetste overheidsbesluiten van rechtswege onverbindend zijn." Dat zei  Gloria Stirling, voorzitter van het  Constitutioneel Hof, in haar openingstoespraak op het seminar "Constitutionele Toetsing in een Democratische Rechtsorde."

Het Constitutioneel Hof van Suriname had samen met het Centrum voor Democratie en Rechtspleging (CDR) op 31 maart het seminar georganiseerd ter gelegenheid van het tweejarig bestaan van het Hof. Dit thema past bij de actuele vraag naar de rol van het Constitutioneel Hof  van Suriname in het staatsbestel.

Volgens Stirling dient het Constitutioneel Hof "te zorgen voor constitutionele controle en constitutionele rechtspraak in het kader van de rechtszekerheid." Ze memoreerde de tot dusver behaalde positieve resultaten sinds de instelling. Ze noemde daarbij de launch van de website waar de burgers voor actuele informatie terecht kunnen, de formele kennismaking met het staatshoofd en de Assembleevoorzitter, alsook de minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Betrekkingen en Internationale Samenwerking. In haar opsomming waren ook  de goede samenwerking met het ministerie van Justitie en Politie, het uitspreken van het eerste besluit op 22 juli 2021 inzake de Amnestiewet, en de ontvangst van een tweede – en derde verzoek tot toetsing, respectievelijk betreffende de Kiesregeling en  schending van  grondrechten van  burgers. Voor de toekomst blikt het Hof op verdere capaciteitsversterking, samenwerking met andere Constitutionele Hoven en toetreding  van Suriname tot de “Venice Commission”, en uitbouw van de  bestaande samenwerking met het Belgische Grondwettelijk Hof en het Constitutioneel Hof van Sint Maarten.

Hugo Fernandes Mendes ging in zijn inleiding chronologisch en historisch in op de ontstaansgeschiedenis van het Constitutioneel Hof, dat sinds 1975 als een staatsrechtelijk toetsingsorgaan in de Grondwet werd geïntroduceerd.  Hij gaf de belangrijkheid van dit staatsorgaan weer en stelde in zijn conclusie: "Voor een verdere uitbouw en versterking van het constitutioneel toetsingskader is institutionele versterking van dit  Hof nodig. Daartoe is het nodig de juridische expertise en talent en de beschikbare financiële middelen zo efficiënt mogelijk te besteden en te bundelen." Hij stelde ook dat een langere benoemingstermijn de onafhankelijkheid van het Constitutioneel Hof beter kan waarborgen. Het Constitutioneel Hof laat zich wél in met rechtspraak . Het doet niets anders dan wat de gewone rechter ook doet, dat is niet wetten maken, maar wetten toetsen aan de Grondwet en Verdragen.

Margo Waterval gaf een overzicht van bestaande wet – en regelgeving internationaal, mensenrechten, normen en standaarden. Ten aanzien van artikel 152 van het Wetboek van Strafrecht  (Belediging Staatshoofd) vond ze dat dit artikel in strijd is met vrije meningsuiting, internationale verdragen, en dat bij de toepassing van dit artikel rekening gehouden moet worden met proportionaliteit.

Aan het einde van de avond overhandigde de voorzitter van het CDR, Georgine de Miranda het boek 'Ontstaan en Ontwikkeling van het Constitutioneel Hof' aan Stirling. Het CDR heeft het boek uitgegeven ter gelegenheid van het tweejarig bestaan van het Constitutioneel Hof. De Miranda hoopt dat de universiteit en andere overheidsinstanties het boek goed gebruiken en "zodat zij zich ook dit deel van de rechtsgeschiedenis eigen kunnen maken."

Assembleevoorzitter Marinus Bee, Adjai Moensi als vertegenwoordiger van het Kabinet van de President en  Sharma Lakhisaran als vertegenwoordiger van de minister van Justitie en Politie hebben het seminar onder andere bijgewoond.
Advertenties

Monday 30 January
Sunday 29 January
Saturday 28 January