Felle debatten wetten geldelijke voorzieningen drie machten
17 May, 05:07
foto
Cheryll Dijksteel, voorzitter van de commissie van rapporteurs, legt het belang uit van de wetten. (Beeld: DNA TV)


De debatten in De Nationale Assemblee (DNA) over de wetten die de financiële voorzieningen van de drie staatsmachten moeten synchroniseren, zijn fel geweest donderdag. Bij de discussies zijn veel vragen gesteld en opmerkingen gemaakt over de timing van deze wet en of het eerlijk is dat DNA nu komt met deze voorzieningen, terwijl ambtenaren niet rondkomen. Diverse oppositieleden vinden dit oneerlijk en menen dat de regering zichzelf accommodeert terwijl de coalitie een andere benadering heeft.

De Wet Rechtspositie Rechterlijke Macht, Wet Geldelijke Voorzieningen President en Vicepresident van de Republiek Suriname, Wet Geldelijke Voorzieningen Ministers en Onderministers en de Wet Geldelijke Voorzieningen leden en gewezen leden van De Nationale Assemblee, zijn in behandeling genomen. Onderling werden veel verwijten gemaakt van hypocrisie en het gebruiken van de wetten voor verkiezingswinst. Volgens de grondwet moet de geldelijke voorziening van de drie machten in een wet geregeld worden. Tot nu toe worden de voorzieningen voor de rechterlijke macht sinds de onafhankelijkheid, via staatsbesluiten aangepast. De initiatiefwetten zijn ingediend door Asis Gajadien (fractieleider VHP en Geneviere Jordan (ABOP/PL).

Cheryll Dijksteel (VHP), voorzitter van de commissie van rapporteurs, legde uit dat na de aanpassing van de geldelijke voorzieningen van de rechterlijke macht, alle drie machten gesynchroniseerd worden. Zij heeft in haar presentatie ook aangetoond dat de wetten ongeveer dezelfde opbouw hebben. In de voorgesprekken met deskundigen was er vooral kritiek op de hoogte van toelagen en het onbelast houden van toelagen en pensioenen. Het overgrote deel van de discussie was gericht op de geldelijke voorzieningen van leden en gewezen leden van DNA. Er is gedebatteerd over het incorporeren van non-activiteit vanwege het lidmaatschap van DNA. “Als we dat doen en willen, moeten we non-activiteit definiëren in de wet”, zei Dijksteel. Zij vindt dat dit van politieke partijen zal eisen dat ze nadenken over het niveau van kandidaten die gesteld worden voor de verkiezing van DNA. De deskundigen hebben voorgesteld om de synchronisatie als voorlopige voorziening te zien en te gaan voor een structurele oplossing door onderzoek te laten doen naar de drie staatsmachten en dat op basis van onderzoek, de voorzieningen in balans tegenover elkaar worden gesteld.

Diverse leden hebben opgeworpen dat er gesproken wordt over synchronisatie, maar dat dit ook moet doorgaan naar de ambtenaren die nu bijna niet rondkomen en dat nagegaan moet worden hoeveel dit alles de staat zal kosten. Leden van de coalitie legden de nadruk op de hervorming die deze regering durft door te voeren en dat de staatsmachten in balans moeten zijn. Jordan benadrukte dat de geldelijke voorziening pas in de volgende zittingsperiode ingaan. Evert Karto (ABOP/PL) zei dat met de synchronisatie er checks en balances worden ingebouwd om de onderlinge verhouding van de machten te regelen. “Door passende voorzieningen wordt de integriteit en onafhankelijkheid van de rechtspraak gewaarborgd. Zo is er evenwicht tussen de drie machten”, stelde hij. 

Ebu Jones (NDP) benadrukte dat hij niet tegen een verhoging is voor de rechterlijke macht, maar die voor DNA-leden een klap in het gezicht van de samenleving is. Over dubbele salarissen zei hij dat als DNA-leden om politieke redenen niet worden ingezet zij wel betaald moeten worden, maar ook als de staat een beroep doet op hun kennis. Volgens Jones moet er niet gedaan worden alsof huidige DNA-leden niet zullen profiteren van de regeling, omdat deze ook geldt voor gewezen leden. Hij bracht de forse verhoging van SRD 18.000 naar SRD 45.000 tegen de achtergrond dat er geen vereiste opleiding is voor DNA-leden en wilde weten hoe eerlijk dit is tegenover afgestudeerden die beginnen in schaal 8. 

Jones wees er ook op dat weduwen en wezen van overleden leden kunnen opteren voor respectievelijk 70% en 50% van het pensioen. “Dat betekent dat je plotseling 120% in plaats van 100% schadeloosstelling moet uitkeren. Is dit verstandig?”, wilde hij weten. Jordan merkte op dat het niet juist is dat de aanpassingen gelden voor gewezen leden. Gewezen DNA-leden komen alleen in aanmerking voor medische voorzieningen. De financiële tegemoetkoming geldt alleen voor weduwen en wezen. Volgens de wet kan een gewezen DNA-lid dat de leeftijd van 60 jaar nog niet heeft bereikt, na een zittingsperiode, op verzoek in dienst worden aangenomen en een functie van beleidsadviseur in voltijdse dienst krijgen. Jones vroeg in hoeverre het logisch is om leden die niet geschoold zijn tot beleidsadviseur te benoemen. Hij stelde ook dat indien dit geregeld zal worden, het woord ‘kan’ weggelaten moet worden, omdat hiermee de keus wordt overgelaten aan de minister.

Soerjani Mingoen (VHP) zei dat dit de eerste keer is dat deze wetten in behandeling worden genomen zoals de grondwet dat voorstelt. Zij noemde verschillende eigenschappen van de wetten bij naam, zoals dat de scheve verhoudingen tussen de machten worden hersteld en gestructureerd, maar ook dat de machten ontkoppeld worden van de loonstructuur van de ambtenarij en dat er gezorgd wordt voor transparantie en dat de financiële voorzieningen van de machten voldoen aan de eisen van de tijd. Ronny Asabina, fractieleider van de BEP, zei dat de rode draad van de wetten is orde en structuur bij de geldelijke voorzieningen van de machten. Hij zei dat deze wetten slechts een formalisatie zijn, omdat de geldelijke voorzieningen van de rechterlijke macht reeds is ingegaan. Hij is van mening dat er niet alleen opgekomen moet worden voor de belangen van DNA-leden, maar voor alle werkers bij de overheid en de private sector. Asabina is van mening dat moet worden nagegaan of de aanpassing voor DNA de staat meer of minder zal kosten. “Deze wet wil voorkomen dat we dubbele en meer salarissen hebben. Als we gaan voor fulltime parlementariër, moeten we ook een profielschets opnemen voor DNA-leden, anders zal het averechts werken”, stelde Asabina.

Niesha Jhakry (VHP) vroeg dat de bedragen voor de uitvoerende macht niet opgenomen worden in de wet, maar bij staatsbesluit geregeld worden, omdat bij een daling of stijging van de koers, DNA weer moet aanpassen. Ook vroeg zij te kijken naar bedragen van directeuren van parastatale instellingen die meer verdienen dan de president. Volgens haar moeten directieleden betaald worden aan de hand van prestaties. Jhakry zei dat het werk als DNA-lid het minst gewaardeerde werk is. Het is volgens haar tijd om zaken goed te regelen voor alle machten. De vergadering werd verdaagd naar een ander tijdstip.
Advertenties