Brunswijk: Wet verworden tot tandeloze tijger
30 Oct 2019, 02:17
foto
Ronnie Brunswijk, lid van de commissie van rapporteurs, levert kritiek op de wetswijziging. (Beeld: DNA)


"Voorzitter, één ding weet ik zeker: onze regering probeert de ezel tot een zeer intelligent dier te promoveren. Want zelfs de ezel stoot zich niet tweemaal aan dezelfde steen". Deze conclusie trekt Ronnie Brunswijk, lid van de commissie van rapporteurs wijziging 'Wet op de Staatsschuld'. Hij heeft opgesomd waarom de Wet op Staatsschuld reeds enorm aan kracht ingeboet heeft. Met de aanname van dit initiatiefvoorstel wordt de wet een tandeloze tijger, meent Brunswijk. De ABOP is vierkant tegen de wijziging van de wet. 

Het Assembleelid geeft een historische beschouwing over hoe schulden zijn ontstaan. 
- Bij de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 waren er nauwelijks schulden. Nederland had vooraf een belangrijk deel van de schulden kwijtgescholden. De omvang van de schuldpositie was niet bedreigend voor de economie.
- Het aangaan schulden begon na 1983. De monetaire reserve was uitgeput en de ontwikkelingshulp stopgezet. Door monetaire financiering van overheidstekorten door de Centrale Bank, nam de binnenlandse schuld toe. De buitenlandse schuld nam toe via credit lines en leningen bij onder andere Brazilië; bijvoorbeeld in verband met de Para Industrie bedrijven. 
- Tijdens de regering Wijdenbosch-Radhakisun is wederom zeer buitensporig en onverantwoord werd geleend. In feite in elke periode waarin een regering met NDP-signatuur aan de macht was. 

Achtergrond Wet 
Brunswijk staat stil bij de achtergrond van de Wet op de Staatsschuld. Door de vele leningen in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw ontstond een heel onoverzichtelijke situatie over de staatsschuld: niemand wist precies hoe groot de schuldpositie van de overheid was en wie allemaal de schuldeisers waren. Suriname was vaak ook niet in staat om de schuldverplichtingen jegens schuldeisers na te komen. Door mismanagemt zijn de Para Industrie bedrijven ten onder gegaan. De schuld van US$ 37 miljoen aan Brazilië kon niet worden afgelost. Door  achterstallige aflossing en boeterente steeg de schuld naar meer dan US$ 100 miljoen. Hij memoreert ook de PL-480 credit line met de VS die niet kon worden afgelost. Er moest iets worden gedaan aan de chaotische situatie.

In het laatste kwartaal van 2000 heeft de toen aangetreden regering Venetiaan-Ajodhia een commissie Inventarisatie Staatsschuld in het leven geroepen, die een rapport heeft uitgebracht. 
- Door het ongebreideld aangaan van schulden in de voorafgaande 20 jaren, besloot de regering een instituut in het leven te roepen dat verantwoordelijk zou zijn voor het beheren van de Staatsschuld. In 2002 is de 'Wet op de Staatsschuld' aangenomen met als doel te geraken tot een goed beheer van de Staatsschuld en het voorkomen dat het land weer in de situatie van de jaren tachtig en negentig zou vervallen. De wet was bedoeld om het volk van Suriname te behoeden voor de economische avonturen van de jaren tachtig en de tweede helft van de jaren negentig. Het waren avonturen die tot economische ontwrichting en grote armoede hebben geleid. De wetgever hoopte met deze wet, het Surinaames volk een grote dienst te hebben bewezen. Wat de regering toen niet vermoedde, was dat de wet een aantal keren zou worden gewijzigd. De veranderingen hebben thans geleid tot een verzwakking van de wet.

Wijziging Wet op de Staatsschuld
- In de 'Wet op de Staatsschuld' van 2002 zijn de bepalingen voor het vestigen, het delgen en het beheer van schuldverplichtingen ten laste van de Staat opgenomen. Een van de belangrijke richtlijnen in deze wet, is het niet overschrijden van de vastgestelde obligoplafonds, welke in 2002 werden vastgesteld op 15%, 45% en 60% van het laatst-gepubliceerde nominale bruto binnenlands product voor respectievelijk de binnenlandse, buitenlandse en de totale schuld. 

- In 2011 werden het binnenlandse- en buitenlandse schuldplafond aangepast naar respectievelijk 25% en 35%, terwijl het totale schuldplafond op 60% bleef.
 
- In april 2016 werd de definitie van zowel de bruto Staatsschuld als de netto Staatsschuld gewijzigd. Dit was een zware aantasting van de wet en was dus tegen de geest van de wet. Door deze aanpassing kreeg de minister van Financiën ruimte om meer te lenen. De internationale definitie gaat ervan uit dat er slechts sprake is van schuld bij een uitstaande lopende schuld, waarop in de toekomst betalingen uit hoofde van aflossingen en/of interest moeten worden gedaan. In dat kader werd de zinsnede in de nationale definitie “de nog niet opgenomen bedragen van gecontracteerde schuld” verwijderd uit de Wet op de Staatsschuld. 

- In december 2016 verleende De Nationale Assemblee een machtiging voor afwijking van de buitenlandse en totale obligoplafonds voor de Staatsschuld ter waarde van US$ 235 miljoen voor infrastructurele werken. Ook met deze wijziging heeft de Wet op Staatsschuld aan kracht ingeboet. 

- In 2017 werd de Wet op de Staatsschuld opnieuw gewijzigd, waarbij artikel 3a werd toegevoegd. Hierin is opgenomen dat indien een negatieve groei van het nominale bruto binnenlandse product en/of stijging van de wisselkoers leidt tot een stijging van de Staatsschuld ten opzichte van het bruto binnenlands product, de minister van Financiën bevoegd is het wettelijk obligoplafond voor de totale schuld te overschrijden. In dat geval kan het begrotingstekort in het eerste jaar maximaal 6,5% van het nominaal bruto binnenlands product bedragen en in de daaropvolgende vier jaren kan dit tekort tot maximaal 5% oplopen.
- Nu wordt een initiatiefvoorstel ingediend waarbij de weg wordt geplaveid voor nog meer leningen; dit terwijl de focus van de regering en de indiener van het initiatiefvoorstel zou moeten zijn op het aflossen van bestaande leningen en het terugbrengen van het gigantisch begrotingstekort.

Conclusie ABOP
"De bittere lessen uit de jaren tachtig en de tweede helft van de jaren negentig van de vorige eeuw is niet tot alle politici en politieke partijen doordrongen. We verkeren thans weer in een situatie waarbij wij het leven ondragelijk zullen maken voor een groot deel van dit volk. Er zijn politici die het tot hun werk hebben gemaakt om dit volk steeds weer te storten in een heilloos avontuur en die nooit de verantwoordelijkheid op zich nemen van de funeste gevolgen van hun handelingen. In feite is NU de tijd om ons strak te houden aan de bepalingen van de wet. Dan zou er sprake zijn van good governance! Dan zou er sprake zijn van goed leiderschap! Maar nee, we kiezen ervoor om in het verkiezingsjaar ongecontroleerd te lenen voor showprojecten," benadrukt Brunswijk. 

"Na 4 jaar wanbeleid heeft de NDP de showprojecten nodig om de grote terugval enigszins te stuiten. Het maakt de NDP daarbij niet uit of Suriname wederom in een diepe financiële crisis belandt na mei 2020. Triest! Zeer triest! De verdere verhoging van de schuldenlast van dit arme vol is misdadig; en daarom zal de ABOP zich verzetten tegen elke poging om de Wet op de Staatsschuld verder uit te hollen. De hele samenleving kijkt naar ons; voornamelijk naar de NDP, HvB en BEP. Wat gaan jullie doen? De hele gemeenschap is tegen de wet. De VSB als werkgeversorganisatie heeft zich uitgesproken; vakcentrales hebben zich uitgesproken; de bankiersvereniging is ook tegen de wijziging, de vereniging van economisten en andere maatschappelijke groepen zijn tegen de wet. Zijn we doof geworden voor de stem van het volk?" vraagt de politicus zich af. 
Advertenties