Het gerestaureerde huis Berkenveld.
"Mooi, mooi, fris", glimlacht Hildegonda Berkenveld terwijl ze met haar handen over de crèmekleurige wanden strijkt. De 83-jarige onderzoekt persoonlijk elke kamer van het gerestaureerde huis aan de Julianastraat 56. Zij heeft er haar leven lang in gewoond. Het historische pand is na een jaar van werkzaamheden opgeleverd door stichting Stadsherstel Paramaribo. De missie van de stichting is het behouden van gebouwen met een historische waarde.

Het huis van de familie Berkenveld is een van de eerste zelfgebouwde panden in de Pastoor Bakadyari zoals de omgeving vroeger genoemd werd. Het staat er sinds 1922 en was in hout opgetrokken. De familie had vier kinderen van wie Hildegonda nog in leven is. Sinds 2003 zocht zij hulp bij allerlei organisaties om het toen vervallen huis op te knappen. Zij kreeg elke keer nul op het rekest maar die "taaie vrouw heeft nooit opgegeven", vertelt Stephan Fokké, voorzitter van Stadsherstel Paramaribo. "Zij bleef zoeken ondanks haar leeftijd en terwijl ze er onder erbarmelijke omstandigheden woonde."

Een stukje geschiedenis
Het huis heeft twee verdiepingen. Berkenveld verbleef op de begane grond, omdat de toegang tot de etages onmogelijk werd. Het toilet was buiten en het erf slecht verlicht. De linkergevel was op een gegeven moment ingezakt. De stichting heeft pas een jaar geleden alle mogelijkheden gehad om aan de slag te gaan. "Er zijn zoveel gebouwen met elk een stukje geschiedenis", geeft Fokké aan. "Zij verdienen een kans. Onze missie is om zoveel mogelijk van die panden een nieuw leven te geven."

De stichting is opgericht naar het model van Stadsherstel Amsterdam NV in Nederland. Stadsherstel Amsterdam is in de jaren vijftig van de vorige eeuw begonnen aan het behoud van het historische erfgoed. Ondertussen heeft de stichting ruim vijfhonderd panden opgekocht en gerestaureerd en in beheer. Het huis van Berkenveld is de eerste aankoop van Stadsherstel Paramaribo.

Voorwaarden
Berkenveld stelde twee belangrijke voorwaarden, voordat zij het huis van de hand deed. De woning moest verklaard worden tot historisch monument en er moest gezorgd worden voor vervangende huisvesting. Aan die voorwaarden is voldaan.
Berkenveld blijft wonen op het adres. Zij neemt haar intrek in het nieuwe huisje achter het hoofdgebouw.

'Dat kranig oud vrouwtje' is ondertussen de trappen opgelopen naar de zolder. Zij stoort zich niet aan de hoge gasten zoals de vertegenwoordiger van de Nederlandse ambassade, de voorzitter van De Nationale Assemblee, de minister van Onderwijs en Volksontwikkeling, de directeur van De Surinaamse Bank en de Amerikaanse ambassadeur, die stuk voor stuk ingenomen zijn met het resultaat. Elke hoek van het huis wordt grondig door Berkenveld geïnspecteerd. Na de goedkeuring begint zij te vertellen over wat er allemaal te zien was vanuit de ramen van de zolder. "Uit dit raam kun je echt ver zien hoor", vertelt ze. "Maar kijk die hoge stenen rommel. Ik word er zo kwaad om. Dat vind ik niet mooi."

René Gompers