Vosov pleit voor een beter georganiseerd openbaar vervoer
15 Aug, 00:00
foto
Suraj Sahadew-Lall, voorzitter van Coöperatieve Vereniging voor de Ontwikkeling van het Surinaams Openbaar Vervoer (rechts) en adviseur Anand Biharie op een persconferentie. (Foto's: René Gompers)


Openbaar vervoer dat betrouwbaar, efficiënt, bij de tijd, betaalbaar en onafhankelijk is van de overheid. Dat is wat de Coöperatieve Vereniging voor de Ontwikkeling van het Surinaams Openbaar Vervoer (Vosov), een nieuwe bushoudersorganisatie, wil waarmaken. De organisatie telt ondertussen al 361 geregistreerde leden. Voorzitter Suraj Sahadew-Lall en adviseur Anand Biharie, hebben op een persconferentie meer informatie verschaft over Vosov. 

Vosov wil anders dan de Particuliere Lijnbushouders Organisatie (PLO), concrete veranderingen brengen, wordt er benadrukt. Een gedegen en diepgaand overleg met de overheid is noodzakelijk, geven Sahadew-Lall en Biharie aan. De PLO is er volgens hen na 30 jaar niet in geslaagd om de positie van de bushouders te verbeteren. Het is gebleven bij periodieke gesprekken over brandstofsubsidie, die overigens niet meer toereikend is en vaker laat wordt uitbetaald. Daarnaast gebeurt het uitbetalen van de subsidie aan de leden op een onbehoorlijke manier, meent Sahadew-Lall. Het geld wordt gestort op rekeningen van enkele leden die het daarna distribueren. Sahadew-Lall vindt dat “onkan” en “ondernemersonvriendelijk”. De uitbetaling dient rechtstreeks te geschieden, pleit hij. De bushouders mogen ook het tarief niet verhogen terwijl de SRD devalueert, de brandstofprijs, vervangings- en onderhoudskosten stijgen. Aanschaf van onderdelen is ook moeilijker geworden, omdat onderdelen geïmporteerd moeten worden. 

Vosov wil een transparant vergunningenbeleid, goed uitgedachte routes gebaseerd op aanwas van passagiers in bepaalde gebieden. Bussen moeten overal en elk uur te vinden zijn. Daarvoor wil Vosov ook een ‘app’ hebben waarop te zien is welke bussen, waar en hoe laat te pakken zijn. Het bussenpark is ook aan vervanging toe. De gemiddelde bus is 30 jaren oud en wordt al niet meer gebouwd. Een nieuwe bus kost al gauw rond de US$ 80.000. Daarom wil Vosov een investeringsfonds voor de bussector. Vosov heeft ook graag dat onderdelen invoerrechtenvrij worden binnengehaald. Er moet ook een fonds voor de chauffeurs komen. De bestuurders van bussen moeten ook een beter gedrag aan de dag gaan leggen. Dit alles moet gaan maken dat het vertrouwen in openbaar vervoer toeneemt en het publiek dan vaker gaat kiezen om te bussen, stelt Sahadew-Lall. 

Momenteel hebben de bussen last van het toenemend aantal auto's op de weg. “Er zijn nu meer files en er is minder aanwas van passagiers, maar er worden continu nieuwe vergunningen uitgegeven,” deelt hij mee. De overheid zal haar deel ook moeten doen. “We betalen wegenbelasting, maar merken er weinig van.” Onafhankelijkheid van de overheid is de beste manier om te opereren, benadrukt Sahadew-Lall. “Voor elke tariefsverhoging is er eerst politieke bemiddeling nodig,” merkt hij op. “Op dit moment kan busvervoer als een politiek speelbal gebruikt worden. De tarieven zullen niet aangepast worden om zo de kiezers zoet te houden,” concludeert Sahadew-Lall. “Een onafhankelijk openbaar vervoer zal ook maken dat de overheid duizend keer gaat nadenken voordat ze aan devaluatie en ontwaarding gaan doen. Want het gaat doorwerken naar het volk. Ritten gaan duurder worden. De regering zal verplicht zijn om een goed beleid uit te voeren.” 

Sahadew-Lall heeft sinds 2016 geprobeerd om de PLO op andere gedachten te brengen over het lot van de leden, haalt hij aan. Hij was de leider van de actiegroep Surinaamse Bushoudersorganisatie. Maar dat heeft niet mogen baten. Met Vosov wordt het probleem op een andere manier benaderd. Het beleid wordt mede op basis van data over de bussector uitgezet. Maar het ministerie van Openbare Werken, Transport & Communicatie heeft bepaalde informatie niet, of wil het niet delen, merkt Sahadew-Lall op. Het is bijvoorbeeld niet duidelijk hoeveel bussen er landelijk actief rijden. Er zijn wel 1200 busvergunninghouders. Maar sommigen hebben meer dan drie bussen.

Een gesprek met de overheid is noodzakelijk, benadrukt Biharie. “Vanwege de daling van de koopkracht vanaf 2010 tot en met 2018, en daarmee gepaard gaande verarming van ook de bushouders, de waardedaling van de SRD en vanwege de stijging van de brandstofkosten en invoerprijzen van onderdelen, incasseren de buschauffeurs een zware aantasting van hun netto verdiende inkomen. Kortom, er is een dringende noodzaak voor overleg met de regering.” Vosov heeft een maand geleden een gesprek met OWT&C minister Vijay Chotkan aangevraagd. Er is nog geen antwoord gekomen “omdat de minister het blijkbaar erg druk heeft,” delen Biharie en Sahadew-Lall mee. 

René Gompers

Sunday 25 August
Saturday 24 August
Friday 23 August