Publicatie Alihusain: Kritische overpeinzingen over Surinames buitenlandse dienst
In zijn nieuwste werk blikt Alihusain kritisch en persoonlijk terug op zijn bijna dertigjarige loopbaan bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. Zijn beschouwingen zijn scherp, feitelijk onderbouwd en bedoeld als aanzet tot beleidsmatige bezinning. Het boek bevat geen hoofdstukken, maar is puntsgewijs opgebouwd, waarbij thema’s als diplomatieke professionalisering, hulpafhankelijkheid, geopolitiek realisme en institutionele vervlakking aan bod komen.
De publicatie begint met een historische schets van Surinames vroege wens om een eigen buitenlandse dienst op te zetten. Lang vóór de onafhankelijkheid, al in 1947, werd in de Staten uitgesproken dat Suriname niet langer “aan de leiband van Nederland” wilde lopen. Op de Ronde Tafel Conferentie van 1961 in Den Haag drong toenmalig premier S.D. Emanuels aan op volledige autonomie in buitenlandse betrekkingen. “De wens van een eigen ministerie van Buitenlandse Zaken kreeg toen een ziel; het hart volgde in 1975,” schrijft Alihusain.
Sinds de onafhankelijkheid zijn er 21 ministers van Buitenlandse Zaken geweest, onder wie vier vrouwen. De auteur wijst erop dat niet alle ministers voltijds waren aangesteld, en dat het ministerie pas in 1986 een wettelijke zelfstandige status kreeg. Opmerkelijk is zijn kritiek op de recente naamsveranderingen van het ministerie in 2020 en 2025, respectievelijk tot BIBIS en BIS. Volgens Alihusain zijn deze veranderingen niet alleen taalkundig onjuist, maar ook symptomatisch voor een bestuurscultuur waarin overheidsinstellingen als “pets” – persoonlijke speeltjes – worden behandeld.
Diplomatie vraagt vakkennis
Alihusain hekelt de trend waarbij politieke loyalisten of 'sycophanten' diplomatieke posten bekleden, zonder affiniteit of expertise. “Onze presidenten en ministers van Buitenlandse Zaken moeten stoppen met het geloof dat goede diplomaten zomaar uit de lucht komen vallen,” stelt hij scherp. Hij pleit voor een fundamentele herziening van het diplomatiek apparaat, waarbij de nadruk ligt op vakmanschap, beleidscontinuïteit en digitale diplomatie.
Volgens hem heeft Suriname het tijdperk van de stoom en elektriciteit gemist, maar mag het digitale tijdperk niet aan zich voorbij laten gaan. Buitenlandse Zaken is in zijn visie niet slechts een ‘formeel’ ministerie, maar de eerste verdedigingslinie van het land, zeker in een wereld waarin geopolitieke druk toeneemt.
Hulpbeleid en geopolitiek
Alihusain uit zijn zorgen over de structurele afhankelijkheid van buitenlandse hulp en waarschuwt dat landen die voortdurend lenen, het risico lopen te eindigen als bedelaars. Suriname moet, zegt hij, leren van andere landen die door investeringen in diplomatie en strategisch beleid zijn opgeklommen tot serieuze regionale spelers.
Hij haalt ook de bezetting van Tigri aan als verloren terrein voor Suriname, vergelijkbaar met Kashmir voor Pakistan. Verder verwijst hij naar het incident in 2022 waarbij een Surinaamse minister zonder brede consultatie sprak over een ambassade in Jeruzalem – een plan dat gelukkig door president en parlement is afgewezen.
Naar een hulpgevend land
Alihusain gelooft dat Suriname, met de verwachte inkomsten uit de olie- en gassector, op termijn de transitie kan maken van een hulpbehoevend naar een hulpgevend land. “Onze diplomatie moet daarop voorbereid zijn,” schrijft hij. “We moeten stoppen met bedelen en beginnen met strategisch positioneren.”
Tot slot stelt hij dat alle buitenlandse politiek thuis begint – bij de versterking van het hoofdkantoor van Buitenlandse Zaken. Suriname moet zijn beste denkkrachten inzetten op beleid, analyse en onderhandeling – niet op prestige of façade.
De publicatie Overpeinzingen sluit aan op eerdere titels van Alihusain, waaronder Een glimp van de Surinaamse buitenlandse politiek 1975–2015, De Surinaamse Diplomatie, Groei noch Bloei, en De ambassadeurs van Suriname 1975–2015.
Vandaag
Gisteren
- SLM-vlucht naar Amsterdam geannuleerd na technisch mankement
- Column: Borrelpraat no. 934
- Gewapende overval op supermarkt Quan Tai aan Henck Arronstraat
- Cubaanse president beschuldigt VS van genocide en poging tot overname
- Simons bij terugkeer uit Engeland: 'Internationale steun cruciaal voor nieuwe economische fase'
- Het belang van een onafhankelijke Nationale Ombudsman
- Nieuw boek pleit voor mondiale Surinaamse natie en grotere rol diaspora
- Man overleden na aanrijding op kruising Latour- en Franklinweg
- De onzichtbare handen achter het moderne voetbal
- Leerkrachten pleiten voor bredere invoering van 'Het Begint Bij Mij'-programma
- Regering wil heel Suriname in 2030 voorzien van 24-uurs stroom
- Warm weer met later kans op regen- en onweersbuien
- 'Kakkerlak'-protesten India: 'We hebben het gedaan'
- Bescherm onze mangroven: het is nu tijd om in actie te komen!
- Gouddossier 3: Een jaar na de belofte: waar staat de goudsector?
Eergisteren
- Uitbreiding vrij verkeer binnen CARICOM moet meer beroepsgroepen kansen bieden
- Voetbal tussen waarneming en waardering
- Films brengen basisscholieren in contact met Franse taal en cultuur
- Voetganger overleden na aanrijding: doorgereden autobestuurder gezocht
- Derde helft WK 2026: Dank u, Thank you, Gracias
- Een kritieke ecologische en humanitaire crisis in het binnenland van Suriname
- Geiten als trofeeën
- Districtscommissariaat Paramaribo Midden verhuist naar eigen werkgebied
- Wereldbank schat schade door aardbevingen in Venezuela op $19,6 miljard
- Overwegend warm en zonning weer; later kans op buien
- Dodelijke aanrijding tussen vrachtwagen en personenauto op kruising Sumatraweg-Houttuinweg
- Ken syfilis in 2026
- Starnieuws gouddossier 2; Asabina: Regering weet wat misgaat in goudsector, maar grijpt niet in