Governor CBvS krijgt ‘mission impossible’
02 Jan, 10:33
foto


In plaats van een onafhankelijk instituut is de Centrale bank van Suriname (CBvS) in de afgelopen jaren meer gebruikt als ‘politieke werkarm’ van de overheid met de morele taakstelling om te zorgen voor de financiering van de operationele activiteiten van de regering en daarmee voor de noden van de Surinaamse bevolking, tenminste zo moet de redenering zijn geweest. De CBvS is sinds 2015 technisch failliet, heeft nauwelijks deviezenreserves en een ernstig beschadigd imago. Dat is de erfenis waarmee Maurice Roemer bijna een jaar geleden aan de slag ging als governor. 

Door teruglopende inkomsten en structureel te hoge uitgaven heeft de Surinaamse overheid in de afgelopen jaren richting bedrijven die voor haar werkzaam waren regelmatig een situatie doen ontstaan van wanbetaling. Om toch aan de benodigde betalingscapaciteit en deviezen te komen werd- naast het aangaan van leningen bij de banken in Suriname- de kasreserveverplichting die banken moesten aanhouden bij CBvS verlaagd en daarbovenop nog geruild tegen SRD die weer (verplicht) moesten worden geïnvesteerd in schatkistpapier van de overheid. De Centrale Bank gebruikte de ontvangen dollars echter niet om de valutakoppeling te behouden maar de deviezen kwamen beschikbaar als werkkapitaal van de overheid. Het resultaat was een web aan wederzijdse financiële verplichtingen tussen de overheid, de CBvS en de banken.

Piramidespel is geëindigd
Net als een piramidespel hield het systeem stand zolang er een constante aanvoer van nieuw geld - ook uit de parallelle economie - aan de basis was. Met steeds voldoende verse cash uit de informele sfeer kon de reële economie worden gedragen zonder daarvoor structurele aanpassingen te hoeven doen. Dat ging lang goed, tot 17 april 2018, de dag waarop het Openbaar Ministerie Noord-Holland op Schiphol beslag liet leggen op een geldzending van 19,5 miljoen euro van de CBvS die onderweg was naar de Bank of China. Het garanderen van probleemloos (internationaal) betalingsverkeer door enerzijds (overschotten) euro’s af te storten en anderzijds US-dollars te krijgen kwam met het stopzetten van de geldzendingen abrupt in de problemen.

De daaropvolgende schaarste aan fysieke US dollars door het niet meer kunnen verschepen van euro banknotes naar China om deze te converteren naar US-dollars (valuta swap) is tot vandaag onder andere merkbaar aan de verdere depreciatie van de SRD tegenover de US-dollar. Het tekort speelt valuta speculanten in de kaart omdat die gebaat zijn bij fluctuerende koersen. Een van de oplossingen voor het tegengaan daarvan wordt door de huidige regering daarom toegerekend aan de Centrale bank door een ‘hard optreden tegen speculatie’ te eisen van de governor. 

Opbouwen van publiek vertrouwen
De Governor wordt met deze instructie echter geconfronteerd met een ‘mission impossible’ aangezien de CBvS niet beschikt over de mankracht, middelen en de juiste governance structuur om uitvoering te geven aan een dergelijke politionele functie. De governor heeft een uitgehold instituut overgenomen met een fragiele balans en een ontoereikende deviezenvoorraad. Op de korte termijn zijn inspanningen van de CBvS om een rol te spelen in het beteugelen van de wisselkoersproblematiek daarom contraproductief.

De focus van de governor op het herwinnen van het vertrouwen in het monetair-financieel systeem in Suriname door het instituut te positioneren als dienstbaar, stabiel, rechtvaardig en legitiem zullen eerder vruchten afwerpen, mits voldoende steun blijkt aan de CBvS, in het streven van de regering naar de versterking van alle instituties. Immers zullen andere landen en correspondent banken bij voldoende vertrouwen in de uitvoering van toezichthoudende taken door de Centrale bank hun medewerking willen verlenen aan internationale geldtransacties en -transporten.

Herkapitalisatie van CBvS
Surinamers dreigen intussen ongeduldig te worden nu de eerste positieve resultaten onder de regering van president Santhoki/Brunswijk in hun perceptie uitblijven. In de urgentiefase waarin de huidige regering momenteel zit, is echter de bewuste keuze gedaan om de nadruk te plaatsen op het ondervangen van de directe negatieve effecten op een groot deel van de Surinaamse bevolking en het terugdringen van de operationele uitgaven van de overheid.

In de stabilisatiefase van de regering die over enkele maanden aanvangt met de herschikking van de staatsschuld en het vrijkomen van middelen zou als onderdeel van de oplossing voor de wisselkoersproblematiek, meer politiek draagvlak daarvoor, een substantiële kapitaalinjectie aan de Centrale Bank door de overheid mogelijk maken. Dat gaat voor een gedeelte ten koste van de op korte termijn benodigde middelen voor het stimuleren van de economie maar het versterken van de bankbalans en de deviezenvoorraad kunnen een belangrijke bijdrage zijn aan het verder uitbouwen van de effectiviteit van de Centrale bank in het monetair-financieel systeem. Het brengt een ‘Mission Accomplished’ voor de governor in 2025 of zoveel eerder in ieder geval een stap dichterbij.

Ashvin G. Gonesh
De auteur is (financieel) jurist en bedrijfskundige te Rotterdam

Advertenties