In Memoriam viool virtuoos Antonius Khemradj
24 Aug, 02:47
foto
Antonius Nandkisoen Tonny Khemradj.


Gistermiddag vond de crematie plaats van Antonius Nandkisoen Tonny Khemradj. Hij overleed op zaterdag 17 augustus, geheel onverwacht op 82-jarige leeftijd. Tonny heeft ruim 31 jaar gewoond in Huize Albertine aan de Jagernath Lachmonstraat. In de Hindostaanse muziekwereld van de jaren ’50 en ‘60 in Suriname, maakte hij furore als begenadigd violist en mandolinespeler in het toen heel populaire Gemini Orchestra

Nog steeds roemen vele, nu oudere Hindostanen, die toen zangers, bezoekers van optredens, maar vooral muzikant waren, in groepen als Indian Orchestra, Jagriti, Wadia Stars en Viná Orchestra, zijn naam. Als die in een gesprek valt – ‘wie is Tonny Khemradj van je?’ – dan komen de verhalen los. Ook in Huize Albertine was hij met zijn viool en zijn mandoline en zelfs op de piano die er vroeger was in de gemeenschappelijke ontmoetingsruimte, de sfeermaker bij activiteiten voor de bewoners. Ook daar heeft hij een onuitwisbare naam achtergelaten – de verslagenheid was groot toen het personeel het bericht van zijn overlijden vernam.

Club en muziekschool Rajpur
Als jongeman was Tonny elke middag in het clubgebouw van Rajpur aan de Mahonylaan te vinden. Hij was de sleutelbeheerder en regelde alles voor de club als er bijvoorbeeld een toneelopvoering zou plaatsvinden. De pastoor van Rajpur had muziekinstrumenten uit Nederland gedoneerd gekregen en in 1954 werd de club een muziekschool waar de Hindostaanse jongeren een instrument konden leren spelen. Tonny omarmde de viool en kreeg les van Emile de la Fuente en van frater Orantus van Doorn. Hij kreeg ook les van ene meneer Jacott in het bespelen van de mandoline.  De heer Jacott was zó onder de indruk van het improvisatietalent van Tonny dat ze vaak samen jamden. Ook voor de piano draaide Tonny zijn hand niet om – hij kreeg les van de organist van de Rajpurkerk, Johan Busropan. Maar uiteindelijk werden viool en mandoline zijn metgezel in het leven.

Antoon Panday, bassist in het Gemini Orchestra, heeft het talent van Tonny meegemaakt. “Het was Harry Mohanlal, hij leerde op Rajpur accordeon spelen, die het initiatief nam om met een paar jongens, waaronder Tonny en ik, naar buiten te treden.  Zo is in 1955 het Gemini Orchestra ontstaan. We oefenden onder het huis bij de familie Ramdien aan de Mahonylaan en als Tonny aankwam vroeg hij altijd eerst om een ‘hartversterker’ – een borrel, voordat hij ging spelen. Onder de Hindostaanse muzikanten was Tonny de beste violist en de bekwaamste musicus die zijn improvisaties snel in partituren kon schrijven. Een populair Indiaas nummer waar hij op zijn viool excelleerde was Ek pyar ka nagma hai uit de film Shor dat met een vioolsolo begint.”

Op de website van het Sarnámihuis staat een column van Jan Soebhag over de violist Cait Ganga, die vertelt dat hij als 17-jarige jongen zijn eerste echte viool kocht en daarna op zoek ging naar iemand om hem les te geven. Ganga: “Op een feestje vlak tegenover de Centrale Markt aan de Waterkant zag ik de musici Harry Mohanlal met accordeon, Tonny Khemradj met viool en andere muzikanten. Ik stapte gelijk naar de heer Khemradj en vroeg hem of hij mij viool kon leren bespelen. De heer Tonny Khemradj stemde toe en ik ging te voet vanuit de Hernutterstraat naar de Wicherstraat om viool te leren bespelen. Voor mij was dat ook een ramp, omdat ik na het heengaan van mijn ouders, bij mijn zwager inwoonde aan de Hernhutterstraat. En om vandaar te lopen naar de Wicherstraat was het te ver. Dus na enkele keren ging ik niet meer naar de heer Khemradj voor de oefeningen.” 

“Op de muziekschool speelde Tonny ook met gemak de klassieke composities van Bach, Mozart en Händel op zijn viool. Pater Aalders van de Rajpurkerk was hier zó van onder de indruk dat hij Tonny een conservatoriumopleiding in Nederland voorhield”, aldus de heer Panday. Ook andere mensen vonden dat Tonny naar Nederland moest want hij was een creatieve genie. Naast muziek was hij ook geïnteresseerd in levenswijsheid, las boeken over filosofie en psychologie en uitte zijn gedachten in woord en geschrift in ongekend zuiver klassiek Nederlands – men zei dat hij hoogdravend sprak. Dit had hij geleerd met een schriftelijke cursus letterkunde van de Leidse Onderwijs Instelling, waarvoor hij zelfs een cum laude diploma ontving. Naar Nederland gaan, is er om diverse reden nooit van gekomen. Dat frustreerde hem en bovendien werd Tonny ook nog ziek.

Huize Albertine
In de zeventiger jaren ging hij door een moeilijke fase in zijn leven dat gekenmerkt werd door bipolaire stoornissen die steeds erger werden. Na een langdurig behandeltraject in ’s Lands Psychiatrische Inrichting kwam hij weer thuis bij zijn ouders en een nog inwonende zus. Nadat zijn ouders overleden waren en zijn zus met haar twee kinderen naar Nederland vertrok, werd Tonny weer lange tijd ziek – nu kampte hij met maagproblemen. Na zijn herstel zorgde de familie ervoor dat hij in 1988 een nieuwe ‘thuis’ kreeg in Huize Albertine, het ‘Rustoord en Tehuis voor Ouden van Dagen’. Maar Tony – daar werd hij op z’n Engels aangesproken – was nog helemaal niet bejaard met zijn 51 jaar! Hij ontpopte zich als een manusje van alles. 

Tonny kende iedereen en iedereen kende Tonny. Hij haalde de boodschappen voor de bewoners die niet mobiel waren en als Tonny zag dat het niet goed ging met een bejaarde, liep hij helemaal naar voren om de zusters te waarschuwen. “Hij was een sociaal mens en gaf wijze levenslessen. Vlak voor zijn verjaardag op 21 januari vroeg hij mij een kalender voor zijn kamer. Niet mondeling ... Nee! Hij schreef mij een officiële brief dat hij een kalender als cadeau voor zijn verjaardag wilde hebben”, aldus de maatschappelijk werkster.

Op zijn levenspad in Huize Albertine ontmoette hij jaren geleden Maggie Teixeira die zijn naaste buurvrouw werd. Tonny en Maggie deelden en deden alles samen – ze waakten over elkaar. Mevrouw Teixeira overleed in december 2015 – ongeveer 80 jaar is zij geworden. Daarna had het leven voor Tonny geen zin meer. Hij bleef verdrietig omdat zijn Maggie er niet meer was en Tonny ging in kwaliteit van het leven achteruit. Op 28 augustus aanstaande zou Antonius Nandkisoen Tonny Khemradj, precies 31 jaar hebben gewoond in Huize Albertine. De oudste bewoner, niet in leeftijd, maar in tijd.

roy.khemradj@gmail.com

Tuesday 17 September
Monday 16 September
Sunday 15 September