Column: Kulaman Santokhi let op de rotsen
12 Jan, 00:59
foto
511 leerlingen en leerkrachten van de St Bernadetteschool juichen vijf jaar geleden tijdens hun eerste Surinaamse vlagvorming. (Archieffoto: Ranu Abhelakh)


De wittebroodsweken van de regering hebben heel kort geduurd. Al bij de benoeming van het regeerteam in juli begon de glans van de verkiezingsuitslag meteen te vervagen. En het benoemingsbeleid waarbij gekozen werd voor family, friends en partij-loyalisten in plaats van kennis en ervaring, heeft wederom getoond dat beloften tijdens de campagne, holle frasen blijven. Voor het getergde volk wederom een teleurstelling. En dat terwijl nog niet eens een kwart van de benoemingen waarmee links en rechts wordt gestrooid, in de publiciteit is gekomen. Transparantie is slechts waar de regering openheid over wil geven. Begrijpt de regering wel wat transparantie en communicatie werkelijk zijn?

Transparantie houdt in onder meer dat alle benoemingen die plaatsvinden worden bekendgemaakt. Het volk heeft het recht om te weten wie allemaal in zijn naam worden aangetrokken. Het is het volk dat ten slotte de salarissen - onder andere door belastingen - ophoest waarmee deze 'dienaren van het volk' worden betaald. Dat geeft het volk het recht om te oordelen of de benoemde mensen zichzelf redden of het land. Het heeft er alles van dat de regering zich schaamt voor de personen die worden geplaatst in functies. Daarom worden de meeste namen niet gepubliceerd. Waar is dan het schaamtegevoel van de benoemde mensen die worden geplaatst zonder dat zij daar de capaciteiten voor hebben, waar er geen sprake is geweest van een eerlijk benoemingsproces? Het zou de mensen in kwestie sieren om een voorbeeld te nemen aan podiumkunstenaar Tolin Alexander.

Tijdens alle regeerperiodes is er onvrede en nemen mensen hun recht om te protesteren. Mensen die nu in de coalitie zitten, hebben ook flink wat protesten ondersteund. Dat moeten ze vooral niet vergeten. Diverse groepen mensen zijn zaterdag op de been gebracht. Geëist wordt dat Chan aftreedt. De gang naar het IMF is ook een reden voor mensen om de straat op te gaan. Iedereen die ontevreden is, heeft het recht om dit kenbaar te maken. Maar in de tijd waarin wij nu leven, een tijd van beperkingen door de heersende Covid-19-uitbraak, is het heel onverantwoord om te doen alsof er niets aan de hand is en in groepen bij elkaar te komen. Protesteren zonder de afstand van 1.5 meter en het goed opdoen van een mond-/neusmasker kan absoluut niet. In 11 dagen tijd in het nieuwe jaar, zijn er al 17 Covid-19-doden te betreuren en het einde van het leed is nog niet in zicht. Dat is een gegeven dat geen enkele Surinamer kan ontkennen.  

Maar een protest is een teken. Een teken waar de regering er goed aan doet dit niet te negeren en te bagatelliseren. Veel mensen hebben het ontzettend moeilijk op dit moment. Velen kunnen niet eens werken door de Covid-19-situatie. Kleine zelfstandigen die hun hoofd boven water moeten houden met dagelijkse karweitjes. Landbouwers die hun producten niet kwijt kunnen, terwijl de inputs alleen maar duurder worden. Mensen die twee en drie baantjes hadden om de eindjes aan elkaar te knopen. Hulpjes in de huishouding. Het gaat om heel veel mensen. Veel van deze mensen die ontevreden zijn en anderen, komen niet eens op straat. Zij lijden in hun eigen omgeving en proberen hoe dan ook te overleven, hoe immens moeilijk dat ook is.

Voor velen heeft het totaal geen zin om achter mensen aan te lopen die van links naar rechts zwalken en weer terug. Het vertrouwen in politici die veel hadden beloofd, maar tot nog toe weinig hebben waargemaakt, is behoorlijk geslonken. De oppositie van nu, die tien jaar coalitie was, heeft er een potje van gemaakt. De rassentimenten die nu worden bespeeld, brengen het land terug in de jaren zeventig van de vorige eeuw. Suriname heeft niet alleen een economisch probleem, maar de verdeeldheid die aan het ontstaan is en wordt gevoed, is vele malen erger. De etnische snaar bespelen - gevoed door het benoemingsbeleid van de regering - zal het land in de afgrond doen belanden.

Duidelijk moet zijn dat we allemaal in één korjaal zitten met als president Chan Santokhi als kulaman. Als de kulaman de korjaal niet over de onstuimige sula's weet te voeren, verzuipen we met z'n allen. Dan zal niet worden gekeken wie op wie lijkt, verdrinken zullen we allemaal. Het is daarom als regering en als volk -elk individu- te kijken in landen waar rassentimenten het land naar de verdoemenis brengen. Buurland Guyana en Big Brother weten het maar al te goed. President zorg en koester de bromtji dyari. Burgers wij leven in een en hetzelfde land, met een en hetzelfde doel, een goed en welvarend leven voor ons en onze nakomelingen. We doen er goed aan inhoud te geven aan 'waar wij ook vandaan kwamen, wi sa feti gi Sranan!

Nita Ramcharan
Advertenties