De Reflexiviteit van Suriname(rs)
05 Jun, 08:36
foto


For there comes a time, where silence means betrayal” (er komt een tijd waarbij zwijgen hetzelfde is als verraad), luidt een bekende uitspraak van Dr. Martin Luther King, Jr. Uit deze uitspraak kan men de afwijzing van het verzwijgen van of de ogen sluiten voor kwaad, zoals onrecht en dictatuur, afleiden. Contextueel bekeken, behoeft deze uitspraak wat nuancering blijkens de resultaten van de recente verkiezingen.

Kort gezegd, is de Surinaamse samenleving in de afgelopen jaren gebukt gegaan onder 'kwaad', waarbij – ondanks afkeur – enerzijds allerlei aspecten van mismanagement, corruptie, institutionele verzwakking, etc. telkenmale het nieuws haalden, en anderzijds (vaak in het verlengde van het voorgaande) belangen van personen en politieke partijen voorop werden gesteld ten koste van het algemeen belang. Nare gevolgen, zoals stijging van wisselkoersen, sluiting van bedrijven, en werkloosheidstoename, waren het gevolg hiervan en teisterden de samenleving. 

Het misnoegen hierover op social media en in persoonlijke gesprekken niettegenstaande, is het in de praktijk echter bij een handjevol protesten hiertegen gebleven die na een tijdje wegebden (zoals de 'We zijn moe' beweging en de protesten als gevolg van de kasreservediefstal), en misnoegen geuit door o.a. de Vereniging van Economisten in Suriname, Vereniging Surinaams Bedrijfsleven, etc. Protesten (langdurig en massaal), confrontaties, langdurige werkneerleggingen, en dergelijke – zoals in het buitenland, waaronder ook Guyana, Brazilië, en Frans-Guyana – zijn vooralsnog uitgebleven. Is dit de zogenaamde 'no span' onverschilligheid van de Surinamer, die geen betrokkenheid voelt bij maatschappelijke ontwikkelingen? Is dit de 'silence' die 'betrayal' is, omdat zo het kwaad gewoon zijn gang kan gaan?

Een mogelijke benadering die hierop antwoord kan geven is de dynamiek tussen absolutisme en reflexiviteit. Door de geschiedenis heen is te zien dat opzichtige machtsuitoefening veel aandacht krijgt, maar het uiteindelijk altijd aflegt tegen subtiele, maar in de tijd consistente, (contra)bewegingen, ook wel de reflexiviteit genoemd. Er is bijvoorbeeld enorm veel aandacht voor de atoombommen die gebruikt zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog en hun verwoesting (het absolutisme). Veel minder aandacht krijgen de ontwikkelingen die de gebombardeerde steden Hiroshima en Nagasaki hebben meegemaakt in de decennia erna; heden ten dage zijn deze verworden tot hoog ontwikkelde urbane gebieden met uitmuntende infrastructuur, woningbouw, dienstverlening, etc. (reflexiviteit). Een ander voorbeeld van absolutisme is de verovering van werelddelen door Djengis Khan, wat veel meer aandacht krijgt dan het langzaam uiteenvallen van dit rijk door met toenemende tegenstrijdige inzichten van zijn erfgenamen (reflexiviteit). Dezelfde dynamiek kan toegepast worden op de val van de Berlijnse Muur, en de afschaffing van Apartheid.

Wat heeft deze dynamiek nu te maken met de relatieve stilte van het Surinaams volk te midden van allerlei kwaad dat zich jarenlang heeft afgespeeld? Welnu, te zien is dat populistische regimes in Suriname allerlei showprojecten uitvoeren en hier zoveel als mogelijk ruchtbaarheid aan geven, om zodoende de publieke opinie aan hun zijde te krijgen. De media worden overspoeld met eenzijdige informatie, tegenargumenten worden weggewuifd, tegenstanders en klokkenluiders worden in de media aangevallen, en deze boodschappen worden ettelijke malen herhaald op allerlei media. Voor de verkiezingen komt daar nog eens bovenop: pakketten verdelen, grondbeschikkingen uitdelen, vlaggen plaatsen, optochten houden, gigantische billboards opzetten, en werkzaamheden die normaal tot het werkdomein van de overheid behoren met veel bombarie omkleden met een politiek jasje. Critici worden wederom als vijand afgeschilderd en wordt tegelijkertijd alles wat krom is recht gepraat. Dit is een zekere vorm van absolutisme dat wordt losgelaten over het volk.



Zoals eerder gesteld, heeft dit nauwelijks geleid tot massaprotesten. Sterker nog, kijkend naar vlaggen op straat, deelname aan rondritten, rijen voor pakketten, etc., leek het er zelfs op dat grote delen van het volk verworden waren tot de kip van Stalin: pluk alle veren van de kip tot bloedens toe, maar het dier blijft uit je hand eten.  Paradoxaal genoeg blijkt echter uit de verkiezingsresultaten dat, ondanks alle inspanningen, spiegeltjes en kraaltjes, het volk het beleid heeft afgewezen. Het volk is relatief rustig gebleven (alhoewel men wel een virtuele uitlaatklep had op social media), heeft zich blijkbaar dwars door een steeds groter wordende nood, een grotere antipathie gecreëerd jegens de regeerders, en heeft gewoon uiteindelijk rustig gewacht tot op het moment dat het hun beurt was om hun macht uit te oefenen; zie hier de reflexiviteit. Het resultaat was schijnbaar ook nog eens tot groot ongeloof van de regeerders. En, naar ik verneem, is het bovenstaande ongeveer ook nog eens een herhaling van de verkiezingen in 1987 en 2000.  

Kan er gesteld worden dat confrontaties niet echt in de aard van het volk liggen, maar wanneer de tijd daar is je de rekening gepresenteerd krijgt? Het is dan dus geen 'silence' die gelijk is aan 'betrayal', maar juist de reflexiviteit van Surinamers die heeft kunnen prevaleren boven het absolutisme. Daar mogen we best op proosten.

Danny Lachman
(Transitionista)
Advertenties